India omarmt hindoenationalist Modi

Narendra Modi is India’s meest gehate én geliefde politicus. Na zijn zege vandaag in Gujarat lonkt voor de hindoenationalist het Indiase premierschap.

In this Tuesday, Dec. 4, 2012 photo, supporters of Gujarat Chief Minister Narendra Modi display his pictures during an election campaign rally for upcoming Gujarat state assembly elections at Sanand, near Ahmadabad, India. Eleven years after Modi became the chief minister of the western state of Gujarat, Modi is campaigning for his third term.(AP Photo/Ajit Solanki) AP

Toen Kalash Parwar tien jaar was, zag hij hoe een menigte een busje omsingelde en in brand stak. De passagiers, vier mannen en drie vrouwen, smeekten hun leven te sparen. Maar de auto werd verbrand, met passagiers en al. De slachtoffers waren moslims. Omstanders en daders hindoes. Politieagenten stonden op een afstandje te kijken, vertelt hij tien jaar later. Ze grepen niet in.

Heel India kent de rellen die in 2002 over de westelijke deelstaat, Gujarat golfden. Ze hoorden tot de ergste uitbarstingen van religieus geweld in India sinds 1947. Volgens officiële cijfers kwamen 1.180 mensen om, driekwart van hen moslims.

Narendra Modi leidde destijds de regering van Gujarat. Hem wordt verweten te weinig te hebben gedaan om de rellen te stoppen. Volgens sommigen – het is nooit bewezen – zou hij ze zelfs achter de schermen hebben voorbereid. Nog steeds is Modi premier van Gujarat (60 miljoen inwoners). Hij werd al twee keer met ruime meerderheid herkozen. En vandaag gebeurde dat opnieuw. De vierde zege op rij geldt als een belangrijke opstap voor Modi, ook wel de ‘koopman des doods’ genoemd. Hij wil premier worden van India.

Kalash Parwar, die zag hoe het moslimbusje werd verbrand, staat voor zijn gsm-winkeltje in Ahmedabads wijk Maninagar. „Nieuwe scholen, nieuwe wegen, nieuwe viaducten. Modi kán niets met de rellen te maken hebben. Hij heeft juist veel goeds gedaan.” De overheid heeft zichtbaar in Maninagar geïnvesteerd. Dit is het kiesdistrict van Modi zelf. Na de rellen trokken de moslims naar veiliger wijken.

Krijgt de grootste democratie ter wereld, met zijn groeiende economie, straks een premier die beschuldigd wordt van betrokkenheid bij dodelijk religieus geweld? Die kans is niet denkbeeldig. Als Modi wint, biedt dat zijn nationalistische hindoepartij, de BJP, de kans hem premierskandidaat te maken voor de nationale verkiezingen van 2014.

Narendra Modi (62) is de meest gehate en meest geliefde politicus van het land. Zijn naam is verbonden met niet alleen de rellen, maar ook Gujarats economische bloei, en met een bestuursapparaat dat effectiever en minder corrupt is dan elders in India.

Modi is autodidact, naar eigen zeggen uit een onbetekenende familie. „Ik heb geen middelbare school gedaan”, zei hij in een interview in Time Magazine, „maar boeken waren mijn beste vrienden.” Hij laat zich erop voorstaan dat zijn salaris lager is dan dat van een parlementariër, dat hij niet vatbaar is voor corruptie en dat hij recht op zijn doel afgaat.

„Modi rekent altijd af met zijn tegenstanders”, zegt Anand McNair, een journalist in Ahmedabad, Gujarats grootste stad. ‘McNair’ is een pseudoniem. Hij wil zo voorkomen dat Modi’s mensen hem het werken onmogelijk maken. Hij was verslaggever in Gujarat voor het Indiase persbureau PTI, toen de rellen uitbraken. Modi was in oktober benoemd tot tijdelijke deelstaatpremier, na het aftreden van een partijgenoot. Later dat jaar zouden nieuwe verkiezingen worden gehouden. „Modi had nauwelijks medestanders. Hij zat met zijn handen in het haar. De rellen waren zijn redding.”

Die begonnen toen op 27 februari 2002 moslims, die eerder op het station belaagd waren door hindoes, in Godhra, twee wagons met hindoeactivisten in brand staken. Daarbij kwamen 59 hindoes om, onder wie vrouwen en kinderen. Modi besloot toestemming te geven de lichamen naar Ahmedabad te brengen, waar een processie werd gehouden. Meteen braken rellen uit. Hindoe-menigten werden opgezweept door activisten van de radicale organisatie Rastriya Swayamsevak Sangh (RSS), net als Modi’s BJP geïnspireerd door het ‘hindutva’-gedachtengoed: het idee dat India in de eerste plaats bestemd is voor hindoes. Modi was zijn carrière bij de RSS begonnen.

Modi was te onervaren om het allemaal van tevoren bedacht te hebben, denkt McNair. Maar hij gebruikte het geweld. „Ik was op het station in Ahmedabad toen daar de aangevallen trein binnenliep. Op het perron stonden hoge BJP-leden. ‘Vrees niet’, zeiden ze tegen geschokte hindoes, ‘morgen zullen de moslims vermoord worden.’ Modi had hen kunnen stoppen. Dat deed hij niet.”

Enkele maanden later boekte Modi een overweldigende verkiezingszege. Ook de verkiezingen van 2007 won hij overtuigend met behulp van anti-moslimretoriek.

Maar sindsdien heeft Modi gewerkt aan een nieuw imago. „Van Mr. Death werd hij Mr. Development”, zegt McNair. Hij liet speciale economische zones openen waar Indiase en buitenlandse fabrieken, raffinaderijen en andere bedrijven floreren. Ook gebruikte hij zijn autoritaire regeerstijl om af te rekenen met al te corrupte ambtenaren en politici.

Het afgelopen jaar onthield Modi zich van moslimvijandige uitspraken. Hij liet zich filmen bij bezoeken aan moskeeën en soefi-tombes. „Maar hij bood niet één keer zijn excuses aan voor wat hij liet gebeuren in 2002”, zegt Juzar Saleh Bandukwala, in zijn appartementje in de stad Vadodara. Bandukwala, oud-hoogleraar natuurkunde, ontsnapte in 2002 aan de dood toen hindoes zijn huis in brand staken. In Gujarat, waar 9 procent moslim is, kan hij de verkiezingen winnen, in staten met een grote moslimbevolking lukt hem dat niet, denkt Bandukwala.

Modi’s kaarten zijn nog niet geschud. In augustus liep hij schade op toen een vertrouweling tot 28 jaar cel werd veroordeeld wegens haar rol in de rellen. De vraag blijft of Modi zelf aanwezig was bij een cruciale vergadering op de avond van de treinbrand waar opdracht werd gegeven wraakzuchtige hindoemenigten vrij baan te geven. Haren Pandya, een minister die over Modi’s aanwezigheid getuigde in de rechtszaal, werd in 2003 onder onopgehelderde omstandigheden doodgeschoten.

Het lijkt erop dat de Indiërs het gevoeligst zijn voor Modi’s ‘Mr Development’-imago. In september gaf in een nationale peiling 83 procent aan hem graag te zien als premier van India. Maar het is onzeker of ze dat nog vinden als hij in een nationale verkiezingscampagne wordt geconfronteerd met zijn ‘Mr. Death’-imago.