Hoe Wakker Dier de plofkip uit de schappen duwt

De campagne van Wakker Dier voor de Beter Leven-kip is succesvol: steeds meer supermarkten en A-merken gaan ‘om’. Maar het doel is nog niet bereikt: van de kip op ons bord is nog altijd 95 procent plofkip.

Ook de plofkip heeft de grenzen van de groei bereikt. De Nederlandse consument eet minder kip, maar betaalt daar iets meer voor. Duurzaamheid en diervriendelijkheid winnen ten koste van kwantiteit. De miljoenen kippen die wekelijks geslacht worden na een kort bestaan in een afgesloten, overvolle stal, merken daar nog weinig van. Maar de beweging is onmiskenbaar: de Beter Leven-kip is in opmars.

In de vleesindustrie speelt kip een sleutelrol: het is wereldwijd de meest gegeten vleessoort. In Nederland worden jaarlijks 350 miljoen kippen geslacht, 150 miljoen daarvan worden ook in Nederland opgegeten. De rest gaat naar de export. Zo’n 95 procent van die kip is ‘plofkip’, een kip die in een gesloten stal met krachtvoer in zes weken tijd op een gewicht van 2,2 kilo wordt gebracht.

Wakker Dier is dit jaar een breed offensief begonnen om een einde te maken aan het dierenleed in de overvolle kippenstallen. De eerste successen zijn binnen, maar 2013 moet het jaar van de grote doorbraak worden. In het nieuwe jaar zal de dierenwelzijnsorganisatie al haar pijlen gaan richten op marktleiders Albert Heijn en Jumbo, de grootste verkopers van plofkip. Supermarkt Albert Heijn mag zijn borst nat maken, glimlacht Sjoerd van de Wouw van Wakker Dier. Als de marktleiders om zijn zal de rest volgen, is de strategische gedachte.

Gerichte actie kan heel effectief zijn, zo heeft Wakker Dier dit jaar laten zien. In januari stuurden de dierenactivisten een dringende oproep naar alle A-merken en supermarkten om de plofkip te vervangen door Beter Leven-kip. In april ging Unilever ‘om’ en aan het eind van het jaar blijken zes A-merken en één supermarktketen, het Noord-Hollandse Deen, het roer te hebben omgegooid.

Althans, een beetje. Want de kuikens lopen nog steeds in drukke schuren en zijn geen lang ontspannen leven beschoren. Het verschil met de biologische kip die buiten graantjes loopt te pikken blijft groot. Maar de ‘1 ster’ Beter Leven-kip is van een minder snel groeiend ras dan de plofkip, heeft meer ruimte om zich te bewegen en beschikt over een overdekte uitloop. Bovendien leeft de kip minimaal 56 dagen, twee weken langer dan de plofkip, waardoor hij sterker is en minder gezondheidsproblemen heeft.

De Beter Leven-standaard is ontwikkeld door de Dierenbescherming in samenwerking met het bedrijfsleven en producenten. Doel was om het welzijn van de dieren te verbeteren zonder van de producenten en de supermarkten meteen het onmogelijke te eisen: een biologische kip van het hoogste welzijnsniveau.

Waar lagen de grenzen? Voor het dierenwelzijn, voor de producenten, voor de supermarkten en voor de consumenten? Er kwam een compromis uit de bus, een ‘tussensegment’ waarin de kip een beter leven zou hebben en alle partijen voordeel zouden halen: het Beter Leven-systeem. Met één ster, voor iets meer ruimte en uitloop en twee weken langer leven, twee sterren voor nog meer van dat alles, en drie sterren voor de echte biologische kip.

Terwijl de Dierenbescherming zich tegen de achterban moest verdedigen dat ze niet langer voor het maximaal haalbare gingen, kwam er voorzichtig beweging in de ‘keten’: er werden stallen omgebouwd, productielijnen opgezet en in de schappen kwam naast de plofkip ruimte voor diervriendelijker alternatieven. Maar de plofkip bleef overheersen. Van de Wouw noemt de plofkip het „speeltje” van de stuntende supermarkten. Hij wijst erop dat plofkip soms minder kost dan kattenvoer.

Begin dit jaar besloten de dierenwelzijnsactivisten de druk op te voeren. In de kranten verschenen paginagrote advertenties van door hun poten gezakte plofkippen met zweren aan hun hakken. De keten werd rechtstreeks aangesproken. Wakker Dier stelde dat 1 ster Beter Leven de ondergrens moest zijn en riep alle betrokkenen op om uiterlijk in 2015 te stoppen met de verkoop van plofkip.

Company campaigning is het sleutelbegrip. „Je richten op bepaalde, geselecteerde bedrijven”, legt Van de Wouw uit in het kantoor van Wakker Dier. En daarbij hoort naming and faming: aanklagen en belonen.

De A-merken kregen in april een vervolgbrief: als ze niks deden zou er negatieve publiciteit volgen. Kort daarop barstte een campagne los met radiospotjes gericht tegen Struik, Olvarit en McDonald’s. Unilever bleek toen al te werken aan een omschakeling naar 1 ster Beter Leven-kip. Een dag nadat de vervolgactie van start ging, maakte Unilever bekend dat het bedrijf ‘om’ was.

Van de Wouw noemt het een ‘kantelmoment’ in de campagne. Van coördinatie was volgens Unilever noch Wakker Dier sprake. Maar het kwam wel goed uit: een multinational die duurzaamheid en dierenwelzijn hoog in het vaandel heeft staan ging om en gaf de campagne van Wakker Dier een ferme impuls.

Een woordvoerder van Unilever legt uit dat het bedrijf op dat moment al heel ver was met het omschakelen naar diervriendelijker vlees. Vooral varkensvlees, omdat dat door het bedrijf het meest wordt gebruikt. „Kip stond toen nog helemaal niet op ons lijstje. Maar als je dan geconfronteerd wordt met het dierenleed in de kipsector voelt het niet goed om daar de ogen voor te sluiten.”

Unilever toog aan het werk maar stuitte meteen al op een structureel probleem: er was te weinig aanbod van kippen met een 1 ster Beter Leven-keurmerk. Uiteindelijk slaagde de multinational erin om Wakker Dier harde garanties te geven: in week 7 van het nieuwe jaar rolt het eerste blikje duurzame kipknaks van de band. De woordvoerder: „Het mooie van Wakker Dier is dat ze ons naar de tekentafel sturen, maar ook de consument bewust maken van dierenleed, zodat die anders voor het schap gaat staan.”

Een rondgang langs de bedrijven die afgelopen jaar zijn aangesproken en, deels, zijn omgegaan laat zien dat duurzaamheid en dierenwelzijn overal speelt, én dat er een groot tekort is aan kippen van het vereiste niveau.

A-merk Olvarit, door Wakker Dier uitgekozen „omdat iedere ouder toch wil dat zijn baby het beste voedsel krijgt” wilde zich aanvankelijk niet in het Beter Leven-keurslijf laten persen. De kip van Olvarit kwam niet uit Nederland maar uit Engeland, en daar gelden weer andere regels. De producent van babyvoeding beriep zich aanvankelijk op een „eigen verbeterplan”, maar ging na twee weken van schadelijke radiospotjes toch om. Het bedrijf spreekt van een „bewustwordingsproces”. „De actie van Wakker Dier heeft het proces versneld”, aldus een woordvoerder.

Ook A-merk Struik werd tot concrete toezeggingen gedwongen. Vage beloftes dat er aan dierenwelzijn werd gewerkt, voldeden niet om te voorkomen dat de schadelijke radiospotjes toch werden uitgezonden. Twaalf dagen na het begin van de campagne maakte Struik bekend per 2013 alleen nog maar Beter Leven-kip te zullen gebruiken. Maar ook hier is aanbod een probleem. „Wij zijn niet de enigen die op jacht zijn naar deze kip. Onze grootste concurrenten zijn hier ook mee bezig. Je vist allemaal in dezelfde vijver. Het is vechten wie er het eerst aan de beurt is”, zegt het bedrijf.

De revolutie die Wakker Dier wil ontketenen zal volgens Peter Poortinga, bestuursvoorzitter van Plukon, dan ook niet lukken. Plukon is één van de grootste spelers op de Europese pluimveemarkt. Het bedrijf slacht, verpakt en bewerkt in Nederland wekelijks ongeveer 3 miljoen kippen. Daarvan is 0,5 procent biologisch (3 sterren Beter Leven), 4 procent scharrel (1 ster Beter Leven), en 95,5 procent gangbare kip die door Wakker Dier plofkip wordt genoemd. Het segment scharrelkip is de afgelopen jaren snel toegenomen. Om het aanbod nog verder te vergroten wil Plukon het Nederlandse bedrijf Interchicken overnemen. Dat is in Roemenië tientallen stallen voor scharrelkippen aan het bouwen. Het wachten is op de goedkeuring van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa).

Poortinga betoogt dat de keten meer tijd nodig heeft om om te schakelen. Pluimveehouders moeten stallen ombouwen, er moeten nieuwe kippen worden gefokt. „Als Wakker Dier nu een omslag eist, kan dat fysiek niet. De eieren zijn er niet, de keten is er niet.”

Bovendien moet de consument ook bereid zijn om voor de scharrelkip 30 procent meer te betalen, en voor de biologische kip zelfs 125 procent. Poortinga legt uit dat de diervriendelijker kippen extra duur zijn doordat de consument alleen extra wil betalen voor de borstfilets. Duurzame vleugels, poten en karkassen zijn op de markt niet meer waard dan de vleugels en poten van plofkippen. „De meerkosten moeten daarom vooral worden terugverdiend op de filet, die daardoor onevenredig duur wordt.”

Hij denkt dan ook niet dat de hele Nederlandse kipproductie uiteindelijk op het niveau van 1 ster Beter Leven zal komen, zoals Wakker Dier wil. „Dat sterrenconcept werkt als katalysator, maar is zeker geen eindstation. Het denken gaat door.” De ondermaat wordt uiteindelijk bepaald door Brussel, stelt Poortinga.

Bovendien gaat het niveau op dit moment vanzelf omhoog, denkt hij. „De basis zal op een hoger niveau komen, maar nooit het scharrelniveau gaan halen – omdat dat voor veel consumenten te duur is”, aldus Poortinga. Onlangs werd de Europese norm voor de kippendichtheid in stallen verlaagd van 50 kilo naar 39 kilo per vierkante meter. Strooisel wordt steeds droger, veel stallen hebben inmiddels vloerverwarming.

De hoeveelheid scharrelkip zal toenemen, maar de gangbare kip zal blijven bestaan, is de mening van Poortinga. Maar daar neemt Wakker Dier geen genoegen mee. Van de Wouw wijst op een recent rapport van de Wageningen Universiteit waarin staat dat 50 procent van de plofkippen pijnlijke ontstekingen aan de poten heeft en kreupel is.

Het afgelopen jaar heeft aangetoond dat gericht campagne voeren werkt. Niet alleen de naming maar ook de faming. Supermarktketen Deen, die als eerste kruidenier omging, werd op de radio luid bejubeld door Wakker Dier.

In het nieuwe jaar kan ook Albert Heijn op extra aandacht van Wakker Dier rekenen. Voorlopig houdt AH nog vast aan de stelling dat de reguliere kip die naast de Beter Leven kip in de schappen ligt „voldoet aan de vereisten zoals die in de Nederlandse wet- en regelgeving zijn vastgelegd”. Van de Wouw wil nog niet prijsgeven wat Wakker Dier voor AH in petto heeft, maar wel dat het al zijn krachten zal inzetten om het bedrijf ‘om’ te krijgen. Gesteund door een groeiend aantal donateurs – in vier jaar verdubbeld tot 29.000 – zijn Sjoerd van de Wouw en de acht andere medewerkers van de organisatie vastbesloten om de plofkip in 2015 uit de schappen te hebben.