Een openbaar stervende walvis is zielig

Bultrug Johannes is dood. Was het aangespoelde dier te redden geweest? Natuurbeschermers en deskundigen staan tegenover elkaar.

Twee pogingen werden gedaan de bultrug van de zandplaat te krijgen, maar beide keren vergeefs. Foto ANP

We zien een dier sterven en het hele land breekt zich het hoofd over wat we eraan kunnen doen. Zo gaat het met zeehonden in de Waddenzee. Zo gaat het met edelherten tijdens koude winters in de Oostvaardersplassen. En zo gaat het met bultruggen.

Afgelopen woensdag strandde een twaalf meter lange bultrug op zandplaat de Razende Bol bij Texel. Ziek. Of gedesoriënteerd. Misschien verdwaald. Sindsdien woedt een nationale discussie over het dier dat gisteren overleed.

Het aantal twitterberichten liep vooral zaterdag en zondag snel op. Na de dood van Johannes, zoals de bultrug was gedoopt, kregen sommige tweets een dreigend karakter. Ecomare op Texel zou niet onvoldoende hebben gedaan om het dier te redden, en Naturalis in Leiden zou vooral interesse hebben in een dode bultrug, om het skelet te kunnen exposeren.

Bultrug Johannes leek kort na de stranding in redelijke conditie. Hij kwam twee keer van zijn plaats, maar kwam ook weer vast te zitten in de ondiepe geulen. Deskundigen van onder meer Ecomare stelden vrij snel vast dat het weinig zin had het twintig ton zware gevaarte te willen redden. Toch werden twee acties ondernomen. Vergeefs. Daarna werd het dier in slaap gebracht. Vervolgens duurde het twee dagen voordat Johannes definitief de geest gaf.

Een stervend dier is zielig, weet conservator Kees Moeliker van het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam. „Wanneer een walvis voor de ogen van mensen en televisiecamera’s sterft, ontstaat de drang om te helpen, om in te grijpen, om de walvis te redden van de dood”, schreef hij zaterdagmiddag op zijn weblog.

Maar is hulp zinvol? Stel dat we de bultrug hadden kunnen zien wegzwemmen? „Slaat hij bij wijze van laatste groet met zijn staart, pinken de redders een traantje weg, en kiest hij het ruime sop? Nee, de kans is groot dat het zieke, verzwakte dier alsnog sterft, opnieuw aanspoelt of naar de zeebodem zinkt”, aldus Moeliker.

Toch is toekijken moeilijk. Kees Camphuysen, onderzoeker bij zeeresearchcentrum NIOZ: „Het was een goed, afgewogen besluit te stoppen met de reddingsactie. Maar dat wordt in Nederland niet geaccepteerd. Er ontstaat een twitterstorm waar je eigenlijk geen weerstand aan kunt bieden. En dus is toch een nieuwe reddingspoging gedaan.”

Natuurorganisaties zijn teleurgesteld en boos dat niet met meer middelen is geprobeerd de bultrug te redden. André van Gemmert van de Zeehondencrèche Pieterburen kon het gisterochtend niet langer aanzien. Hij trotseerde het gebiedsverbod dat burgemeester Giskes van Texel had afgekondigd en vertrok met een walvisdeskundige naar de Razende Bol. Van Gemmert: „Wij hebben de burgemeester zaterdag onze hulp aangeboden. Ze weigerde te luisteren. Ze gooide de hoorn op de haak. Dan voelen wij ons ook niet gebonden aan dat gebiedsverbod.”

Gisterochtend stelden zij vast dat Johannes dood was. Van Gemmert: „Wat ons stoort, is dat er in Nederland wel plannen van aanpak zijn voor wat te doen met dode dieren, maar niet voor wat te doen om dieren te redden. Zo’n instituut als Naturalis kiest voor de dood. Wij kiezen voor het leven.”

Rijkswaterstaat laat Johannes nu wegslepen. Vermoedelijk zullen medewerkers van Naturalis dinsdag de bultrug „vrij prepareren” en het skelet schoonmaken. Aan de Universiteit Utrecht wordt onderzocht of het dier iets mankeerde. Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren gaat Kamervragen stellen.

    • Arjen Schreuder