Doorbraken fysica 2012: Nederland scoort goed

Na alle fraudeaffaires is er weer goed nieuws voor de Nederlandse wetenschap. Volgens vakblad Physics World, een uitgave van het toonaangevende Amerikaanse Institute of Physics, is Nederland verantwoordelijk voor ruim 20 procent van de natuurkundedoorbraken dit jaar.

Dit weekeinde publiceerde het blad de toptien van die doorbraken. Op nummer twee staat het werk van de Delftse groep van Leo Kouwenhoven die dit voorjaar de eerste aanwijzingen vond voor het bestaan van Majoranadeeltjes. Deze lang geleden voorspelde en geheimzinnige deeltjes ‘kunnen nuttig zijn in toekomstige quantumcomputers’, schrijft het blad.

De Twentse groep van Allard Mosk staat op nummer vijf. De groep keek dwars door ondoorzichtige materialen naar fluorescerende letters en cellen. Dat biedt nieuwe mogelijkheden in de medische diagnostiek, schrijft Physics World, namelijk om met ‘gewoon’ zichtbaar licht door de huid heen te kijken.

Ten slotte had Nederland een aandeel in de nummer één van de lijst. Dat is – niet onverwacht – de ontdekking van het Higgsdeeltje bij het Europees instituut voor deeltjesonderzoek Cern, bij Genève. Het is natuurlijk het werk van duizenden fysici, maar het Nederlandse aandeel wordt op meer dan procenten geschat. Door slim opereren heeft Nederland zijn invloed op de grootschalige metingen sterk vergroot, oordeelde vorig jaar een internationale commissie.

Wim van Saarloos, directeur van stichting FOM die het overheidsgeld voor de fysica verdeelt, is niet verbaasd, zegt hij. „We besteden in Nederland 39 procent minder geld aan natuurkundeonderzoek dan landen wereldwijd gemiddeld doen. En nog stukken minder als je Nederland vergelijkt met andere geïndustrialiseerde landen. In die zin is de fysica in Nederland ondervertegenwoordigd. Maar kijk je naar de impact van Nederlandse fysici – hun citaties, hun invloed – dan zijn we nummer één in de wereld. Dit past daarbij.”