Spektakel waarop publiek ontzet reageerde

Met onder meer De Prooi en San Francisco drong reflectie op de crisis door in het theater. Voor een indrukwekkende waarschuwing tegen populisme zorgde Les Ballets C. de la B./Alain Platel met C(h)oeurs.

SONY DSC

Een uitzinnig stadion, een collectief ontroerd concertpubliek, een stille tocht, ja, zelfs de spreekkoren bij het voetbal: massale eensgezindheid kan overweldigend en aangrijpend zijn. Componisten als Wagner en Verdi maakten van dat effect al gretig gebruik. Maar in die meeslepende schoonheid schuilt ook een gevaar, getuige het opruiende effect van bijvoorbeeld grootscheepse nazibijeenkomsten. Wanneer slaat aandoenlijke eendracht om in gevaarlijk kuddegedrag?

Met tien dansers en 74 Madrileense operazangers creëerde choreograaf Alain Platel een controversieel spektakel over schoonheid en gevaar van massavervoering: C(h)oeurs (harten/koren). Door zijn grote ambities, het overstijgen van genres en zijn politieke stellingname zorgde Platel voor de meest opvallende voorstelling in 2012. Platel waarschuwt voor populisme, maar houdt tegelijk een liefdevol pleidooi voor het collectief. Dat is in tijden van individualisme gedurfd en belangrijk.

Het publiek in Madrid was bij elke opvoering ontzet. In Nederland – C(h)oeurs was de opening van het Holland Festival – liep de waardering sterk uiteen: van teleurstellend of ergerlijk tot fenomenaal. Was het omdat Platel gretig knipte en plakte uit de operageschiedenis? Omdat hij profiteerde van de muzikale schoonheid die hij tegelijk bekritiseerde? Stootte de beverige, soms bijna lelijke anti-dans van C(h)oeurs het publiek af? Of wilde dat niet worden geconfronteerd met de duistere keerzijde en het potentieel gevaar van geliefde koorwerken?

Hoe dan ook werd hier iets unieks vertoond. Spectaculaire koorpartijen werden van hun context ontdaan, en met eigentijdse, soms onnavolgbare dans van nieuwe, verrassende accenten voorzien. De dansers van Ballets C. de la B. toonden dansten, kwetsbaar en weifelend, op tot dan onzichtbare noten.

Platel had intellectuele aspiraties; zijn voorstelling moest over hedendaags populisme en volksmenners gaan. Teksten van Stéphane Hessel, Marguerite Duras en Jonathan Littell dienden als inspiratie. Maar de gebruikte fragmenten (‘Simplisme is fascisme’) lagen ergerlijk voor de hand. C(h)oeurs overtuigde vooral in beelden. Zoals in de scène waarin twee kleine jongetjes op de handen van de koorleden worden afgevoerd, ruggelings, de ogen gesloten, zoals we dat zo vaak zien op beelden uit oorlogsgebied. Gemengde gevoelens overvallen je: verdriet om de dode jongens; woede om hoe zij als propagandamiddel worden gebruikt. Hier, toont Platel, wordt een emotie die alle mensen verbindt, ingezet als instrument van strijd.

Platel plaatste zijn dansers, gekleed in rood en wit, tegenover de amorfe, kleurloze massa van het koor. Schelle, valse kreten van de dansers doorbraken de perfecte harmonie van de koorzang. Hij liet twee jongetjes en twee dansers in tegengestelde richting rennen van het koor. Wie gaat er tegen de stroom in? Kinderen. Gekken. Kunstenaars. Eenzaam is dat, maar noodzakelijk.

Het koor, de massa, leek aanvankelijk verdacht. Hooligans waren het, die zich agressief uitten tegen de afwijkende eenling, binnen de veilige geborgenheid van de groep. Een danser op toneel, gevangen in een lichtspot en kwetsbaar in een witte jurk, werd dreigend toegezongen door het koor vanuit de zaal. Het was tegelijk intimiderend en verrukkelijk, zoals dat vocaal geweld losbarstte achter je rug en je bijkans uit je stoel blies. Zo schiep Platel verwarring: deze meute is bedreigend, maar het is dezelfde groep die zo magnifiek de Wagner- en Verdi-fragmenten ten gehore brengt.

Gaandeweg bracht de choreograaf meer diversiteit in het collectief van het koor. Individuele koorleden stelden zich voor. Sommigen dansten mee, anderen kleedden zich samen met de dansers uit – een ontroerend beeld: met al onze verschillen zijn we naakt en toch allemaal gelijk.

Doordat het koor steeds meer uiteenviel in individuen ontstond uiteindelijk één kleurrijk, losvast geheel met de dansers. Allemaal eigen, en toch één. C(h)oeurs eindigde ontroerend, met de hoopvolle ouverture van Verdi’s La Traviata, waarop 84 mensen op toneel simultaan de handen bewogen op het ritme van een hartenklop. Want de liefde, dat is wat alle mensen verbindt. Een hartroerende, overtuigende boodschap.

    • Herien Wensink