Hoe groot blijft Groot-Brittannië?

Voor het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie breken woelige tijden aan. Beide weten niet hoe ze eruitzien over enkele jaren. Een groeiende groep burgers in het Verenigd Koninkrijk wil de EU verlaten. In Schotland is er een beweging om het Verenigd Koninkrijk te verlaten en toe te treden tot de EU. In Frankrijk bestaat er een groeiend gevoel dat dwarsligger Groot-Brittannië de EU het best kan verlaten, opdat Frankrijk, met Duitsland, een continentaal Europees systeem kan domineren.

„Ik wens een Europees systeem op te richten, een Europese wetgeving en een Europese rechtspraak: er zou dan nog maar één volk in Europa zijn.” Pleitbezorgers van de ‘Verenigde Staten van Europa’ kunnen deze woorden, van Napoleon, tweehonderd jaar later moeiteloos herhalen. Napoleon zag zich als voorvechter van dat idee, maar was niet in staat Groot-Brittannië te onderwerpen. Om de Britten te verzwakken, kondigde hij een handelsblokkade af. De Britse regering leerde wederom dat een verenigd continent zich richt tegen Groot-Brittannië. Napoleon deed uiteindelijk zichzelf de das om, met de mars naar Moskou. Op het Congres van Wenen, in 1815, hanteerde de Britse diplomatie maar één leidraad: betrokkenheid bij Europa, om continentale eenheid te vermijden. Vrij vertaald: in Europe, not run by Europe!

Deze continentale eenheid lijkt zich tweehonderd jaar later te voltrekken – niet via Napoleontische oorlogen, maar via een vreedzaam proces van Europese wetgeving. Vooral de eurozone wordt steeds meer een door Brussel gedomineerd continentaal systeem – noem het een fiscale unie – dat Groot-Brittannië in de marge drukt. De Britten grijpen de eurocrisis aan om zich los te wrikken uit Brusselse regelgeving en te streven naar een ‘losser verband’. De Europese Unie is veruit de grootste afzetmarkt voor de Britse export. De politieke en economische elites in Londen willen deze behouden. De Confederation of British Industry (CBI) is de meest pro-Europese organisatie. Het financiële centrum in de City ligt buiten de eurozone, maar is het grootste handelscentrum in euro’s.

Merkwaardig genoeg bepleit de Britse regering zelf een fiscale unie in de eurozone, inclusief fiscale transfers en euro-obligaties. Hiermee bevordert zij een continentaal systeem dat zich keert tegen Groot-Brittannië. Dit gaat in tegen de vuistregel van eeuwen Brits buitenlands beleid. De Fransen ruiken hun kans en willen de Britten het liefst uit de EU. Gouverneur Christian Noyer van de Franse centrale bank zei onlangs dat handel in de eurozone moet gebeuren in euro’s. Dit klinkt in Londen als een oorlogsverklaring. Frankrijk heeft politieke greep op Duitsland, dat mentaal is verzwakt door zijn historisch schuldgevoel, en heeft bovendien veel bondgenoten in mediterraan Europa. De Napoleontische droom wordt alsnog werkelijkheid.

De Britse regering zit knel, ten eerste door dreiging van Schotse uittreding uit het Verenigd Koninkrijk. Premier Cameron pareerde dat gevaar met een ‘ja-of-neereferendum’ in 2014. De Schotten staan voor het blok. Wellicht willen de meesten maximale autonomie binnen het Koninkrijk, maar de Schotse premier Salmond bepleit onafhankelijkheid en rekent op automatische toetreding tot de EU. Zo automatisch is dit overigens niet. Een onafhankelijk Schotland wordt kandidaat-lid van de EU. Elk land kan effectieve toetreding blokkeren. Dit zal niet Londen zijn, maar de Spaanse regering. Die vreest dat Catalonië het Schotse voorbeeld volgt.

Een groter voor probleem voor Cameron is de harde eurosceptische wind in Engeland zelf. Hij durft geen ‘ja-of-neereferendum’ aan over het Britse lidmaatschap van de EU. Nee wint. Britse conservatieven nodigen mij, als niet-Brit, vaak uit om te spreken op partijbijeenkomsten. In Londen gaat dit nog. Daarbuiten is een pleidooi voor EU-lidmaatschap onbegonnen werk. Politieke argumenten of handelscijfers bereiken de toehoorders niet. Er is een diepgewortelde afkeer van Brussel. De emotie regeert. Britten worden razend als Europa ter sprake komt. Op de jaarlijkse conservatieve partijconferentie is het thema taboe. Britse parlementsleden voelen die koude wind in hun kiesdistricten. In Westminster worden ze nog eurosceptischer.

Cameron probeert een nieuw, afstandelijk arrangement met Brussel uit de brand te slepen waarmee Groot Brittannië in de interne markt blijft – een Zwitsers model. Gunnen de Fransen de Britten dit? Wrok en afgunst blijven Europese demonen. Groot-Brittannië is een springplank voor veel Amerikaanse, Japanse en Chinese bedrijven naar de Europees continentale markt. De Fransen willen de Britten uit de EU, opdat die bedrijven naar het continent moeten komen, bij voorkeur naar Frankrijk. Binnen de eurozone moest er uiteraard fiscale harmonisatie komen, naar Frans niveau. Dit continentaal systeem is, net als tweehonderd jaar geleden, een gevaar voor Groot-Brittannië, voor Nederland en uiteindelijk voor Europa. Het is beter dat de Britten blijven, in welke vorm dan ook.

Dit was mijn laatste column voor deze krant. Ik dank de hoofdredactie voor de kans die ik kreeg en dank de lezers voor hun belangstelling.

Derk Jan Eppink is journalist, publicist en zit in het Europees Parlement voor de Belgische partij Libertair, Direct, Democratisch.