Het gemeentehuis komt gewoon naar je toe!

Vandaag praat de Tweede Kamer over gemeentefusies. In de Alblasserwaard, in Zuid-Holland, schaft de nieuwe fusiegemeente het gemeentehuis af.

nederland, beerta 19-01-2010 samenvoeging van gemeenten in nederland. in oost groningen zijn de gemeente reiderland, gemeente scheemda en gemeente winschoten samengevoegd tot de nieuwe gemeente oldamt. op de foto het sinds december 2009 in onbruik geraakte gemeentehuis van reiderland in beerta. het gebouw wordt leeggehaald door medewerkers van de gemeente scheemda. op de foto de bijna lege voormalige wethouderskamer foto: Reyer Boxem/Hollandse Hoogte boxem/Hollandse Hoogte

Graafstroom. Stel, drie gemeenten fuseren. En die fusiegemeente zal bestaan uit dertien ver uit elkaar gelegen dorpskernen. Waar komt dan het gemeentehuis te staan?

Nergens.

Dat is het antwoord van Nieuw-Lekkerland, Graafstroom en Liesveld, drie gemeenten in de Alblasserwaard. Op 1 januari gaan zij samen op in de nieuwe gemeente Molenwaard, de eerste Nederlandse gemeente die vrijwillig zal opereren zonder gemeentehuis.

Molenwaard – 30.000 inwoners – strekt zich uit over een kilometer of 25 van west naar oost. „Hoe moet de gemeente het contact onderhouden met burgers in zo’n uitgestrekt gebied? Die vraag hebben wij ons gesteld”, zegt Dirk van der Borg (57), nu burgemeester van Graafstroom, straks waarnemend burgemeester van Molenwaard. „Geen gemeentehuis bouwen lijkt ons het beste antwoord.”

Van der Borg ontvangt in het grijze, tijdelijke gemeentehuis dat in 2009 werd opgericht in een van de dorpskernen. Hier werken de ambtenaren en bestuurders van de drie gemeenten alvast samen, in de opmaat naar de fusie. Een eigen kamer heeft Van der Borg niet, hij noemt zichzelf nu al een „zwervende burgemeester”.

Medio 2014 wordt dit pand neergehaald. Ook de ‘oude’ raadhuizen, in de drie fuserende gemeenten, verliezen hun functie. Het gemeentehuis van Graafstroom wordt een bistro, het gemeentehuis van Nieuw-Lekkerland een school en het gemeentehuis van Liesveld wordt een ‘backoffice’ met werkplekken voor zo’n tachtig ambtenaren.

Alle andere ambtenaren, bijna honderd in getal, moeten gaan zwerven – net als de burgemeester. „Er komen zogenoemde aanlandplekken in alle dorpskernen”, zegt Van der Borg. „Kantoorplekken in bestaande gebouwen, waar zij kunnen werken.” Gemeenteloketten zullen verdwijnen. Koeriers zullen in een busje paspoorten rondbrengen. En raadsvergaderingen van Molenwaard zullen plaatsvinden in de dorpen zelf, in een verzorgingshuis, café of dorpshuis. „Zolang de mobiele geluidsapparatuur maar op zo’n plek past, en er genoeg ruimte is voor publiek”, zegt Van der Borg. „Het mooist zou zijn als de raad samenkomt in de dorpskern waar het in díé raadsvergadering over zal gaan. Dan komt de gemeente echt dicht bij de burger te staan.”

Geldgebrek heeft de plannen ook beïnvloed. De afgelopen jaren hebben de drie fuserende gemeenten samen 6 miljoen euro moeten bezuinigen, op een begroting van 60 miljoen. De komende jaren moet daar nog eens 1 tot 1,5 miljoen euro extra vanaf. Een nieuw gemeentehuis zou naar schatting 15 miljoen euro kosten. „Dat geld is er niet, dat wisten we van meet af aan”, zegt Van der Borg. „En we kwamen er al moeilijk uit, waar het pand zou moeten komen. Waarom dan een duur pand bouwen, ver van de burgers af?”

Drie miljoen euro stellen de gemeenteraden van Graafstroom, Liesveld en Nieuw-Lekkerland beschikbaar voor het ‘nieuwe werken’ van Molenwaard. Van der Borg: „Dat geld zal vooral opgaan aan de inrichting van de aanlandplekken, en aan technologie als iPads en geluidsapparatuur.”

Burgers in de drie fuserende gemeenten krijgen nu al ambtenaren op bezoek. Zoals Leo Waaijer, inwoner van Ottoland, gemeente Graafstroom. Waaijer (57) is arbeidsongeschikt, onder meer vanwege een aandoening aan zijn gewrichten en spieren. Via de wet maatschappelijke ondersteuning (wmo) krijgt hij gratis busvervoer, een rolstoel, een houten afstapje van zijn tuin naar zijn terras, en binnenkort een traplift. Voor die hulp van die gemeente heeft Waaijer de deur nooit verlaten: via een inlogcode op de gemeentewebsite legt hij contact met de gemeente. Waaijer krijgt een paar keer per jaar bezoek van een wmo-ambtenaar, die met hem bespreekt hoe zijn huis moet worden aangepast. Het thuisbezoek is praktisch, zegt Waaijer. „De ambtenaar heeft mij altijd in mijn eigen omgeving meegemaakt en kan veel beter inspelen om mijn behoeften.”

Waaijer wijst op het houten afstapje tussen zijn tuin en zijn terras. „Het was de ambtenaar opgevallen dat daar een hoogteverschil zat, waar ik weleens moeite mee zou kunnen hebben. Nu staat daar dat trapje. Ik had dat hoogteverschil niet eens gezien. Bij een wmo-loket op het gemeentehuis had ik dat zelf dus nooit genoemd.”

Niet alle burgers zijn enthousiast over de loketloze, draadloze plannen van de gemeente. Burgemeester Dirk van der Borg ontving onlangs een handgeschreven brief van een oudere bewoner van Streefkerk. Die schreef dat hij geen computer heeft, en ook niet bereid is zo’n onding aan te schaffen. Hoe moest hij straks in contact komen met de gemeente? De burgemeester: „Voor mensen als hij moet de mogelijkheid blijven bestaan om naar het gemeentekantoortje te komen, in zijn eigen dorpskern.” Maar daar is toch geen loket meer? „Klopt. Maar een afspraak maken met een ambtenaar moet altijd mogelijk blijven.”

    • Ingmar Vriesema