Een tedere zoektocht

Maurits de Bruijn: Broer. Nieuw Amsterdam, 191 blz. € 16,95. ***

Als een tv die telkens naar een nieuwe, buitenlandse zender verspringt, zo laat het debuut van Maurits de Bruijn zich nog het best samenvatten. In een tamelijk gering aantal pagina’s weet de hoofdpersoon Wolf naar maar liefst acht plekken op de wereldkaart te reizen. Hij neemt zijn besluit om weer een andere wereldstad aan te doen met het gemak waarmee iemand in een café nog een biertje bestelt.

De reislust is te verklaren uit Wolfs zoektocht naar zijn broer, simpelweg aangeduid als ‘Broer’, die ongeveer tien jaar geleden spoorloos verdween tijdens een wereldreis. Wolfs speuren is ondanks de vele verplaatsingen echter van innerlijke aard. Via de mensen die hij ontmoet, lijkt hij een consistent beeld van zijn broer te willen componeren. Nieuwe belevenissen en gesprekken roepen herinneringen aan Broer op, totdat Wolf erachter komt dat deze vroeger al zo mysterieus was, dat er helemaal niets consistents te construeren vált.

De Bruijn heeft de labiliteit van Wolf slim vormgegeven. Zo krijg je nooit te weten of het verhaal nu een week of enkele jaren in beslag neemt, waardoor steden als New York, Berlijn of Tel Aviv als een nieuw behangetje langs je geestesoog vliegen.

Wolfs poging om informatie in te winnen over iemand die waarschijnlijk al is overleden, leidt tot een hoogtepunt in een kibboets in Israël, waar Wolf een ex van zijn broer interviewt. Tijdens het gesprek steekt een man nieuwsgierig zijn hoofd om de hoek en vraagt aan Wolf: ‘Ben je beroemd?’

Interessante omstandigheden kortom, al wordt het af en toe wat al te warrig opgeschreven. In een vreemde mix van verleden en tegenwoordige tijd bijvoorbeeld: ‘Yin en yang, ik had er weleens van gehoord maar wist niet wat het betekent.’ Of in mistige zinnen die vragen om uitleg: ‘Israëlische vrienden van mijn ouders brengen elke zomer kahkifruit mee. Dankzij die vrucht heb ik voor het eerst seks, het smaakt naar de gedachte aan een ander.’ Mooi is dan weer de passage waarin Wolf weigert om bij een vriendje op de rug te zitten in zee, omdat hem dat te veel aan zijn vader doet denken. Een teder boek dus, dit Broer, al had de auteur iets meer begeleiding verdiend.