Een held van het vrije woord

Er gaan jaren voorbij zonder dat je iets over Adriaan Koerbagh hoort, maar 2012 was een goed Koerbagh-jaar. En de afgelopen weken was het helemaal raak. Op 4 december wijdde de Erasmus Universiteit een studiedag aan Koerbagh en twee dagen later verschenen twee boeken van hem online.

In 1664 publiceerde Koerbagh, een Amsterdamse arts en jurist, ’t Nieuw Woorden-Boek der Regten. Hierin verklaarde en vertaalde hij enkele duizenden juridische ‘bastaardwoorden’. Koerbagh wilde de geleerden ertoe aanzetten, zo schrijft hij, hun moerstaal te spreken. Zijn boekje was ook bestemd voor diegenen die Latijnse woorden gebruikten om geleerd te doen, maar dan „gelijk den Indiaanschen klap-vogel, die sonder verstant de woorden der menschen nabootst”.

Vier jaar later, in 1668, publiceerde hij Een Bloemhof van allerley lieflijkheyd. Dit boek is de reden dat er nog steeds onderzoek naar hem wordt gedaan. In de loop der tijd was Koerbagh een overtuigd vrijdenker geworden. Hij geloofde in God, maar stelde de rede boven de Bijbel en de openbaring.

Ook Bloemhof bevat een lijst met duizenden bastaardwoorden. Bij het overgrote deel beperkte Koerbagh zich tot een korte vertaling en verklaring, maar elders trok hij fel van leer tegen juristen, artsen, astrologen, vrouwen en liefhebbers van vreemde en dure spijzen. Bovenal richtte hij zijn pijlen op de godsdienst.

Koerbagh benaderde religie als een wetenschapper, met scalpel, meetlat en vergrootglas. Hij lachte om het feit dat de samenstellers van de Bijbel dachten dat de aarde plat was en noemde het rekenkundig onmogelijk om alle dieren aan boord van de ark van Noach te krijgen.

Koerbagh beschuldigde bisschoppen van kuiperij en machtswellust, bestempelde relikwieën als ‘vodderij’ en schreef bij het trefwoord altaar: „De roomsen kunnen, wat zelfs God niet kan: op ieder uur van de dag uit een klein stukje meelgebak een mens maken.”

Een van zijn stokpaardjes was dat de bijbel niet goed was vertaald. Door een woord in het Hebreeuws of Grieks te laten staan, aldus Koerbagh, probeerden de geestelijken het gewone volk van de waarheid af te houden. „Het woord bibel”, schreef hij, „is een aan het Grieks ontleend woord dat simpelweg boek betekent, al was het een boek over Reintje de Vos of over Uilenspiegel.”

De autoriteiten waren not amused. Koerbagh vluchtte, begon aan een nieuw boek, werd gepakt en veroordeeld tot tien jaar celstraf (de eis was: dertig jaar plus doorboring van zijn tong met een gloeiende priem). Een paar maanden later stierf Koerbagh aan uitputting in het Amsterdamse Rasphuis, 36 jaar oud.

De meeste exemplaren van zijn boeken zijn verbrand, daardoor zijn ze zeer zeldzaam. Maar nu zijn ze dus voor iedereen digitaal te raadplegen. Volgend jaar belooft overigens weer een goed Koerbagh-jaar te worden, want dan zal Bart Leeuwenburgh, verbonden aan de Erasmus Universiteit, een monografie publiceren over deze vroege held van de rede en het vrije woord.

De boeken van Koerbagh zijn hier te vinden: bit.ly/koerbagh-1 en bit.ly/koerbagh-2. Voor een selectie uit Bloemhof in hertaling, van bovengetekende, zie bit.ly/koerbagh-3.

Ewoud Sanders schrijft wekelijks op deze plek over taal.

    • Ewoud Sanders