Spreken op het juiste moment

Wat kan een minuut stilte kort duren. Wie Alain Nieuwenhuizen heeft horen en zien praten, wenst zich een week van gepast zwijgen. Hij is de zoon van de grensrechter die het vlaggen met de dood heeft moeten bekopen. Alain (18) sprak na de stille tocht in Almere, zondag een week geleden. Het was indrukwekkend, in woord en gebaar.

Maar het duurde niet lang of de voetbalwereld kakelde er al op los, voorafgaand, tijdens en na dat weekend van bezinning.

Het begon met de trainer van Sparta, Michel Vonk, die een volkomen terecht gegeven rode kaart bagatelliseerde.

Daar was Jan van Halst al, de analyticus die op tv de vaste tegenspreker is van Jan Mulder, als die weer eens strikte en consequente toepassing van de spelregels bepleit, en zware straffen voor onbeschoft voetbal. Van Halst is dan nu niet de eerste om te oordelen, zou je denken.

Vervolgens sprak de voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond, Michael van Praag. Zo’n trainer „hoort niet in het voetbal thuis” , beweerde bij over KNVB-lid Vonk. De voorzitter voegde eraan toe: „De lichaamstaal van die man alleen al.”

Tja, lichaamstaal. Dikwijls te zien op en langs de velden. Zelden een vertoon van beschaving.

Voetbal bewijst zichzelf al jaren slechte diensten. Het verkeerde voorbeeld wordt dikwijls aan de top gegeven. Bruut geweld op en naast het voetbalveld. Soms voor de eer van van de natie.

De WK-finale van 2010, Nederland-Spanje. De ‘karatetrap’ van Nigel de Jong. Het Nederlandse voetbal verloor die middag veel goodwill. De Jong kreeg slechts een gele kaart, werd niet geschorst en de bondscoach hield hem bij de selectie. Want zo’n speler hoort in het voetbal thuis.

Wat deed Van Praag, toen het ging om een voetballer die onder de directe verantwoordelijkheid van de KNVB viel? Hij hield de lippen op elkaar; ook de rest van zijn lichaam gaf taal noch teken.

Had de voorzitter van de koninklijke bond toen maar gesproken. Al was het een minuut.

John Kroon