Bruckner gloedvol bij Jansons

Koninklijk Concertgebouworkest/ Mariss Jansons. Gehoord: 25/12, Concertgebouw, Amsterdam.

Nog vier dagen tot het grote jubeljaar 2013 op het Amsterdamse Museumplein. Om bij de muziek te blijven: zowel het Concertgebouw als het Concertgebouworkest (sinds 1951 losse organisaties) vieren het 125-jarig jubileum, chef-dirigent Mariss Jansons wordt 70 en van Wagner en Verdi vieren we het 200ste geboortejaar – met een stroom operafeestconcerten als logisch gevolg.

Maar nu is het nog 2012. Het Concertgebouworkest wijdde zijn Kerstconcert dinsdag dus met gerust hart aan klassieke mix van Mozart met Bruckner; diens Zevende symfonie herneemt het orkest op wereldtournee in januari en februari nog in Wenen, Luxemburg, Madrid en New York.

Chef-dirigent Jansons kwam pas op latere leeftijd tot frequente uitvoeringen van Bruckner. Hij acht diens symfonieën heilig en een gewijd ontzag gloorde ook door in een gebalanceerde, heel gloedvol gespeelde visie op de Zevende – een uitvoering die ook veel warmer overkwam dan die door het orkest van de Bayerische Rundfunk (Jansons andere vaste orkest) op een recente cd.

Als Bruckner-dirigent is Jansons meer een man van licht, zwier en fijngetekende klankintensiteit dan van pathos, donder en sportief uitgespeelde dynamische contrasten. Prachtig was de wijze waarop de muzikale hartslag in het Adagio soms bijna helemaal werd stilgezet, terwijl de lijn niet knapte en de spanning dus alleen maar intenser werd.

Bas Ferruccio Furlanetto (63) is een wereldster die pendelt tussen de grootste operahuizen. Hier horen we hem zelden en de theatrale manier waarop hij vier aria’s van Mozart zong, deed dat zeer betreuren. Wat een feest een onafhankelijke, charismatische Leporello te horen die met bulder leek te veroordelen in de ‘catalogusaria’ waarin hij Don Giovanni’s veroveringen opsomt. Het Concertgebouworkest in kleine bezetting speelde stralend en scherp. Jammer dat Jansons niet meer Mozart doet.