Heren van de Ring

W oensdag werd bij de opening van het jaarlijkse Schaakfestival Groningen de Max Euwering door Genna Sosonko doorgegeven aan Cor van Wijgerden. Het is een ring die in 1977 door de Gasunie werd gegeven aan Max Euwe met de opdracht om hem later door te geven aan iemand die zich ook verdienstelijk had gemaakt voor het Nederlandse schaak. Niet zo verdienstelijk als Euwe zelf natuurlijk, dat kon niet.

Euwe gaf de ring door aan Bouwmeester en hij aan Timman, en hij aan Böhm, en hij aan Ree, en hij aan Sosonko, die hem dus woensdag aan Van Wijgerden gaf.

Dat doorgeven van de ring is symbolisch. De ringdragers krijgen een replica en de ring die nog door Euwe zelf is gedragen, is een heilige relikwie die op een geheime plaats in een kluis wordt bewaard.

Gelukkig maar, want ook verdienstelijke schakers zijn soms slordig. Ik heb wel eens geschreven over Jan Timman, toen die een toernooi in Curaçao had gewonnen. Op weg naar het vliegveld besefte hij dat hij zijn prijs in zijn hotelkluisje had laten liggen. Terug naar het hotel dus, en gelukkig, daar was het geld nog. Snel weer naar het vliegveld. Zijn vliegtuig naar Nederland stond er nog, maar toen hij weer thuis was, merkte hij dat hij zijn prijs voor de tweede keer had vergeten en dat die op Curaçao was achtergelaten op een stoel in een vertrekhal. Het was maar geld, maar stel je voor dat het de originele Euwering was geweest.

Cor van Wijgerden is een bescheiden mens en zei dat hij de eerste ringdrager was die onbekend was. Als bewijs vertelde hij dat hij ooit ergens was gekomen om een simultaan te geven, en dat hij bij die gelegenheid iemand hoorde zeggen: „Van Wijgerden is er nog niet, maar er loopt wel iemand rond die zei dat hij Van Wijgerden was.” Ook vertelde hij dat Hein Donner bij de opening van een NK naar de deelnemerslijst had gekeken en verbijsterd had gevraagd: „Wie is die Van Wijgerden?” Herinner je je dat nog, Hans? vroeg Cor. Ik kon alleen antwoorden dat Donner iemand was die dat over iedere deelnemer had kunnen vragen.

Van Wijgerden kan het zich permitteren om al te bescheiden te zijn over zijn verdiensten als actieve schaker, omdat zijn grote belang voor de schaakwereld op een ander gebied ligt. Hij was een zeer succesvol trainer van jonge spelers en hij is ook de auteur van de Stappenmethode, een leergang die in vele talen vertaald is, tot in het Turks toe. Honderdduizenden in vele landen hebben er goed schaken mee geleerd. Zoals Sosonko zei: „Er is hier een uitdrukking wereldberoemd in Nederland. Voor Cor gaat dat niet op. Hij is beroemd in de grote wereld.”

De partij hieronder heeft weinig te maken met jeugdtraining. Hij werd zondag gespeeld in de jaarlijkse wedstrijd in Tsjechië tussen ‘sneeuwklokjes’ (jonge vrouwelijke topschakers) en ‘oude rotten’. De oude rotten wonnen deze keer en de mooiste partij werd ook gewonnen door een oude rot. Over Wolfgang Uhlmann (77) werd geschreven dat hij die dag speelde als de jonge Tal.

Alina Kasjlinskaja-Wolfgang Uhlmann, Podebrady 2012

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 Lg7 4. e4 d6 5. Pf3 0-0 6. h3 c6 7. Lg5 Pbd7 8. Ld3 e5 9. d5 a6 10. 0-0 cxd5 11. cxd5 h6 12. Le3 Ph5 13. Dd2 g5 14. Tfc1 Zwarts damevleugel ligt open voor een invasie, dus hij moet aan de andere kant flink opschieten. 14...Pf4 15. Lf1 Wit wil het paard met 16. g3 verjagen. 15...Df6 16. Dd1 Dg6 17. Pd2 Na 17. g3 Pf6 18. Kh2 (nu dreigt wit het paard te nemen) Pxh3 19. Lxh3 Lxh3 20. Kxh3 g4+ 21. Kg2 gxf3+ 22. Dxf3 zou wit misschien iets beter staan. 17...h5 18. a4 Pf6 19. Pc4 Wit hoopt op 19...Pxe4 20. Pxe4 Dxe4 21. Pxd6 Dxd5 22. Dxd5 Pxd5 22. Lxg5 met een klein voordeel. 19...g4 Maar zwart verscherpt de strijd. 20. Pxd6 gxh3 21. Pxc8 Voorzichtiger was 21. g3 h4 22. Pf5. 21...Taxc8 22. g3 Pxe4 Een correct stukoffer. Er was ook een kansrijk kwaliteitsoffer mogelijk met 22...h4 23. Df3 hxg3 24. fxg3 Txc3. 23. Pxe4 Dxe4 24. gxf4 exf4

25. Lxh3 Na 25. La7 - bijna buiten het bord - kon volgen 25...h2+ 26. Kxh2 f3 27. Lh3 Txc1 28. Txc1 Lxb2 en zwart heeft zeker genoeg voor het stuk. 25...fxe3 26. Lxc8 exf2+ 27. Kf1 Na 27. Kxf2 heeft zwart minstens eeuwig schaak. 27...Te8 Ook nu had zwart eeuwig schaak met 27...Dh1+, maar terecht wil hij dat nog niet. Met een toren meer heeft wit grote problemen. 28. Ta3 Nu krijgt zwart groot voordeel. Misschien had wit hem met 28. Ld7 kunnen dwingen om toch eeuwig schaak te geven. 28...Lxb2 Het nauwkeurigst was 28...Dh4, maar dit is ook niet slecht. 29. Tg3+ Kf8 30. Tb1 Ld4 31. Le6 De beste verdediging was 31. Tf3, hoewel zwart na 31...Txc8 groot voordeel heeft. 31...Dh1+ 32. Ke2 Dxd5 33. Te3 Txe6 Tijdnood waarschijnlijk. Na 33...Dg2 34. Df1 Dg6 was het snel uit geweest. Ook hierna begaan beide partijen onnauwkeurigheden. 34. Txe6 Dxe6+ 35. Kf1 De4 36. Tc1 h4 37. Dd2 Dg4 38. Dh6+ Lg7 39. Dd6+ Kg8 40. Td1 h3 41. Dd8+ Kh7 42. Dd3+ f5 43. Kxf2 h2 44. Dd6 De laatste kleine kans op redding was 44. Dd7. 44...Dh4+ 45. Kg2 De4+ Wit gaf op.

    • Hans Ree