... en de 'Pro-guns' houden zich even stil

Voorstanders van het recht op vrij wapenbezit laten zich amper horen na de schietpartij in de VS. Maar ze weten dat zij oppermachtig zijn.

newtown. Ze houden zich grotendeels stil, de voorstanders in Washington van het recht op vrij wapenbezit. De talkshow Meet The Press, de meest gewilde etalage van Congresleden, probeerde 31 ‘pro gun’-senatoren in de studio te krijgen. Niet één reageerde. Het zijn nu, vlak na de schietpartij in Newtown, vooral de tegenstanders die van zich laten horen. Talloze commentatoren en politici roepen op tot een verbod op vuurwapens, betere regels of ten minste een debat. Dianne Feinstein, een Democratische senator uit Californië, zei dat ze direct na het kerstreces een wetsvoorstel zal indienen dat het bezit en de verkoop van zware vuurwapens als automatische geweren verbiedt. Adam Lanza gebruikte in Newton een automatisch machinegeweer en twee semi-automatische pistolen.

Maar schijn bedriegt. Voorstanders van vrij wapenbezit weten dat zij oppermachtig zijn. Een meerderheid van de Amerikaanse bevolking is niet langer voor strengere regels. Uit een enquête vlak na de schietpartij in Aurora, afgelopen zomer, bleek dat Amerikanen zulke schietpartijen zien als een incident, uitgevoerd door een eenzame gek. Dat, vinden veel Amerikanen, is niet te voorkomen door een verbod op vuurwapens. Twaalf jaar geleden, na de schietpartij op Columbine High School, waren nog twee van de drie Amerikanen voor strengere wapenwetten. Langzaam kalfde die steun af naar 44 procent nu, volgens bureau Gallup.

De brede steun voor vrij wapenbezit is maar ten dele te verklaren door het tweede amendement van de Amerikaanse grondwet. Dat amendement dateert van 1791 en heeft altijd vrij brede steun gehad. Het idee achter het amendement, geschreven vlak na de Onafhankelijkheidsoorlog met Engeland, was dat burgers zich moesten kunnen wapenen als hun leiders zich als tirannen zouden gedragen.

Ook is het maar ten dele waar dat Amerikanen te vrijheidslievend zijn om geen wapenwetten te willen. Columnist Nicholas Kristof van The New York Times schreef dit weekend dat Amerikanen dol zijn op regels, zeker als ze de veiligheid vergroten. Er zijn vijf pagina’s met federale voorschriften voor het gebruik van ladders, schreef hij, terwijl ladders hooguit zorgen voor driehonderd doden per jaar. Vuurwapens doden ieder jaar circa 30.000 Amerikanen.

Wat zeker is veranderd, is de Amerikaanse waardering van wapens als cultureel erfgoed. Rick Santorum, een conservatief-christelijke leider, omschreef zichzelf en zijn achterban als mensen die „in de ene hand een vuurwapen en de andere hand de Bijbel” dragen.

Deze kijk is de laatste jaren steeds meer gemeengoed geworden, onder meer het resultaat van de intensieve lobby van de National Rifle Association, de machtigste lobbyorganisatie in Washington. De NRA heeft ruim vier miljoen leden, onder wie veel prominente conservatieven.

In het debat over wapenbezit speelt de beweging nu een dubbelrol: ze pleit niet voor vrij wapenbezit, maar roept op tot ‘verantwoordelijk gebruik’ en zegt dat eerst bestaande wetten moeten worden gehandhaafd voordat er strenge nieuwe wetten komen. Ook Democraten hebben dat jargon overgenomen.

De kans is klein dat Obama met voorstellen komt. Wel steunt hij herinvoering van het verbod op zware vuurwapens. Dit verbod bestond lange tijd, maar liep af in 2004.

    • Guus Valk