Steeds meer vraag naar kwaliteitsjournalistiek

Bij NRC Handelsblad en nrc.next hebben we ook dit jaar ruim 550 kranten gemaakt. Gemiddeld zijn die kranten pakweg 48 pagina’s dik. En op een geïllustreerde pagina kunnen er al snel 1.200 woorden. Bij NRC hebben we het jaar 2012 dus proberen te vatten in ruim dertig miljoen woorden en ruim 25.000 foto’s, tekeningen of grafieken. Daarbovenop komen nog eens enkele miljoen woorden op onze site nrc.nl.

Als gedreven ambachtslieden gingen wij met die woorden en beelden aan de slag. We beschreven de spannende herverkiezing van Barack Obama; bejubelden de prestaties van Nederlandse sporters op de Olympische Spelen; analyseerden de voortdurende economische en financiële crisis in Europa; beoordeelden het nieuwe Nederlandse regeerakkoord; juichten de opening van het Stedelijk Museum in Amsterdam toe; treurden om de vreselijke dood van schoolkinderen op weg naar een wintersportoord; stelden het gesjoemel in woningcorporaties aan de kaak; prezen honderden boeken, films en toneelvoorstellingen aan; gingen in debat over zin en onzin van nivellering; bewonderden parels van mode en architectuur; keurden onethisch gedrag in bestuurskamers af….

Op die manier probeerden ruim tweehonderd hoog opgeleide en gedreven collega’s van NRC elke dag de bruisende en onvoorspelbare nieuwsstroom te kanaliseren. NRC is een opmerkelijk goed geoliede machine met lange en heel gevoelige tentakels in de hele maatschappij. Maar is terzelfdertijd een nieuwsorganisatie die ook zichzelf voortdurend vragen stelt. Moeten we dit verhaal wel brengen? Graven we wel diep genoeg? Is de toon wel de juiste? Moeten we er niet veel meer plaats aangeven? Kan deze foto eigenlijk wel? Is deze mening gefundeerd genoeg? En deze commentaar wel scherp genoeg? Zijn onze ethische regels scherp genoeg? Organiseren we voldoende tegenspraak in onze organisatie? Zetten we onze mensen in op de juiste onderwerpen?

Het debat over deze vragen is bij NRC de jongste jaren veel scherper geworden dan vroeger het geval was. Omdat het maken van een krant en een site veel minder vanzelfsprekend is dan vroeger. Omdat ook het Nederlandse publiek niet langer vanzelfsprekend naar een krant grijpt om zich te informeren. Omdat we zelf intussen veel meer zijn dan een krant. Omdat de lezer van 2012 andere verwachtingen heeft van een krant dan die van 2002. En vooral omdat de lezer in 2015 op zijn beurt totaal andere verwachtingen zal hebben.

Grote journalistieke instituten in binnen- en buitenland schudden het voorbije jaar op hun grondvesten. Met z’n allen zoeken we naar een nieuwe definitie van onze maatschappelijke rol én naar nieuwe businessmodellen om kwaliteitsjournalistiek te laten bloeien. Want daarover gaat het in al die gesprekken en debatten op de redactie: kwaliteitsjournalistiek. In een wereld waarin er steeds meer informatie is en waarin oude en nieuwe media steeds weer dezelfde informatie rondpompen is het onze roeping om breder te kijken en dieper te graven. Want in een steeds complexer wordende samenleving zal er steeds meer behoefte zijn aan dat soort journalistiek.

Peter Vandermeersch Hoofdredacteur