Alles draait (nog steeds) om geld

Shakespeares Timon van Athene speelt in de vijfde eeuw voor Christus. Regisseur De Mol trekt het naar het Griekenland van nu: kredietcrisis en fraude.

Timon van Athene, Toneelgroep Maastricht, tekst: William Shakespeare, regie/bewerking: Arie de Mol, spel:Lore Dijkman, Freek den Hartogh, Rogier in ‘t Hout,Judith Pol, Hans Trentelman, Martijn van der Veen, Sjoerd Vrins , muziek: Ruud van der Pluijm, decor- en kostuumontwerp:Theo Tienhooven, lichtontwerp: Gé Wegman, dramaturgie: Mart-Jan Zegers Ben van Duin

Theaterrecensent

‘Als je baadt in weelde, is geen deur vergrendeld!” roept een Nederlandse toerist verrukt uit op een zonovergoten Grieks eiland. Hij en zijn luidruchtige medetoeristen laven zich aan Griekse gastvrijheid. De zomerse dracht van korte broek en gebloemde jurk contrasteert met het gedistingeerde voorkomen van restauranteigenaar Timon. De gasten beschouwt hij als vrienden, al zijn het op geld beluste uitvreters.

In de regie van Arie de Mol bij Toneelgroep Maastricht begint Shakespeares tragedie Timon van Athene (1607) vrolijk en uitbundig, ook in de kleurstelling van het decor. Oogverblindend witte huizen, stralend blauwe zee. In Timons restaurant staan turquoise tafels uitnodigend klaar. Totdat de eerste vriend bij Timon aanklopt met geldproblemen, dan de tweede, enzovoort. Zijn generositeit is ongeëvenaard. Geld lijkt het geheim van elke vriendschap. In luchtig spel vertolken de acteurs de feestroes van onbekommerd geldbezit.

Shakespeare situeert het stuk in Athene in de vijfde eeuw voor Christus. Regisseur De Mol trekt het moeiteloos naar de hedendaagse tijd van kredietcrisis en beursfraude. Alles draait om geld, toen en nog steeds. Timons loyaliteit brengt hem tot bankroet: hij verpandt zijn landerijen en vrienden ontpoppen zich als schuldeisers. Kwamen ze eerst vol vleierij bij hem over de vloer, nu bonken ze, facturen in de hand, op de deur. Timon is verworden tot misdadiger.

Rogier in ’t Hout in de titelrol toont perfect aan dat hij de maskerade van zijn vrienden doorziet. Tijdens het laatste feest dat hij geeft, gooit hij hen water in het gezicht terwijl ze verrukkelijke ouzo verwachten. Ontgoocheld trekt Timon zich terug in de barre wildernis. In ’t Hout wentelt zich als een wildeman in de modder en vervloekt de mensheid. Als hij een oliebron ontdekt, komen zijn vrienden opnieuw aanzetten, nu met jerrycans en oliedrums. Het levert een humoristische scène op in deze beladen uitvoering.

Een mooie rol vervult Lore Dijkman als Timons geliefde. Zij probeert hem vergeefs terug te brengen naar het geluk van vroeger. Uiteindelijk pleegt Timon zelfmoord door van het vloeibare goud te drinken. Ondertussen bekleden zijn vrienden een rol in het Europees Parlement en beslissen ze over het lot van Griekenland. Net zoals in eerdere regies van De Mol, zoals Vijand van het volk van Ibsen, krijgt deze uitvoering krachtige parallellen met het nu. Timon is slachtoffer van zijn compromisloze houding. De gewetenloze machthebbers laten hem aan zijn lot over, al glimlachen ze vol begrip bij het lijflied van Europa, Beethovens ‘Ode aan de vreugde’. Vanaf reusachtige schermen kijken ze op de deerniswekkende Timon neer, als hedendaagse goden.

Het is terecht dat De Mol Timon van Athene actualiseert. Het stuk vraagt erom. In 2003 regisseerde Gerardjan Rijnders een indringende versie die zich afspeelde in een geldbeluste, wufte wereld met nadrukkelijke verwijzingen naar Pim Fortuyn, Nina Brink en de nieuwe rijken van Quote. Operaregisseur Pierre Audi daarentegen gaf in 1995 een visie op het drama als het kille verhaal van een eenzame misantroop. De politieke context plaatst het stuk in een noodzakelijk, hedendaags perspectief.

Met de dubbelrol van de spelers als Timons schuldeisers én senatoren doet regisseur De Mol een juiste ingreep. Wie zonder geld is, is machteloos overgeleverd aan de grillen van de politiek. Timon leeft in armoede, hij knaagt op wortels en drinkt olie. Zo diep is hij dus gezonken, of eerder: verraden.

Zijn voormalige vrienden begrijpen niets van dit zelfverkozen isolement. Dat maakt het nog tragischer. „In wat voor wereld zijn we terechtgekomen?” vragen ze zich hardop af, rechtstreeks de zaal in kijkend. En: „Wat bezielt Timon?” Dat ze door hun immorele gedrag zelf de aanstichter zijn van alle kwaad willen ze het liefst verdoezelen. Eigenlijk zegt Shakespeare het ergens al te mooi, over het verlangen naar geld „zoals de minnaar hunkert naar de lippen van zijn geliefde”. Dat is poëzie. De werkelijkheid achter deze woorden is ruw, hard en grimmig. Muzikant Ruud van der Pluijm laat dat horen in zijn dreigende soundscape. En de spelers van Toneelgroep Maastricht geven voortreffelijk vorm aan hun dubbelhartige karakters: vriendschap en armoede gaan niet samen, nooit.

Theater

Timon van Athene van William Shakespeare door Toneelgroep Maastricht.

Tournee t/m 18/2. toneelgroepmaastricht.nl ****