Dubbele aanval op kankercellen maakt immuuntherapie veiliger

Bij immuuntherapie van kanker vallen aangepaste cellen van het afweersysteem de kankercellen aan. De therapie is al jarenlang beloftevol, maar geeft nu ook resultaten. Er zijn alleen ook vervelende bijwerkingen. De bedoeling is dat alleen de kankercellen het loodje leggen bij die aanval. In de praktijk worden ook gezonde cellen opgeruimd.

Amerikaanse en Duitse onderzoekers hebben daar een oplossing voor bedacht. Het probleem ontstaat doordat de aangepaste afweercellen kankercellen aan een bepaald celeiwit (het antigeen) herkennen. Dat antigeen komt vrijwel altijd ook wel op gezonde cellen voor. De onderzoekers veranderden de afweercellen verder, zodat ze niet op één, maar op een combinatie van twee antigenen reageren. De combinatie is zo gekozen dat die op gezonde cellen nagenoeg niet voorkomt. Proeven bij muizen met prostaatkanker waren veelbelovend. De wetenschappers bereiden nu de eerste onderzoeken bij mensen voor (Nature Biotechnology, 16 december).

Er bestaan diverse vormen van immuuntherapie. Bij één daarvan worden T-cellen van het afweersysteem uit het bloed van de patiënt geïsoleerd en vermeerderd. Tijdens dit kweekproces wordt er een extra gen ingebouwd voor een eiwit dat de binding aan het antigeen van de kankercellen moet verzorgen. Vervolgens worden de gemanipuleerde T-cellen per infuus aan de patiënt teruggegeven. Bij de huidkanker melanoom en bepaalde vormen van leukemie werkt deze aanpak goed.

Om de afweer specifieker te maken en gezonde cellen met hetzelfde antigeen te ontzien, is nu een tweede gen ingebouwd dat ook contact met de kankercel moet maken. De combinatie is zo gekozen dat die eigenlijk nooit bij gezonde cellen voorkomt. Alleen als beide eiwitten tegelijkertijd een binding met dezelfde cel aangaan komt de afweercel in actie. Dat is nodig omdat patiënten anders het gevaar lopen dat de bijwerkingen verdubbelen, als gezonde cellen met het ene antigeen én met het andere antigeen allebei worden aangevallen.

Een ander probleem met immuuntherapie is dat de kans op bijwerkingen groter is naarmate de doses T-cellen hoger zijn. De dosis kan omlaag als de T-cellen beter aan de tumorcellen hechten. Onderzoekers in North Carolina ontwikkelden een hulpeiwit dat met zijn ene kant aan een T-cel bindt en met zijn andere kant aan een tumorcel. Daardoor neemt het aantal T-cellen dat aan de tumor vastzit toe, en daalt het aantal T-cellen dat nog gezonde cellen aan kan vallen. Het ontwikkelde eiwit kan de bloedhersenbarrière passeren. Bij muizen getest verbeterde het resultaat van immuuntherapie tegen glioblastomen, een notoir lastig te behandelen hersentumor (Proceedings of the National Academy of Sciences, 17 december). Huup Dassen