Opinie

    • Juurd Eijsvoogel

Politici met humor in tijden van oorlogsgeweld

Wie verkiezingen verliest gaat meestal niet de geschiedenis in als een rolmodel. Maar Antanas Mockus is een geval apart.

De excentrieke oud-burgemeester van Bogotá werd bij de Colombiaanse presidentsverkiezingen van 2010 ruimschoots verslagen door Juan Manuel Santos, die meer dan twee keer zoveel stemmen kreeg. En toch kunnen politici overal ter wereld nog veel van Mockus leren. Niet hoe je president wordt – de wiskundige en filosoof deed drie vergeefse pogingen. Maar wel iets wat belangrijker is: hoe je effectief met burgers communiceert als je eenmaal gekozen bent, in welke functie dan ook.

Met Twitter en Facebook heeft dat weinig te maken. Sociale media zijn handig en nuttig, en vermoedelijk onmisbaar voor moderne politici. Maar hoeveel volgers op Twitter of vrienden op Facebook een politicus ook heeft, als hij niets te heeft vertellen haakt de kiezer snel af.

Mockus is twee keer gekozen tot burgemeester van de Colombiaanse hoofdstad, die hij bestuurde van 1995 tot 1997 en van 2001 tot 2003. In een stad die bekend staat om het vele geweld wist hij openheid en tolerantie te bevorderen, zei professor Michiel Baud toen hij Mockus onlangs inleidde op een conferentie in Amsterdam. Met allerlei onconventionele maatregelen, stunts en humor betrok Mockus de bevolking bij zijn beleid. Nationaal en internationaal trok hij daarmee de aandacht.

Beroemd werd zijn aanpak van de verkeersveiligheid door mimespelers in te zetten om verkeersovertreders te bespotten. Een Colombiaan vindt het erger om belachelijk gemaakt te worden dan om een boete te krijgen, was de gedachte. Het aantal verkeersdoden daalde drastisch. Wat de mimespelers daaraan hebben bijgedragen is moeilijk te meten, maar ze hadden verkeersveiligheid in elk geval midden in de belangstelling geplaatst.

Toen er een watertekort in de stad was, verscheen Mockus op tv terwijl hij onder de douche stond: bij het inzepen draaide de burgemeester even de kraan uit en hij spoorde de kijkers aan voortaan hetzelfde te doen. Iedereen in Bogotá had het vervolgens over de waterschaarste en het watergebruik nam af.

Het is een theatrale vorm van beleid maken, maar ook een effectieve manier van communiceren met de burger. En het is meer dan dan clownerie. Mockus hing niet zomaar de paljas uit, met zijn grappen sprak hij de inwoners van Bogotá aan op hun burgerschap, op hun verantwoordelijkheid voor het leefbaar houden van de stad.

Al decennia kampt Colombia met hardnekkige vormen van misdaad en geweld. De guerrillabeweging FARC, paramilitaire groepen en de drugsmaffia zijn problemen van een andere orde dan het verkeer of het waterverbruik in de hoofdstad. Maar het voortduren van die grotere problemen is geen reden om de kleinere niet aan te pakken. En Mockus liet zien hoe dan zelfs met een grap of een glimlach kan.

Toen hij als burgemeester met de dood werd bedreigd, zeker in Colombia iets om erg serieus te nemen, ging hij met een kogelvrij vest over straat. Maar om te laten zien dat hij zich niet helemáál liet intimideren, knipte hij in het vest, ter hoogte van zijn hart, uitdagend een hartvormig gat. Hij leverde een klein beetje veiligheid in, maar gaf een bemoedigende knipoog aan de burgers van zijn stad.

Je zou willen dat meer politici de komende jaren zo eigenzinnig zouden zijn als Mockus. Landelijk sprak hij minder aan dan in de stad, maar zoals hij zelf zei toen hij laatst in Amsterdam was: in de politiek moet je winnen, maar niet tegen elke prijs.

Dit voorjaar nam Mockus deel aan de Biënnale van Berlijn: hij vroeg bezoekers een verklaring te tekenen dat ze geen drugs zouden gebruiken – en die belofte zelfs met een druppeltje bloed symbolisch te bekrachtigen. Als het drugsgebruik in Europa hierdoor onverhoopt niet zou dalen, en daardoor het drugsgeweld in Latijns-Amerika evenmin, dan zal Mockus zichzelf, beloofde hij, tot mislukt kunstenaar verklaren.

    • Juurd Eijsvoogel