Alles is openbaar

In Frankfurt is een grote tentoonstelling te zien over privacy. Voor oudere kunstenaars blijkt het weergeven van intimiteit soms nog een taboe. Voor jongere niet.

Michel Auder: Keeping Busy (film still), 1969 Foto Aurel Scheibler, Berlijn

Een naakte, hoogzwangere vrouw stapt voorzichtig in het volgelopen bad, schemerlicht valt door een hoog raam. De bewegingen van de vrouw zijn traag, maar de fragmentarische filmbeelden volgen elkaar in hoog tempo op: close-ups van buik en dijen, de vrouw liggend in bed, haar gezicht verkrampt van pijn tijdens de weeën, een close-up van haar geschoren vagina waar, als een donker oog, de top van een babyhoofdje zichtbaar wordt, terug naar het stille spiegelende water van het bad, opnieuw het vertrokken gezicht, de baby wordt tevoorschijn getrokken, sijpelend bloed, nageboorte.

De Amerikaanse experimentele filmmaker Stan Brakhage haalde zich met Window Water Baby Moving (1959) de woede van het publiek op de hals. In een soort emotioneel delirium van beelden toont de film de geboorte van zijn kind. Mannen verlieten misselijk de bioscoopzaal. Feministen waren boos omdat Brakhage zijn vrouw had misbruikt door haar in te zetten als ‘object van de mannelijke blik’ en als propaganda voor de ‘nuclear family’.

Deze woede is nu moeilijk meer voorstelbaar. De film van Brakhage oogt als een intiem en poëtisch document van een bevalling. We zijn gewend geraakt aan niets verhullende beelden van intieme gebeurtenissen op film en op tv, en vaak zijn die veel harder en directer dan Brakhages film. De kunstenaar Leigh Ledare (Seattle, 1976) doorbrak zo’n tien jaar geleden misschien een laatste taboe. Hij maakte, op haar verzoek, een fotoserie van het seksleven van zijn moeder. De moeder plaatst contactadvertenties en ontvangt, zwaar opgemaakt, behangen met goedkope sieraden en in sexy lingerie, in haar rommelige slaapkamer jonge minnaars. Terwijl zij een striptease doet op bed kijkt zij in de camera die bediend wordt door haar zoon. Ledare fotografeerde zijn moeder ook zonder make-up en dan zien we een labiele oude vrouw. Het contrast tussen haar twee gezichten is verontrustend, het feit dat zij de moeder is van de fotograaf nog meer.

Post-privacy

De tentoonstelling Privacy gaat over het verdwijnen van de scheidslijn tussen privéleven en openbaarheid, door Facebook en andere sociale media, door internet en webcam, door talkshows, chatrooms en reality-tv. De begrippen ‘privacy’ en ‘intimiteit’ behoren tot het verleden. We leven, zo is de stelling, in het tijdperk van ‘post-privacy’, het tijdperk van de radicale openheid van het persoonlijk leven.

Privacy toont aan de hand van kunstwerken vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw tot nu hoe deze verandering zich voltrokken heeft. De tentoonstelling begint met oude familiefoto’s en filmpjes van het dagelijks leven van vroeger: een kinderverjaardag thuis, een bezoek aan de dierentuin, een wandeling door het park. De gefotografeerde mensen poseren niet, of ze proberen het, het lukt niet zo goed, ze zijn er niet aan gewend. Je ziet dat mensen zich onbespied voelden, ook als ze zich in de openbare ruimte begaven.

Tegenwoordig is de ‘transparantie’, de zichtbaarheid van onze leefwijze, vrijwel totaal. De openbare ruimte staat vol met bewakingscamera’s en we kunnen ons persoonlijk leven, wachtwoorden en codes ten spijt, nauwelijks nog afschermen van de controlerende blik van de overheid en en van commerciële bedrijven. Andersom gooien mensen hun ziel en zaligheid in de openbaarheid. Bijvoorbeeld door op straat luid privételefoongesprekken te voeren of door in de media persoonlijke belevenissen uit te venten, van de meest banale tot de meest intieme gebeurtenissen.

Leo Gabin, een collectief bestaande uit drie Gentse kunstenaars, zoekt op internet naar privévideo’s, monteert deze en ordent ze naar thema. In Girls Room Dance dansen bijna naakte meisjes voor de webcam en Cleaning toont meisjes die hun slaapkamers opruimen. Tijdens de tentoonstelling plaatst Leo Gabin wekelijks een selectie van YouTube-filmpjes op de site van de Schirn Kunsthalle. Zoals What’s In My Backpack?, van een schoolmeisje met haar rugzak en What’s On My iPhone?.

Ook Evan Baden (Saoedie-Arabië, 1985) richt zich vooral op pubermeisjes. De serie Technically Intimate bestaat uit uitvergrote foto’s van meisjes die zichzelf fotograferen of filmen als pornosterretjes. Een verschil met Gabin, die werken met found footage, is dat Baden het fotograferende meisje fotografeert. Er ligt dus nog een laag over het beeld heen, de foto is genomen door en observator of een voyeur. De suggestie is dat we het meisje in de tienerkamer bespieden, maar we kijken door het oog van de fotograaf.

Tastbaar aanwezig

Privacy en beeld gaan moeilijk samen. Zodra er een toeschouwer is, is de privacy verstoord. Veel van de kunstwerken op de tentoonstelling gaan over dit spanningsveld tussen intimiteit, voyeurisme en de openbaarmaking van intieme aangelegenheden. In Window Water Baby Moving voert Brakhage deze spanning hoog op en blijft er iets van intimiteit, of de suggestie daarvan, behouden door de niet-chronologische montage van de beelden en ook doordat hij zelf deel uitmaakt van de gebeurtenis, af en toe vangen we een glimp van hem op en zien we zijn emoties, hij is geen voyeuristische buitenstaander. Iets dergelijks geldt ook voor het werk van de Amerikaanse Nan Goldin (1953). Zij fotografeert het erotische spel van haar vrienden, bij voorkeur bij haar thuis. Zij is als fotograaf bijna tastbaar aanwezig in haar foto’s, zij laat zich in de fotoserie Heartbeat meevoeren door het liefdesspel en roept, net als Brakhage, op overtuigende manier een sfeer op van intimiteit.

In het werk van de jongere kunstenaars is die illusie van intimiteit, die spanning tussen binnen- en buitenwereld, verdwenen. Alles is zichtbaar, is gepixeld en gedigitaliseerd, getransformeerd in informatie, in harde buitenkant. In de afgelopen decennia zijn de videocamera, het projectiescherm en de camera van onze mobiele telefoons zo ver in de wereld doorgedrongen dat die wereld zelf tot beeld is geworden. Wie gezien wil worden, wie het gevoel wil hebben dat hij bestaat, moet zichzelf tot beeld maken. Zoals de meisjes in het werk van Gabin en Baden en zoals de moeder van Ledare.

De wereld is zonder kennis van film en fotografie, van driedimensionale animatie en driedimensionale printtechnieken nauwelijks meer te begrijpen. Mike Bouchet (1970, Castro Valley, Californië) laat vanuit een soort vogelvluchtperspectief deze tot beeld gemaakte wereld zien. Zijn videowerk, wandvullend geprojecteerd met vier beamers, bestaat uit een raster van duizenden kleine pornofilmpjes, gedownload van internet, 2,5 centimeter per filmbeeld. Het is een enorm, flikkerend scherm van mechanische erotische beweging en totale zichtbaarheid.

Privacy. Schirn Kunsthalle, Römerberg, Frankfurt. T/m 2 februari 2013. Di, vrij-zo 10-19u, wo en do 10-22u. Inl. schirn.de.