Don Draper is bang voor verandering

Mad MenSeizoen 5, 13 afleveringen van 45 min. € 29,95 ****

De knappe womanizer Don Draper (Jon Hamm) vergelijken met Maarten Koning, de hoofdpersoon uit de romancyclus Het Bureau (1996-2000) van J.J. Voskuil, is onmogelijk. De eerste is een kwetsbare, narcistische reclameman die de hoofdrol speelt in de populaire Amerikaanse dramaserie Mad Men. De tweede een nihilistische wetenschappelijk ambtenaar die onderzoek doet naar de Nederlandse Volkscultuur bij het Meertens Instituut. Toch bestaan er overeenkomsten tussen de tv-serie en de romancyclus: beide verhalen spelen zich af in de jaren vijftig en, voornamelijk, op kantoor. Het effect bij de consument is hetzelfde: je loopt ermee weg of vindt er niks aan. Net als bij Voskuil moet je voor Mad Men de tijd nemen om in het verhaal te komen. De verhaallijnen zijn breed uitgesponnen en op het eerste gezicht lijkt er werkelijk niets te gebeuren op het New Yorkse reclamebureau Sterling Cooper Draper Pryce. Maar juist daarin schuilt de kracht van de serie. Mad Men is traag. Alles sukkelt voort, zoals het leven zelf.

In dit vijfde seizoen – waar ook dit keer grote rollen zijn weggelegd voor Don Draper en partner Roger Sterling (John Slattery), de wulpse secretaresse Joan Harris (Christina Hendricks) en de vooruitstrevende copywriter Peggy Olson (Elisabeth Moss) – beginnen de invloeden van de jaren zestig nu écht het New Yorkse reclamebureau Sterling Cooper Draper Pryce binnen te dringen. Niet alleen worden er voor het eerst een zwarte secretaresse en een joodse copywriter aangenomen, ook de charmante Megan, de nieuwe echtgenote van Don, vertoont onverwacht moderne trekjes die haar kersverse echtgenoot maar moeilijk kan verteren. Zo organiseert Megan voor Don een surpriseparty waar zij, voor het hele bedrijf, een wulps Frans liedje zingt en daarbij haar rokje hoog optrekt. Een uiting van speelsheid waar de conservatieve Draper bleek van om de neus wordt.

Hilarisch is ook de allereerste lsd-trip van de gladde, zilvergekuifde Roger Sterling. Samen met zijn vrouw gaat hij naar een feestje van een psychiater waar, na het nuttigen van het diner, aan ieder een klontje lsd wordt geserveerd. Het resulteert in een bizarre nacht waarbij Roger niet alleen zichzelf ziet veranderen in een reclameadvertentie maar ook telkens een opera hoort bij het ontkurken van de wodkafles. Bij al deze ontwikkelingen gedijt lang niet iedereen. Bij elk personage, of het nu gaat om de zelfbewuste Joan of de gewetensvolle Peggy, kruipt het ongemak onder de huid. De sociale revolutie, de Vietnamprotesten, The Rolling Stones en The Beatles: het zou een inspiratiebron en een uitdaging moeten zijn voor een hip reclamebureau. En toch blijkt de angst voor verandering groter. Zoals reclamejongen Pete Campbell zegt over de eerste foto van de aarde vanaf de maan uit 1966: „Wat zien we er toch kwetsbaar en eenzaam uit.”

    • Rosan Hollak