Stigma

W esley Sneijder is door Inter met vakantie gestuurd. Een stigma. De Milanese club kon niet wachten tot de winterstop. Een uitzwaaiwedstrijd was te veel gevraagd. Wesley verdween met de noorderzon.

Groter kan een publieke vernedering niet zijn.

Het zou Ronaldo, Rooney en Falcao niet overkomen. Dat pikken de supporters van hun clubs niet. Tumult, oproer, misschien doodslag, her en der.

Sneijder zwijgt in alle talen: het lijkt een schuldbekentenis. Twee jaar geleden was hij nog de onsterfelijke van Inter Milaan. De spil waar alles om draaide.

Clubicoon.

Waar is het misgegaan? Ik denk toch vooral in het hoofd van Wesley: hybris. Te veel praatjes, te veel dansen, te weinig voetballen. Je zag het ook bij het Nederlands elftal aankomen. Mannetje met iets te vaak de handen in de heupen. Iets te ostentatief in zijn leidersrol. Eigenlijk een beetje de parvenu van Huis ter Duin. En altijd op huizenjacht.

Met bijbehorende cinema.

Te groot gemaakt door club, bond en sponsors? Door Yolanthe? Dat kan een straatjoch uit Utrecht niet dragen. Hij ging de laatste tijd ook anders praten, een beetje naar het holisme van het einde der tijden toe. Dure woorden, academisch bijna. Over knijpen hoorde je hem niet meer. Dat mag bij Ajax en PSV, maar niet bij Inter.

Eens volksheld, nu verstotene.

Wat opvalt: hij haalt nog nauwelijks de krantenkoppen. Ook in de media lijkt hij afgeschreven. Alleen Louis van Gaal heeft het nog over Wesley, zij het in zorgelijke teksten. Maar niet met het geraamte van een smeekbede. Wesley Sneijder is zelfs zijn drama kwijt.

Zijn blessures spraken nog nauwelijks tot de verbeelding. Je hoorde en las er weinig over. Terwijl de hamstring van Rafael van der Vaart zowat tot nationale totempaal is uitgeroepen. Om de drie weken, zelfs.

Ergens onderweg, in zijn snelle hemelvaart, heeft Wesley Sneijder de liefde verloren. Ik kan mij hem nog nauwelijks voorstellen in korte broek. Het is meer jetset geworden, meer RTL Boulevard.

Tattoos.

Dat kunnen Nederlanders niet hebben.

Ik herinner me de kwetsende zangkoren in de Arena toen bekend werd dat Van der Vaart het aanlegde met Sylvie Meis. Sylvie was een hoer, zong de massa. Ook daarom is ze naar Duitsland gevlucht. Rafael heeft me eens gezegd dat hij nooit meer voor een Nederlandse clubs wil voetballen. Dat wil hij zijn diep gekrenkte meisje niet aandoen.

Een enkele keer wordt een voetballer vijf minuten voor de rust gewisseld. Een vernedering die niet te doorstaan is. Dat is wat nu met Wesley Snijder is gebeurd: vijf minuten voor de winterstop op vakantie gestuurd.

Onherstelbaar leed.

De Spielmacher mag uitkijken naar een andere club. Dat klinkt beloftevoller dan het is. In Spanje willen ze hem niet meer. Manchester United? Dat laat Robin van Persie niet toe. PSG in Parijs of Manchester City zou kunnen. Maar daar gaat het meer om geld dan om voetbal. Het is te triest voor woorden, maar ik vrees dat de voetballer Wesley Sneijder zijn langste tijd heeft gehad. Zijn toekomst ligt buiten het veld: bloemstuk op feesten en partijen.

Bodyguard van Yolanthe.

Zijn status bij het Nederlands elftal is ook precair. We moeten ons dus stilaan gaan oefenen in het afscheid nemen van de voetballer Wesley Sneijder. Op zich een menselijk drama. Want aan genialiteit ontbreekt het hem niet. Alleen, hij is uitgewaaid naar de rafelranden van succes: vastgoed, televisie, catwalk. Daar word je in de primitieve wereld van bal en man op afgerekend.

Wesley Sneijder moest maar eens naar Vitesse.

Herstart.