What the app?

Bellen? Een beetje modern gezin whatsappt. Over alles en niks en alles ertussenin. Derde aflevering in een serie over het familieleven.

Als Agnes Hofman (33) een date heeft in een restaurant, legt ze haar telefoon op tafel. De man tegenover haar deelt ze mee: „Als ik een app krijg, kijk ik of het mijn zoon is, en alleen hem antwoord ik.”

Al dat appen, zegt Hofman, is „de hel van nu”, maar niet als het om haar zoon Thomas (13) gaat. Een keer was er een man die vroeg of ze niet tot na het eten kon wachten met reageren en toen is ze weggegaan. „Ik wil gewoon bereikbaar zijn.”

Voor een alleenstaande moeder als Hofman is de gratis berichtendienst Whatsapp een uitkomst. „Ik moest vroeger altijd lachen om de tekst die op de babyfoon stond: ‘Een babyfoon is geen echte nanny’. Maar ik heb het gevoel dat Whatsapp dat wel een beetje is. Ik ben een heel bezorgde moeder, zodra ik een ambulance hoor terwijl Thomas buiten speelt, ben ik al in alle staten. Zonder Whatsapp zou ik een oppas nemen als ik naar een date ben. Nu hoeft dat niet, want we hebben voortdurend contact op zo’n avond. Hij appt mij wat hij gaat koken, en als hij de hond gaat uitlaten. Hij vraagt of het een leuke man is en dan antwoord ik ‘ja’, ‘nee’ of ‘medium’. Om half tien meldt hij dat hij gaat slapen. Ik weet dat hij vervolgens nog tot elf uur stiekem ligt te gamen, maar dat doet hij ook als ik thuis ben.”

Hofman is freelance lifestylejournalist en maakt zo’n zes keer per jaar een persreis naar het buitenland. Thomas slaapt dan bij haar ouders, maar hij is, totdat zijn opa hem om zes uur thuis ophaalt, na school een paar uur alleen. „De afspraak is dat hij me een appje stuurt zodra hij thuis is, en nog een keer op het moment dat hij bij mijn vader in de auto zit. Daar reken ik op, waar ik ook ben ter wereld, tijdsverschil of niet. Eén keer ging het mis. Ik moest opstijgen naar Senegal, zonder dat ik iets van hem gehoord had, en dat was de verschrikkelijkste vlucht die ik ooit gehad heb. Ik bleef bellen en appen, maar kreeg hem niet te pakken. Later bleek dat zijn mobieltje per ongeluk op stil stond.”

Tussen april en augustus 2012 nam het aantal verstuurde Whatsapp-berichtjes wereldwijd toe van twee miljard naar tien miljard per dag. Ook tussen ouders en kinderen wordt het een steeds populairder communicatiemiddel.

Stichting Mijn Kind Online publiceerde in maart 2012 het onderzoek Hey, what’s app? over het gebruik van de mobiele telefoon door kinderen en jongeren. Daaruit blijkt dat in Nederland ruim 60 procent van de jeugd tussen de 8 en 18 jaar een mobiele telefoon met internet heeft. Bellen en sms’en doen kinderen ook, maar Whatsapp en de andere gratis berichtendienst Ping komen daar steeds meer voor in de plaats.

Whatsappen deed de jeugd ten tijde van het onderzoek nog vooral met vrienden. Maar directeur Remco Pijpers van Mijn Kind Online merkt dat Whatsapp sms’en verdringt als middel voor ouders om hun kinderen op afstand te kunnen sturen. „Het is een logische ontwikkeling, Whatsapp is een goedkope manier om met je kinderen te communiceren.”

Ook de familie Hangelbroek uit Haarlem whatsappt er sinds een klein jaar op los. Dat wil zeggen vader Ype (44), moeder Marianne (42) en hun dochter Femke (12). Haar twee broertjes (8 en 10) zijn nog te jong. Volgens Femke heeft Whatsapp grote voordelen. „Omdat het zo makkelijk is en het niks kost – tenminste als er wifi is – heb je ook contact met je ouders over dingen waar je niet voor zou bellen. Laatst was ik bij Ikea met een vriendin om naar spullen te kijken voor mijn kamer. Van de dingen die ik leuk vond, stuurde ik een foto. En daarna van het prijskaartje. Op het moment dat ik mijn rapport krijg, stuur ik er gelijk een foto van naar mijn ouders. Toen ik mijn brood was vergeten, whatsappte mijn vader dat hij het bij de conciërge had afgegeven.”

Ze heeft een ‘groep’ aangemaakt, waardoor zij en haar ouders met zijn drieën tegelijk kunnen communiceren. „Dus als ik ergens naartoe ga, weten mijn ouders allebei waar ik ben.”

Whatsapp fungeert in het gezin niet als nanny (er is na school een oppas in huis), maar handig is het wel. Als Femke naar hockey moet, whatsappt haar moeder dat ze niet te lang moet blijven hangen bij haar vriendin, een afspraak bij de orthodontist wordt nog even in herinnering gebracht (‘en o ja, je buitenbeugel hangt aan de kapstok’). Daarbij is het goed voor de onderlinge betrekkingen.

Ype Hangelbroek: „Door Whatsapp hebben Femke en ik veel meer contact dat niet per se ergens over gaat, chit chat. Ik ga voor mijn werk een paar keer per maand naar het buitenland. Als ik op een vlucht zit te wachten, whatsapp ik haar: ‘Hé Fem, hoe is het? Wat ben je nu aan het doen?’ Marianne Hangelbroek: „Je sluit aan bij hun manier van communiceren, die kinderen whatsappen ook voortdurend met elkaar. Dat maakt het makkelijk. Je hebt de hele dag door een lijntje met je kind. Aan het eind van de dag zie je elkaar weer, en dan heb je van alles om over door te praten.”

Koningin Beatrix zei in haar kersttoespraak van 2009 dat contact tussen mensen verschraalt door internet. Wie die mening (nog steeds) deelt, heeft waarschijnlijk nog nooit gewhatsappt met zijn kinderen. Het bevordert de frequentie van het contact, en kennelijk ook de kwaliteit. Praten via een scherm blijkt voor pubers soms makkelijker dan IRL, in real life. Marianne en Ype Hangelbroek vertellen dat Femke een keer boos naar haar kamer ging en toen van boven whatsappte: „Eigenlijk wil ik helemaal geen ruzie.”

Bij jongeren heeft Whatsapp de plaats ingenomen van chatten via de computer, zegt Remco Pijpers van Mijn Kind Online. „Voor ouders wordt het daardoor lastiger om de communicatie van hun kind met leeftijdgenoten te volgen. Als er dingen spelen (je kind heeft ruzie, die wordt aangewakkerd via de telefoon), heb je daar minder makkelijk zicht op. Je kunt er als ouder niet bij gaan staan, zoals bij de computer. Bovendien gaat de communicatie met vrienden vaak met groepen tegelijk. Ouders vinden het fijn om met hun kinderen contact te kunnen hebben, maar de keerzijde is dat de telefoon ook wordt gebruikt voor andere dingen, die kinderen van hun huiswerk af kunnen houden.”

Tussen ouders en kinderen lijkt er dankzij Whatsapp vooral veel meer te worden gecommuniceerd over dagelijkse, maar soms toch erg belangrijke dingen. Agnes Hofman: „Mijn zoon doet altijd de boodschappen, dat hoort tot de taakverdeling bij ons thuis. In de supermarkt weet hij even niet welke kersenkwark ik ook alweer wil, en vervolgens appt hij een foto: ‘Wil je deze kersenkwark?’ Als ik voor hem schoenen koop, gaat het precies zo. ‘Waren het nou deze Nikes, of die andere?’

Tijdens een ouderavond op school hou ik hem steeds op de hoogte van wat er gebeurt. Ik twitter dan trouwens ook politiek incorrecte grapjes en foto’s van al die ouders met hun sombere windjacks en gemakkelijke kapsels. En van de moeder voor me bij wie het rugvet over de stoelleuning puilt. Die foto’s stuur ik ook aan Thomas. Mijn Twitter-volgers vinden dat leuk, maar hij lacht er niet om. Hij appt terug: ‘Je moet mensen in hun waarde laten. En trouwens, we wisten toch allang dat jij de leukste moeder was?’”