Verlies van eredivisie gehalveerd

De voetbalclubs uit de eredivisie hebben over het afgelopen seizoen hun gezamenlijke verlies weten te halveren tot 15,1 miljoen euro. Dat blijkt uit de jaarcijfers die de KNVB en de koepelorganisaties van de ere- en eerstedivisie gisteren presenteerden. In het seizoen 2010-2011 was het totale verlies in totaal 35 miljoen. De relatieve verbetering van de resultaten was mede te danken aan bezuinigingen op spelerssalarissen.

Hoewel de voetbalbond geen cijfers over afzonderlijke clubs bekend heeft gemaakt, kan uit jaarverslagen worden afgeleid dat nog zeven clubs verliesgevend zijn. Vitesse spant de kroon met een verlies van meer dan twintig miljoen euro, maar de Arnhemse profclub is in handen van een puissant rijke eigenaar, de Georgiër Merab Jordania.

De publieke belangstelling voor de eredivisie nam licht toe. De wedstrijden trokken gemiddeld iets meer dan negentienduizend toeschouwers. De bezettingsgraad van de stadions bleef onverminderd hoog: 90 procent.

Bij een vrijwel gelijke omzet (in totaal 433 miljoen euro) verbeterde het gezamenlijke bedrijfsresultaat van de eredivisieclubs deels door een besparing van 6,8 procent op de salariskosten van spelers. Daarnaast boekte de eredivisie een positief resultaat op de transfermarkt van 12,8 miljoen euro. De plaatsingspremies voor Europees voetbal daalden van 33 miljoen in seizoen 2010-2011 naar 20,7 miljoen in het afgelopen seizoen.

Ook met de financiële positie van de voetbalclubs in de eerste divisie gaat het de goede kant op. Het totale verlies bedroeg 4,3 miljoen euro, tegenover zes miljoen euro het seizoen ervoor.