Zekerheid met pensioen is niet meer waar te maken

Waardevaste pensioenen zijn niet te koppelen aan riskante beleggingen bij de pensioenfondsen. Wees eerlijk over risico’s, betoogt Marcel Lever.

Emeritus hoogleraar Van Praag betoogt dat in het oude pensioencontract een verplichting bestaat om een geïndexeerd, waardevast pensioen uit te keren (Opinie, 11 december). Ten eerste is de indexatie – een correctie voor loon- of prijsstijging – in het oude contract meestal niet verplicht, maar voorwaardelijk en afhankelijk van de financiële positie van het pensioenfonds. Het oude contract is qua koopkracht dus evenmin zeker. Ten tweede hebben pensioenfondsen weinig mogelijkheden om bij te sturen als de rendementen achterblijven. Door vergrijzing is de som van de jaarlijkse premies gering in verhouding tot het pensioenvermogen. Een premieverhoging leidt alleen op lange termijn tot verbetering van de positie van het fonds. Fondsen die vanwege het rendement voor een risicovol beleggingsbeleid kiezen, kunnen maar beter eerlijk zijn over de onzekerheid van de pensioenuitkeringen als ze die zekerheid toch niet kunnen waarmaken. Het is moedig dat pensioenfonds Zorg en Welzijn deze eerlijke, maar lastige boodschap overbrengt.

De kritiek dat het nieuwe pensioencontract tot een casinopensioen leidt, is onterecht. Een analyse van het Centraal Planbureau toont dat pensioenuitkeringen in het nieuwe contract vaker neerwaarts worden aangepast dan in het oude, maar dat de aanpassingen veel kleiner zijn. De reden is dat pensioenfondsen in het oude contract bij tegenvallers binnen drie jaar moeten herstellen en er de eerste jaren niet wordt gekort. In het nieuwe contract worden tegenvallers over tien jaar gespreid, maar begint de aanpassing in het eerste jaar. Verder worden de pensioenpremies in het nieuwe contract stabiel. Dit is macro-economisch beter dan het verlagen van premies in goede tijden en verhogen in slechte tijden.

Het is niet consistent van Van Praag om een zeker pensioen te willen en tegelijk een rekenrente die correspondeert met een risicovolle beleggingsmix. Net zomin is het consistent om het oude contract te interpreteren als een reëel, geïndexeerd pensioen en te pleiten voor gebruik van een nominale, niet voor inflatie gecorrigeerde rentevoet.

We moeten niet terug naar de tijd waarin pensioenfondsen zeiden dat het pensioen zeker en waardevast zou zijn. Dit is door de vergrijzing en de onrust op de financiële markten niet waar te maken.

Marcel Lever is programmaleider ‘macrofinancieel en pensioenen’ bij het Centraal Planbureau.