Brief

Hofland zit ernaast met zijn grensrechterduiding

In talloze stukken gaf H.J.A. Hofland al blijk van zijn overtuiging dat het alsmaar erger wordt in dit land – de mensen worden dommer, platter en dikker, grover, brutaler en natuurlijk ook gewelddadiger. De doodslag van de grensrechter is daar volgens hem het zoveelste bewijs van (Opinie, 12 december).

De feitelijke basis waarop Hofland zijn uitspraken doet, is ook in dit stuk erg wankel, om niet te zeggen afwezig. Het is niet waar dat het geweld in Nederland toeneemt. Integendeel, de cijfers over geweldscriminaliteit, inclusief die over moord en doodslag, zijn al jaren aan het dalen. Er is ook geen schijn van bewijs voor de bewering dat „sinds een paar jaar” het personeel van GVB, brandweer of ambulancediensten „in toenemende mate lastiggevallen en gemolesteerd” wordt.

Volgens Hofland liggen de oorzaken in de tekortkomingen van opvoeding en onderwijs. Kennelijk gaat hij ervan uit dat geweldplegers analfabeet of laaggeletterd zijn. Van een duidelijke toename van het aantal laaggeletterden is geen sprake. Sinds 1994 blijft het percentage laaggeletterden ongeveer gelijk.

Kortom, Hoflands duiding van de dood van de grensrechter raakt kant noch wal. De massale verontwaardiging is begrijpelijk, en misschien moeten we de enorme hoeveelheid kletskoek over oorzaken en remedies dan maar op de koop toe nemen. Maar van iemand als Hofland zouden we meer mogen verwachten.

Nico Wilterdink

Amsterdam