Wat doe jij vanavond?

‘Wat ga jij eigenlijk doen met oud en nieuw?’
‘Geen idee, nog niet over nagedacht.’
‘Ik ook niet, maar dat kun je soms beter wel doen, wil je niet altijd op het feestje bij je buren eindigen.’
‘Ach.’

‘Vanavond is het zover.’
‘Ja.’
‘Waar vier je het?’
‘Nog steeds niet over nagedacht.’
‘Maakt het je niet uit met wie je het nieuwe jaar ingaat?’
‘Jawel, maar die is er toch niet.’
‘En bij gebrek aan hem?’
‘Ach.’

‘Hoi, daar ben ik weer. Weet je nog steeds niet wat je gaat doen?’
‘Nee.’
‘Top. Luister, waarom gaan we niet gewoon films kijken bij jou op de bank?
‘En dan? Ik bedoel om 00:00 uur?’
‘Geven we elkaar een kus en kijken we door. Op die manier hebben we nergens last van.’
‘Last van? Alsof oud en nieuw een opgave is.’
‘Niet dan?’
‘Ach.’

‘Ben jij daar?’
‘Ja, iemand moet er toch voor zorgen dat jij niet alleen met je ge-ach oud en nieuw doorkomt.’
‘Hoe kom je erbij dat ik alleen ben?’
‘Degene met wie je het wil vieren is er niet.’
‘Nou en, ik heb buren.’
‘En een vriendin met films, oliebollen en champagne. Laat je me binnen? Dan zet ik de champagne koud.’
‘Je gaat me toch niet vertellen dat we straks als twee oude vrijsters op de bank oud en nieuw gaan vieren?’
‘Heb jij een beter plan dan?’
‘Nee, maar ik had gehoopt jij wel.’
‘Vertrouw me maar. En daarbij, wat moeten we nou bij de buren?’
‘Ach.’

‘Is het al zover? Wacht ik zet hem even op pauze. Waar is die afstandsbediening?’
‘Daar hebben we geen tijd voor, het is al twaalf uur. Gelukkig nieuwjaar schat.’
‘Ja, jij ook, gelukkig nieuwjaar. Oh, ik was helemaal vergeten hoe heerlijk die Jane Austen films zijn.’
‘Ja, goed he? Hier, neem nog een oliebol.’
‘Wat heerlijk een Oud en Nieuw zonder moeizame gesprekjes en verwachtingen. Maar we gaan zo wel nog even naar de buren toch?’
‘Natuurlijk! Dat staat vast.’

    • Sophie van der Stap