Vastbesloten om te slagen na zijn eerdere mislukking

Shinzo Abe, telg van een prominente politieke familie, werd al in 2006 premier. Het liep uit op een fiasco. Nu is hij terug en rekent op meer succes.

Japan's conservative Liberal Democratic Party's (LDP) leader and next Prime Minister Shinzo Abe attends a meeting with New Komeito's party leader Natsuo Yamaguchi at the Parliament in Tokyo December 18, 2012. Abe said on Tuesday that he has asked Bank of Japan Governor Masaaki Shirakawa to consider establishing a 2 percent inflation goal. REUTERS/Toru Hanai (JAPAN - Tags: BUSINESS POLITICS) REUTERS

De nieuwe Japanse premier Shinzo Abe (58) gaat het nog eens proberen. In 2007 wist hij zijn eerste jaar als premier net niet af te maken. Anderhalve maand na het op één na grootste verlies in de geschiedenis van zijn Liberaal Democratische Partij (LDP) legde hij er doodvermoeid het bijltje bij neer.

Het leek het einde van een loopbaan waarvoor hij in de wieg was gelegd. Abe’s grootvader was Nobu suke Kishi, een belangrijke militaire leider tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na 1945 werd Kishi premier met een sterk pro-Amerikaans buitenlands beleid. Zijn vader en grootvader aan vaderskant waren ook invloedrijke politici. Hij is tevens verwant aan premier Eisuke Sato, die een Nobelprijs voor Vrede won.

Na drie jaar bij staalgigant Kobe Steel, stapte Abe in 1982 de wereld van de politiek binnen. In 1993 werd hij gekozen als lid van het lagerhuis. Hij leek aanvankelijk een verwend rijkeluiszoontje en las tijdens debatten in het parlement manga, Japanse stripverhalen. Die verdwenen snel van het toneel.

Abe maakte naam door zijn hevige kritiek op Noord-Korea. Nadat Noord-Korea in 2002 toegaf dat het Japanners had ontvoerd, haalde Abe ontvoerde Japanners, voor het eerst op bezoek in Japan, over te blijven. Pyongyang was ziedend.

In razende vaart steeg hij daarna in de partij en in 2006 werd hij premier. Maar in september 2007 viel alles plotseling in duigen.

Later bleek dat het Japanse weekblad Shukan Gendai een onderzoek was begonnen over vermoedelijke belastingontduiking door Abe. Zijn kabinet had een reeks fraudeschandalen achter de rug. Vier ministers traden af wegens fraude. Een vijfde pleegde zelfmoord. Tientallen ambtenaren en LDP’ers waren betrokken bij andere schandalen. Een belastingschandaal had hem zeker de das omgedaan.

Abe maakte aanvankelijk de indruk een sterke leider te zijn. Kort na zijn aantreden reisde hij naar China en Zuid-Korea. De bezoeken aan de nationalistische Yasukuni-tempel van voorganger Koizumi hadden de Japanse relatie met de twee landen sterk doen verslechteren. Abe trok dit recht.

Maar zijn ontkenningen dat de Japanse overheid ten tijde van de Tweede Wereldoorlog betrokken was bij het ronselen van troostmeisjes ontketende internationaal protest. Thuis maakte Abe’s ogenschijnlijke voorkeur voor achterkamertjespolitiek boven de beloofde economische hervormingen van voorganger Koizumi hem ongekend impopulair. Japanners wilden juist vernieuwing en het einde van corruptie.

Abe geeft nu de schuld voor zijn plotselinge aftreden in 2007 aan een chronische darmontsteking. Die zou hem belet hebben zijn taken te vervullen. Nieuwe medicijnen zouden zijn problemen hebben verholpen.

Zijn onwaarschijnlijke politieke wedergeboorte begon in september, toen de de LDP het niet eens kon worden over een nieuwe kandidaat. Het partijkader koos hem onverwachts. Hij zegt geleerd te hebben. „Als politicus heb ik ervaren wat het is om te falen. Precies daarom ben ik bereid alles te geven voor Japan.”

    • Kjeld Duits