Waar de tong niet gaan kan

Zal de status van Gerard Reve aangetast worden nu blijkt dat hij zich vergreep aan een jongetje van vijftien, vraagt Arjen Fortuin zich af.

Hij lijkt wel twintig centimeter, de tong van Gerard Reve, zoals die zich op de tekening een weg slingert naar de mond van een vijftienjarige. ‘Guido werd bij Gerard op schoot gehesen alsof hij ook op het menu stond. Toen duwde de oude geilaard zijn tong in Guido’s mond, zogenaamd als begroetingsritueel.’ De scène staat in Kousbroek, de autobiografie in stripvorm van Gabriël Kousbroek die in februari verschijnt. De pagina’s zijn als teaser opgenomen in de aanbiedingscatalogus van uitgeverij Nijgh & Van Ditmar.

Vader en moeder Kousbroek keken de andere kant op toen Reve zich aan de vriend van hun zoon vergreep, zo legde de tekenaar uit in Het Parool. Het boek gaat volgens de auteur dan ook veel meer over zijn overleden ouders Rudy Kousbroek en Ethel Portnoy dan over de wandaden van de volksschrijver. Maar de tong van Reve genereert meer aandacht, wellicht zelfs in de vorm van een proces, want de krant was zo attent om Reves weduwnaar Joop Schafthuizen te bellen. Die verklaart dat Gabriël Kousbroek een ‘vies, vuil, ordinair mannetje’ is dat dertig jaar na dato nog jaloers is op de aandacht die zijn vriendje kreeg. En hij dreigt Kousbroek juridisch aan te pakken.

En anders zal de Australische schrijver Christopher Bantick wel in actie komen. Hij pleitte ervoor om Gabriel Garcia Márquez’ Liefde in tijden van cholera van de leeslijsten te halen omdat een van de 600 minnaressen van de hoofdpersoon een minderjarig meisje is. Foei, de kinderen zouden eens verkeerde dingen gaan denken als ze, moe van de internetporno, achteroverleunen met een roman. Op zich zit er in het plot van het boek wel een aanwijzing dat er iets niet in de haak is; het meisje pleegt zelfmoord.

En voor het geval de Australische gedachtenpolitie hier opduikt: koop en verstop snel de mooie poëziekalender die is gemaakt om het van zijn subsidie beroofde Tirade te steunen. Of scheur snel het blaadje van 12 januari – en vier andere data – eruit. Daar staan immers gedichten van Jan Hanlo, een van de (in tegenstelling tot Reve) wél veroordeelde pedofielen van de Nederlandse literatuur. Hanlo mag in Limburg inmiddels weer bestaan. Het Stiena Ruypers Park in Valkenburg gaat Jan Hanlohof heten, twaalf jaar nadat Hanlo ongeschikt werd bevonden als straatnaamgever. Quizvraag: hoeveel straten zijn er naar Gerard Reve vernoemd? En hoe lang nog?