Zes veroordeelden voor moord moeten opnieuw worden berecht

Drie mannen en drie vrouwen die jarenlange celstraffen hebben uitgezeten wegens het doden van mevrouw Mok in Chinees restaurant Peacock in Breda in 1993, moeten op last van de Hoge Raad opnieuw worden berecht.

Het hoogste rechtscollege oordeelde gisteren dat hun veroordeling destijds mogelijk berust op een gerechtelijke dwaling. De zaak gaat terug naar het hof in Den Haag.

De Hoge Raad komt tot zijn oordeel op basis van getuigenverklaringen die wel in een bij de politie achtergebleven dossier zaten, maar niet in het justitiedossier. De rechters die eerder veroordelingen in deze zaak uitspraken, hadden dus geen kennis van deze getuigenverklaringen. Het gaat daarbij om twee getuigen die de hele nacht in een bushokje zaten in de buurt van het restaurant waar het slachtoffer om het leven kwam. Zij verklaren niets te hebben gezien en dat is in tegenspraak met de voor het bewijs gebruikte verklaringen.

Nu vaststaat dat verklaringen door de politie zijn achtergehouden, is volgens de Hoge Raad voldaan aan het wettelijke criterium van een ernstig vermoeden dat de rechters tot een andere beslissing zouden zijn gekomen indien zij deze verklaringen hadden gekend, aldus de Hoge Raad. Herziening van een zaak kan alleen als sprake is van een nieuw feit. De veroordeelden zaten eerder straffen uit van tien jaar (de mannen) en rond de 15 maanden (de vrouwen). Een dwaling met zes verdachten kwam in Nederland niet eerder voor.

Procureur-generaal Aben kwam in juni tot de conclusie dat er negen nieuwe feiten zijn die een nieuw proces rechtvaardigen. Uit nieuw onderzoek blijkt dat in het restaurant bloedsporen zijn gevonden van een nog onbekende man, en dat bekentenissen onder druk van agenten tot stand zijn gekomen. Ook is er nieuw onderzoek verricht naar vingerafdrukken en sporen. Deze wijzen er niet op dat de verdachten in het restaurant geweest zijn.

De nieuwe behandeling van de zaak begint waarschijnlijk in de tweede helft van 2013. Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) noemde het gisteren „ernstig” dat er mogelijk sprake is van een gerechtelijke dwaling.