Chips

Wandelend langs de Catalaanse zee, zo ergens op een verdwaald moment tussen lunch en diner in, eet ik een zak chips. Niet zo maar een zak chips, maar Spaanse chips, doordrenkt van olijfolie en zout en dus onweerstaanbaar. Misschien omdat ik een meisje ben en gewend ben calorieën te tellen, misschien omdat mijn diner al klaarstaat in de ijskast, of misschien omdat bij ieder chipje de stem die mij nog zo heeft proberen ervan te weerhouden überhaupt deze zak te kopen (Kijk nou wat je doet, je kwam voor lucifers en gaat met chips weg), me strenger toespreekt, en de zak desondanks toch al halfleeg is, vraag ik mij af of het echt wel mogelijk is om het hart – of het verlangen – uit te zetten en te handelen met het verstand. Ik bedoel, op verstandige momenten kun je heel verstandige beslissingen nemen, maar wat te doen op een Tantalus naderend moment als deze?

Dan neem je nog een chipje.

Maar dan lijkt het toch te lukken. Mijn hand die me net nog iedere paar seconden op een chipje trakteerde, vouwt nu geheel zelfstandig de zak dicht en stopt hem in de tas die om mijn schouder hangt.

???

Wat was dat??? Was dat nou mijn verstand???

Nu de zak in mijn tas en buiten oog en reikwijdte is, neemt het verstand het nog meer van mijn verlangen over. Zo wordt er geheel buiten mij om besloten dat de rest van de zak in de eerstkomende prullenbak gedumpt zal worden door de hand die mijn verstand nog altijd ter wille is. Wat een slecht idee, denk ik, maar goed, het is misschien net als rennen, ook aanvankelijk zo’n slecht idee, om later het beste idee van de dag te worden.

De verlossende prullenbak laat even op zich wachten wat mij de kans geeft nog wat langer bij mijn verstand, dat ik zojuist ontdekt heb, stil te staan. Als de prullenbak er dan eindelijk is en mijn hulpbehoevende hand in mijn schoudertas verdwijnt, blijkt zelfs het verstand niet opgewassen tegen de wet van verlangen; de zak gaat pas de prullenbak in als er nog een symbolische tien chippies op de bodem liggen. Ha ha!, denk ik als ik de prullenbak weer dichtdoe. Dat domme Verstand.

    • Sophie van der Stap