Nee, hij whatsappt niet met Epke

Turner Jeffrey Wammes miste ‘Londen’ na een lange strijd met Epke Zonderland.

Jeffrey Wammes of the Netherlands performs on the pommel horse during men's qualification at the world gymnastics championships in Tokyo on October 9, 2011. The top eight men's teams will advance to the finals and earn berths in next year's London Olympics. AFP PHOTO/KAZUHIRO NOGI AFP

Redacteur Turnen

Almere. Oef, dát viel tegen, die eerste trainingen na drie maanden stilstand. Jeffrey Wammes leed pijn, veel pijn. Het lichaam van de turner reageerde afwijzend op een zomer van flaneren en feesten in Barcelona, Madrid en op Ibiza. Spieren protesteerden. En hij voelde zich zwaar, zonder een kilo te zijn aangekomen. Maar er is één winstpunt: zijn hoofd is leeg. Verdwenen zijn de frustraties van twee gemiste Olympische Spelen. Rio de Janeiro lonkt.

Wammes wil zich nog één keer opladen. Nadat hij ‘Beijing’ had gemist op tweetiende punt en ‘Londen’ opnieuw aan Epke Zonderland had moeten laten, heeft de Amsterdamse turner zich voorgenomen in 2016 wél aan de Olympische Spelen deel te nemen. Zo wil Wammes niet stoppen, hoewel dat even door zijn hoofd heeft gespookt.

Nee, Wammes heeft de rekfinale van Zonderland in Londen niet rechtstreeks op televisie gezien. Onbewust, zegt hij. Omdat de Spaanse cafés op dat moment de voorkeur gaven aan andere olympische wedstrijden. En eerlijk is eerlijk, hij heeft er ook geen moeite voor gedaan. Naderhand heeft Wammes de gouden oefening teruggekeken, Zonderland per sms gefeliciteerd en de periode afgesloten waarin beiden tot in de rechtszaal toe de strijd om één olympische plaats uitvochten.

Dat Zonderland hem twee keer de gang naar de Spelen heeft geblokkeerd betekent niet dat ze een hekel aan elkaar hebben. Maar warm is de relatie evenmin. „We whatsappen niet met elkaar”, zegt Wammes. „Ik heb met Epke niet de klik die ik bijvoorbeeld wel met turners als Yuri van Gelder en Anthony van Assche heb. Met hen zou ik in een vrij weekeinde naar de bioscoop gaan, met Epke niet. Nee, ik heb geen spijt van de rechtszaak die heb aangespannen. Die was ook niet tegen Epke gericht, maar tegen de turnbond.”

Wammes is intussen enthousiast gemaakt door Mitch Fenner, de nieuwe bondscoach van de turners. De Brit vroeg of hij zich wilde committeren aan zijn plan olympische deelname met een team af te dwingen. Fenner heeft een belangrijke rol in gedachten voor de allrounder Wammes. Die ziet het na een gesprek met Fenner wel zitten, al vindt hij de gevraagde specialisatie op vijf toestellen wel wat veel. Wammes dacht zelf aan sprong, vloer en rek, maar op aandringen van Fenner voegt hij daar vanaf 2014 brug en ringen aan toe.

Neveneffect is dat Wammes een specialisme à la Zonderland aan rek en Van Gelder aan ringen kan vergeten. Eigenlijk stelde Fenner hem voor de keus: meegaan in mijn plan of geen Spelen. Zijn veelzijdigheid vraagt een offer voor het team. Als Fenner in zijn opzet slaagt, hoopt Wammes met een uitschieter op vloer of sprong een toestelfinale in Rio te halen. „Want dat is de winst van Epkes prestatie: het besef dat goud voor Nederlanders haalbaar is geworden.”

Maar ook voor Wammes? Hij werd vorig jaar tijdens de WK in Tokio nog zwaar bekritiseerd door de toenmalige bondscoach Sadao Hamada, die vond dat Wammes te veel aan zichzelf en te weinig aan het team dacht. De Japanner verweet Wammes zich in geen enkel opzicht te gedragen als een olympiër. Een sportman met een slappe instelling die volgens Hamada niet thuishoort op de Spelen. Diezelfde turner wordt straks de spil van het Nederlandse team dat zich voor de Olympische Spelen wil plaatsen. Is Wammes tot inkeer gekomen?

In zekere zin wel. Want ruim een jaar na diens uithaal geeft Wammes Hamada deels gelijk. De turner een beetje schuldbewust: „Er zat een kern van waarheid in zijn kritiek. Maar Hamada wijzigde zijn plannen ook met de dag. Op een goed moment heb ik gezegd: dit zijn mijn oefeningen en die verander ik niet. Onze visies botsten heel erg. Met Fenner ligt dat anders. Hij komt met een plan dat vastligt voor de komende jaren. Bovendien is hij eerlijk.”

Want naast de inhoudelijke kritiek ergerde Wammes zich destijds vooral aan de verpakking van Hamada’s boodschap. „Waarom vertelde hij zijn klachten niet onder vier ogen? Dan had ik erover kunnen nadenken. Zijn verwijt dat ik tijdens de WK in Tokio niet gefocust was sloeg nergens op. Ik was juist heel geconcentreerd. Terwijl Zonderland en Van Gelder kwakkelden heb ik bijna geen fouten gemaakt. Het was onzin dat ik niet klaar was voor de WK. Gelukkig heeft Fenner me daar onlangs gelijk in gegeven.”

Hoe het nieuwe olympische traject ook uitpakt, na 2016 stopt Wammes met turnen. Na twintig jaar is het dan mooi geweest. Hij wil dan een eigen sportmarketingbureau beginnen.

    • Henk Stouwdam