Exotische oude punk

The Ex begon als punkband in 1979. Maar in ruim 33 jaar kwam daar een liefde voor Ethiopische jazz bij. Die bijzondere mix brengt The Ex dit weekend in Amsterdam.

In een oude villa aan de rand van het Noord-Hollandse Wormer logeren twaalf Ethiopische muzikanten, circusartiesten en dansers. De eetkamer staat vol traditionele instrumenten, in de modderige tuin probeert een circusmeisje de trampoline uit.

„Het is een beetje een chaos”, verontschuldigt gastheer en The Ex-gitarist Terrie Hessels zich lachend. Maar eigenlijk is het al drieëndertig en eenderde jaar een beetje een chaos. Het is het toerental van een lp aan jaren geleden dat punkgroep The Ex werd opgericht. Komend weekend vieren ze dat met tientallen muzikale vrienden van over de hele wereld tijdens twee concerten in het BIMhuis.

Hoewel er nog steeds stevig gitaar gespeeld wordt, zelfs nog op de gitaar van toen, kun je The Ex geen punkgroep meer noemen. 25 albums en 1800 optredens later hebben ze de drie akkoorden al lang losgelaten. Ze spelen liever in vreemde maatsoorten, met jazzmuzikanten en exotische instrumenten. Maar de doe-het-zelfmentaliteit van de punk is gebleven. De villa die ze in 1981 kraakten – een eeuwigdurend project van Hessels om het in originele staat te herstellen – staat vol met cd’s die ze in eigen beheer uitbrengen. Daaronder opmerkelijk veel cd’s van Ethiopische artiesten.

De rode bus waarmee Hessels samen met zijn vrouw zijn eerste reis door Afrika maakte, staat weg te roesten in de achtertuin. De band speelde altijd al veel samen met niet-westerse muzikanten, maar een bezoek aan Ethiopië betekende een liefde voor het leven. Het was in 1996 toen de band een sabbatical had omdat drummer Katherina Bornefeld in verwachting was. Hessels: „Ik vond het een fantastisch land, vol tegenstrijdigheden, maar met een hele zelfverzekerde en open bevolking. De muziekfaciliteiten waren een puinhoop. Overal slingerden platen en instrumenten rond.”

Ze namen een tas vol cassettebandjes mee terug. In Nederland hielp een gevluchte hoogleraar geschiedenis met het fonetisch uitschrijven van de liedjes zodat The Ex ze kon toevoegen aan het repertoire. Diezelfde professor spoorde hen aan om in Ethiopië te gaan optreden.

Ze gingen er heen in 2002, samen met jazzdrummer Han Bennink. Met een brief van het ministerie van Cultuur op zak trokken ze van stad naar stad om te spelen op pleinen en in geïmproviseerde theaters. In de bus zat een transformator zodat ze geheel zelfvoorzienend waren.

Er kwam een culturele uitwisseling op gang die nu al tien jaar aanhoudt. De jonge drummer Misale Legesse bijvoorbeeld, die ook door de villa dwaalt, zag The Ex op de Ethiopische televisie. Hessels: „Die boomlange Bennink met zijn zweetband en wilde manier van drummen maakte enorme indruk op Misale. Hij drumt nu Ethiopische ritmes in Bennink-stijl.” Ook The Ex’ eigen drummer Bornefeld heeft invloed, toen ze twee jaar later opnieuw in het land waren, zaten er opeens ook meisjes op drumles.

In Ethiopië is het gebruikelijk dat het publiek fooien tegen de voorhoofden van de bezwete muzikanten plakt. De zanger verdient dan meer dan de bassist. Sommige Ethiopische bands hebben nu in navolging van The Ex ‘de pot’ ingevoerd; alle inkomsten gaan op een hoop en iedereen krijgt een gelijk deel.

Andersom leert The Ex spelen in Afrikaanse tradities en hebben ze nog meer dan voorheen een hekel gekregen aan de westerse afstand tussen podium en publiek. Volgens Bornefeld is het niet moeilijk om te spelen in een totaal andere muziektraditie. „Wij zijn zelf ook geen conservatoriumstudenten. Ethiopiërs zijn open muzikanten, altijd op zoek naar iets nieuws, net als wij. We spelen op gehoor. Als autodidact speelde ik altijd al melodieën op drums, eigenlijk op een Afrikaanse manier.”

Op de vraag of de opvattingen van The Ex zijn veranderd in drieëndertig en eenderde jaar wijst gitarist Andy Moor naar een instrument zo groot als een deur, aan de kop van de lange eettafel. De begena wordt ook wel de ‘harp van koning David’ genoemd en wordt bespeeld door Zerfu Demissie, geschoold in streng orthodox christelijke kerkmuziek. „Dat hadden we op papier vroeger waarschijnlijk nooit gedaan. Nu zijn we daar minder rechtlijnig in, we bekijken het gewoon muzikaal.’’

De Ethiopiërs vormen slechts een deel van de internationale muziekvrienden die The Ex de afgelopen jaren maakten. De band speelt niet zo maar met iedereen samen. Hessels: „Uiteindelijk vallen we nooit op doorsnee, maar op de eigenwijze harken.” Nu zit de hele villa vol eigenwijze harken. Ondanks de vrolijke chaos is er voor het tweedaagse minifestival in BIMhuis in grote lijnen wel degelijk een plan, zegt Hessels. Alleen het circus met Ethiopische straatkinderen kan nog lastig zijn. „Als ze aan het plafond willen gaan hangen, zullen we wel weer problemen krijgen met de verzekering. Dat mag natuurlijk niet in Nederland.”

The Ex & Ethiopische gasten: 20/12 Rumor Festival, Utrecht. 21 & 22/12 BIMhuis, Amsterdam.

    • Leendert van der Valk