In een houten kistje: Onder borsten

Joke van LEEUWEN (1952) kinderboekenschrijfster. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Amstelveen, 1 juni 2008 ©Vincent Mentzel 2008

Het is een kort briefje, op Snoopypapier. Toegestuurd uit Marokko, in 1984. Ik correspondeerde al jaren met een van de vele jongeren die onder het bewind van Hassan II waren opgepakt, omdat ze geweldloos actie voerden voor verbetering van hun rechten en hun levens. Als lid van Amnesty International had ik contact met hem gezocht.

Hij stuurde me lange epistels in zo klein mogelijk geschreven Frans: over de gevangenis, dat ze muziekinstrumenten maakten van lege blikken, dat ze een hongerstaking hadden gehouden, over zijn hoop en wanhoop en de toekomst van Marokko. Ik begreep niet hoe die brieven ongecensureerd de poort uit konden komen, tot ik hoorde dat zijn ongeletterde moeder ze onder haar flinke borsten naar buiten smokkelde.

Acht en een half jaar nadat hij in de gevangenis was beland, lag dat briefje op mijn mat: hij was vrijgelaten. Immense vreugde, schreef hij.

Het jaar daarop vroegen ze me te logeren. Hij had zeven broers en zussen. Ik sliep in het enige echte bed dat ze hadden en kreeg zo veel heerlijk eten toegeschoven dat ik niet wist waar ik dat allemaal moest laten. Een van zijn zussen zei me dat ze graag wilde opschrijven hoe het hun allemaal was vergaan toen hij en zijn jongere broer (die anderhalf jaar kreeg) opgesloten zaten, maar dat het haar niet lukte.

Zo is mijn boek Bezoekjaren ontstaan, met haar als co-auteur.

Nu ligt nog ergens in mijn onsystematische archief dat kleine briefje met dat grote nieuws en dat vrolijke hondje in de linkerbovenhoek.