Je kunt erop wachten dat een kind langs de weg wordt geboren

Vandaag sluit de afdeling verloskunde in het ziekenhuis in Dokkum. Leeuwarden is nu het dichtstbijzijnde adres. Langzaam bevallen dus.

De vrouwen in de wachtkamer van de huisartsenpraktijk kunnen er over meepraten: bevallen in Noord-Friesland. Maar goed, zeggen ze, dat zij het achter de rug hebben en niet nog hoeven. Mevrouw Visser (48) die in 1991 een spoedkeizersnee kreeg, hier vlakbij in het ziekenhuis in Dokkum – het hartje van haar dochter klopte te langzaam. Ze denkt er niet graag aan terug. „Als ik niet zo snel hier was gekomen, had zij het mogelijk niet overleefd.”

Vandaag sluit de afdeling verloskunde van het kleinste ziekenhuis van Nederland: de Sionsberg in het Friese Dokkum. Het betekent dat vrouwen in deze streek alleen thuis kunnen bevallen als men verwacht dat dat vlekkeloos zal verlopen. En dat weet je nooit. Het betekent ook dat baby’s die te vroeg worden geboren, die complicaties hebben als zuurstoftekort of die zich in een hevige ‘weeënstorm’ aandienen, verder vervoerd moeten worden. Het dichtstbijzijnde ziekenhuis staat in Leeuwarden (28 kilometer van Dokkum en nog verder van dorpen als Nes of Moddergat). Alleen vrouwen die langzaam bevallen, kunnen de weg naar Leeuwarden rustig afleggen.

Er waren al medische afdelingen verdwenen uit Noordoost-Friesland. Darm- en borstkankeroperaties worden er sinds anderhalf jaar niet meer uitgevoerd. Ingewikkelde operaties, aan long, hart of slokdarm, werden er nooit gedaan. En nu sluiten de verloskunde en de kinderafdeling. De bewoners hebben geprotesteerd. Maar het enige wat blijft in de Sionsberg zijn ‘laagcomplexe’ operaties zoals liesbreuken. En poliklinische afspraken voor diagnose en herstellende patiënten. Er is een noodpost die opvang biedt maar geen Spoedeisende Hulp mag heten omdat er geen spoedeisende-hulparts werkt.

Op de wegen tussen Dokkum en Leeuwarden en Drachten (31 kilometer, ook een ziekenhuis) is het ’s avonds pikdonker. Je mag er 80 rijden. En overdag, merkt een patiënt in de huisartsenpraktijk lachend op, zit je soms lang vast achter een tractor naast een doorgetrokken streep.

De lokale zorgverzekeraar heeft in Metslawier, ten noorden van Dokkum, 24 uur per dag een ambulance klaar staan. Maar dat neemt niet alle zorgen weg. Rijden van Metslawier naar Anjum, bijvoorbeeld, duurt gemiddeld zeven minuten. Voor het inladen van een patiënt staat wettelijk vijf minuten en dan is het 42 minuten naar Leeuwarden. Beste scenario: 54 minuten van het 112-telefoontje tot aankomst bij het ziekenhuis. Het wettelijk maximum is 45 minuten.

Verloskundige Janke de Vries, die Dokkum en omstreken bedient, zegt: „Je kunt erop wachten dat een kind langs de weg wordt geboren. Of, God verhoede, dat het overlijdt.” Zij heeft protestbrieven geschreven aan minister Schippers (VVD, Zorg). Geen effect. „Zwangere vrouwen vragen mij steeds: waar moeten we heen als de bevalling niet goed gaat?”

En dan de kosten; alle vrouwen wordt aangeraden naar Leeuwarden te rijden als de weeën begonnen zijn. Maar de ziekenhuisbevalling vergoedt de verzekeraar alleen als er een ‘medische indicatie’ is (ongeveer de helft van de vrouwen). Of als ze op meer dan 45 minuten van Leeuwarden wonen. Dat zijn 8.000 vrouwen tussen 25 en 44 jaar, volgens berekeningen van deze krant. Minder dan de helft, volgens de zorgverzekeraar.

Men kan twisten over de aantallen, zegt Jelle Nutma, waar het om gaat is dit: een groep moeders en kinderen loopt straks iets meer risico dan nu omdat de afstanden groter worden. „Wij bestuurders moeten die risico’s niet ontkennen.” Nutma is sinds september directeur zorg van de Sionsberg. Er is maar één devies, zegt hij: intensieve risicoscreening. „De verloskundigen moeten in kaart brengen welke vrouwen kans lopen op een gecompliceerde bevalling. Die moeten meteen naar Leeuwarden als de weeën beginnen.”

Onvoorziene noodsituaties zul je altijd houden, zegt Nutma. Maar dit is een vergrijzend gebied. Vorig jaar waren er maar 450 bevallingen in de Sionsberg (en een paar honderd thuis). Over een paar jaar, verwacht hij, zal de gynaecologische beroepsgroep eisen dat er minimaal 1.000 bevallingen per jaar worden gedaan in een ziekenhuis om de kwaliteit te waarborgen. „Dat halen we nooit.”

Ook huisarts Theo Franck in Dokkum relativeert. „We leven in een tijd dat iedereen alle risico’s wil uitbannen. Dat kan niet. Je kunt je zelfs afvragen of de 1,3 miljoen euro die nu is geïnvesteerd in die ambulance, niet beter aan ouderenzorg hier besteed kan worden.” Ziekenhuisafdelingen sluiten ook, zegt Francke, omdat de beroepsgroepen van artsen de normen verhogen. „We willen allemaal de beste operaties. Dus kunnen die niet plaatsvinden in dunbevolkte gebieden als dit, waar de chirurg er per jaar te weinig doet om zijn vaardigheid op peil te houden.”

Een van Francks patiënten is Hendrik Venema (73) uit Bornwird. Bij hem werd vorige week, in Drachten, een darmtumor verwijderd. Goed gegaan, niets te klagen. Twee jaar eerder zou die operatie nog in Dokkum zijn gebeurd. Maar de kwaliteitsnormen – de aantallen patiënten – werden verhoogd en daar kon de Sionsberg niet aan voldoen. Zal best, zegt Venema, maar hij vindt de afstand naar Drachten (35 kilometer) „een ramp”. Zijn vrouw rijdt niet. Vrienden en familie brachten haar elke dag naar Drachten om hem op te zoeken. Wat hem dwarszit, is: „Ik moet de benzine voor 70 kilometer zelf betalen. Ik was machinist in de wegenbouw. Zestigurige werkweken maakte ik. Ik heb altijd evenveel belasting betaald als mensen in de stad. Maar hier verdwijnt de ziekenhuiszorg en de busverbinding.”

Informatie graphic Arlen Poort