Hollande mag rijken niet straffen

De 75 procent belasting waarmee president Hollande rijke Fransen wil dwingen tot solidariteit, botst met de grondwet. Een gevoelige nederlaag.

Het was een van de meest symbolische programmapunten van de nieuwe Franse president: een tijdelijke belasting van 75 procent voor inkomens boven een miljoen euro per jaar. De oppositie, de conservatieve media en het Franse zakenleven – acteur Gérard Depardieu incluis – vielen over hem heen. De een vreest een verslechtering van het toch weinig aantrekkelijke Franse investeringsklimaat, de ander dreigt de grens over te steken.

Nu is de ‘rijkenbelasting’ voorlopig van de baan. Zaterdagochtend oordeelde de Franse Constitutionele Raad, op de valreep van het nieuwe jaar waarin de belasting had moeten ingaan, dat het socialistische stokpaardje de toets van de grondwet niet doorstaat. Aan het eind van een jaar waarin François Hollande met moeite zijn verkiezingsbeloftes kon waarmaken en in de peilingen zijn populariteit zag kelderen, lijdt hij zijn gevoeligste gezichtsverlies tot nu toe.

De motieven van de raad waren technisch: Frankrijk heft belasting per fiscaal huishouden, terwijl in de nieuwe wet personen individueel zouden worden aangeslagen. Dat leidt tot rechtsongelijkheid, oordeelde de raad, als bijvoorbeeld twee echtelieden beiden net onder de grens van 1 miljoen zitten en dus niet onder het tarief van 75 procent vallen, terwijl een alleenverdiener net boven die grens kan zitten.

Al in de verkiezingscampagne hamerde Hollande erop dat de rijken van Frankrijk in tijden van crisis „uit solidariteit” een extra steentje moeten bijdragen. Het begrotingstekort van 61,2 miljard in 2013 zou hij er niet mee kunnen terugbrengen: de maatregel levert de staat volgend jaar 200 tot 300 miljoen euro op. Slechts rond de 1.500 mensen zouden de omstreden belasting hoeven betalen. De maatregel zou bovendien slechts gelden voor een periode van twee jaar.

Vooral voor de linkervleugel van de Parti Socialiste (PS) en voor de nog linksere coalitiepartners van de PS was de maatregel echter van groot symbolisch belang. Maar juist de politieke symboliek heeft het plan voorlopig ook de nek omgedraaid: de rechtse UMP, de grootste oppositiepartij van ex-president Nicolas Sarkozy, vroeg de ‘wijzen’ van de Constitutionele Raad eerder deze maand om een oordeel. Het nieuwe tarief van 75 procent neigt, in de woorden van UMP-politicus Gilles Carrez, voorzitter van de financiëncommissie van de Assemblée Nationale, naar „confiscatie”, een oogmerk waarvoor de belastingen niet bedoeld zijn.

De rijkste man van Europa, Bernard Arnault, topman van luxeconcert LVMH, kondigde in september aan naar België te verhuizen, waar vermogen niet belast wordt en ook anderszins minder aan de staat afgedragen hoeft te worden. Gérard Depardieu volgde niet veel later. De uitgesproken acteur liet dit weekend aan dagblad Le Parisien weten dat de uitspraak van de raad voor hem „geen enkel verschil” maakt.

De Constitutionele Raad, die momenteel bestaat uit negen door rechtse presidenten benoemde leden én alle nog levende ex-presidenten van de republiek, heeft het beoogde doel en de hoogte van de belasting niet afgewezen. Premier Jean-Marc Ayrault kondigde alvast aan volgend jaar met een voorstel te komen dat de toetsing van de raad wel zal doorstaan.

Hollande en Ayrault staan onder toenemende druk van links om een scherpere economische koers te varen, terwijl de EU, het IMF en de oppositie hopen op snelle arbeidsmarktliberaliseringen teneinde de snel oplopende werkloosheid te keren.