Luuk Bode verlaat de graffiti

Luuk Bode: Tier (220 x 200 cm) Foto Galerie Zic Zerp

Pandorama t/m 22 december in Galerie Zic Zerp, Van Speykstraat 129, Rotterdam. Inl: ziczerp.nl

Hoe kom je als kunstenaar van je graffitiverleden af? Luuk Bode is een kunstenaar uit de Rotterdamse Showroom Mama-stal, waar rond de eeuwwisseling street art een tegengeluid vormde in alle culturele hoofdstadplannen. Prima, glossy galeries en beeldenterrassen, maar jongeren als Bode lieten zien dat er ook kunst bestond die nog niet door die galeries en musea werd omarmd (later wel).

Graffiti en cartoons vormden de voedingsbodem van Bodes schilderstijl met veel stripfiguurtjes, slick, strak, urban. Cool, maar niet om eeuwig mee door te gaan. Dat zie je bij veel urban artists. Zodra ze de dertig zijn gepasseerd, komen ze in een andere fase. Als om zeven uur de wekker gaat omdat je naar je kantoor moet of je kind naar de crèche, dan voelen nachtelijke graffiti-avonturen als iets wat je ontgroeit. Dus wat doe je dan als schilder?

Geen idee of Bode een wekker zet, maar zijn nieuwe schilderijen bij Galerie Zic Zerp zien eruit alsof hij een nieuwe weg zocht, naar een volwassen kunst. De poppetjes zijn vervangen door een abstracte beeldtaal van zwart-wit-grijze hoeken en kleurige vormen, vol kunsthistorische referenties. De vormen zijn zo messcherp langs linialen en tape afgetekend dat Mondriaan – ook een inspiratiebron – er nog een puntje aan kan zuigen. Die uitgebalanceerde snelheid is eenzelfde tegenstrijdigheid als in de kunstpersiflages waar Roy Lichtenstein spontane kwaststrepen nauwgezet, en dus niet spontaan, naschilderde. Die swingende precisie heeft het werk van Bode ook. Het is de dynamiek die hoort bij graffers die ’s nachts gauw een piece zetten maar ondanks die snelheid loont de trage blik. Dan zie je hoe vernuftig vormen zich herhalen in schaduwen, vlakken doorkijkjes vormen, balken verbreden en versmallen, subtiele ruimtelijke effecten ontstaan.

Alles is abstract en toch herken je de stad waar Bode vandaan komt: snelheidsstrepen, flarden architectuur, optimistisch maar ook doorboord, zoals sloop en grotestadsproblematiek de stad steeds beschadigen. Daar kun je op schilderniveau Fontana’s doorboorde canvassen in zien, op straatniveau doet het denken aan de door oorlogschaos geïnspireerde ontwerpen van de onlangs overleden Amerikaanse architect Lebbeus Woods. Zijn ideeën mochten bijna alleen op papier ontstaan – één is uitgevoerd aan het Nederlandse architectuurinstituut, niet ver van waar ook Bodes tentoonstelling chaos en constructie verenigt, straat en kunstgeschiedenis. Een volwassen kunst die het beste van twee werelden samenbrengt.

    • Sandra Smets