Curaçao wachten pijnlijke ingrepen

Jose Jardim bewaakt in het nieuwe zakenkabinet van Curaçao de financiën. Harde ingrepen wachten het eiland. Herstel van vertrouwen is essentieel.

WILLEMSTAD - (Onderste rij vlnr) Daniel Hodge, Adele van der Pluijm-Vrede, Steven Martina, (2e rij vlnr) Ben Whiteman, Rubia Bitorina, Nelson Navarro, (3e rij vlnr) Earl Balborda, Sherwin Josepha, José Jardim, (bovenste rij vlnr) Etienne van der Horst, Raoul Henriquez en Roy Pieters, na de installatie van de nieuwe ministersploeg. ANP COPYRIGHT PRINCE VICTOR

Curaçao heeft op de valreep van 2012 een nieuw kabinet gekregen. Op de laatste dag van het voorbije jaar beëdigde de waarnemend gouverneur de regering-Daniel Hodge: een zakenkabinet met vakministers. Zes maanden krijgen ze van het parlement om forse bezuinigingsmaatregelen in gang te zetten. Daarna wil de politiek het bestuur van het land weer overnemen.

Belangrijk man in de nieuwe regering is Jose Jardim (39), de minister van Financiën. Zijn kamer ligt op de vierde verdieping van zijn ministerie en kijkt uit over hartje Willemstad. Jardim begon hier in 1997 als algemeen econoom en klom onder verschillende regeringen in de organisatie op. Uiteindelijk werd hij onder de regering van Gerrit Schotte benoemd tot secretaris-generaal, de hoogste ambtenaar op het departement. Het was na de schuldsanering door Nederland, en Schotte mocht financieel met een vrijwel schone lei beginnen beginnen. Jardim was getuige van de dramatische koers die zijn minister, George Jamaloodin, voer.

Nu mag Jardim Curaçao uit het slop halen. Hij lijkt daartoe de aangewezen man: afgelopen jaar promoveerde hij in Lissabon op de relatie tussen sanering van overheidsfinanciën en de informele economie. En als geen ander weet hij wat er mis ging onder twee jaar Schotte. „Er lag een pakket aan maatregelen voor 10-10-10, de datum waarop de Antillen ontmanteld werden. Het was toen al duidelijk dat als Curaçao zijn problemen met pensioenen, gezondheidszorg en onderwijs en de grootte van het ambtenarenkorps niet zou aanpakken, het beoogde resultaat van de schuldsanering door Nederland zou uitblijven. Maar de regering van Schotte miste de regie”, zegt Jardim.

Hij wil het liever niet hebben over zijn minister destijds. Maar na enig aandringen geeft Jardim toe dat het grootste probleem was dat Jamaloodin het probleem niet onderkende. Alle ambtelijke adviezen ten spijt wilde hij niet inzien dat het land bankroet dreigde te gaan. „En problemen die niet bestaan, los je ook niet op”, aldus Jardim.

In april trok de secretaris-generaal zijn conclusies en diende zijn ontslag in. „Ik stond machteloos en wilde zo niet langer doormodderen. Als er niet geluisterd wordt, moet je opstappen. Tot mijn verrassing werd mijn ontslag opgepikt als signaal.”

Ook Nederland maakte duidelijk dat de maat vol was. Het gaf het bestuur van Curaçao opdracht de begroting aan te passen. Jardim besloot te blijven. Kort daarna viel de regering en werd hij gevraagd voor het interim-kabinet van Stanley Betrian. In de plaats van zijn minister van Financiën.

Jose Jardim is de enige die nu als vakminister is blijven zitten. De afgelopen maanden heeft hij vriend en vijand ervan geprobeerd te overtuigen dat verder uitstel van de maatregelen die al in 2010 waren gepland, zal leiden tot vastlopen van ’s lands economie. „Bij ongewijzigd beleid zal Curaçao deze zomer al niet meer in staat zijn leveranciers te betalen of ambtenarensalarissen. Er is een tekort van 130 miljoen euro, dat snel groter wordt. Nu is dat 5,5 procent van het bruto binnenlands product. Als je niets doet, is dat over vier jaar 8 procent.”

Jardim vindt wel dat bij de sanering economische stimuleringsmaatregelen horen en dat er een vangnet moet zijn voor sociale problemen. „En dat is wat deze nieuwe ploeg de komende zes maanden in gang gaat zetten.”

Volgens hem is de tijd rijp voor ingrepen op Curaçao. „Er is een algemene overtuiging op het eiland dat pijnlijke maatregelen niet te vermijden zijn, willen we onze toekomst garanderen. Dat is uniek. Er is nu draagvlak om door te pakken, ook al doet het voor iedereen pijn. Wij kiezen ervoor het tekort in één keer weg te werken.”

Het effect van de maatregelen zal voor een deel pas later blijken. Tekorten zullen in de tussentijd uit de reserves worden betaald, legt de minister uit. „Dat schept duidelijkheid en vertrouwen. De mensen weten dat we het niet weer op z’n beloop laten.” Doen wat je zegt, daar gaat het om, zegt Jardim. „Walk your talk.”

Of dat voldoende is om Nederland gerust te stellen, moet blijken. Het College voor financieel toezicht stelde twee weken geleden vast dat Curaçao op de goede weg is, maar vroeg zich tegelijk af of de regie terug is.

    • Dick Drayer