Platini verzet zich tegen 'veel te dure' doellijnbewaking

Michel Platini heeft zich gisteren krachtig verzet tegen invoering van technische hulpmiddelen in het voetbal. De voorzitter van de Europese voetbalbond UEFA vindt dat elektronische doellijnbewaking, die de wereldbond FIFA uitprobeert bij het WK voor clubteams in Japan, veel te veel kost.

Platini deed zijn uitlatingen op een bijeenkomst in de Maleisische hoofdstad Kuala Lumpur. FIFA-baas Sepp Blatter is na lang aarzelen intussen wel voorstander van doellijnbewaking.

Volgens Platini zou het zo’n vijftig miljoen euro kosten om de komende vijf jaar doellijntechnologie in te voeren in de nationale en Europese competities. „Het gaat niet alleen om het invoeren van doellijnbewaking, maar ook om andere technische hulpmiddelen. Waar begin je aan? En waar eindigt dit? Ik geef liever geld uit om het voetbal te ontwikkelen”, aldus Platini.

De voormalige Franse topvoetballer blijf voorstander van een extra assistent op de achterlijn. Platini: „Als die één meter van het doel staat en een goed kijkt, ziet hij echt wel of de bal al dan niet over de lijn is geweest. Vijftig miljoen euro voor één of twee doelpunten per jaar is veel geld.”

De discussie over de invoering technische hulpmiddelen wordt al decennia gevoerd. Het doelpunt van Geoff Hurst in de WK-finale van 1966, het rake schot van Frank Lampard twee jaar geleden bij het WK in Zuid-Afrika; spookdoelpunten zijn van alle tijden in het voetbal.

Tijdens het afgelopen EK werd de roep om hulpmiddelen versterkt. In Polen en Oekraïne werd voor het eerst tijdens een eindtoernooi gebruikgemaakt van een vijfde en een zesde man. Maar ook deze toevoeging bleek niet waterdicht. De Hongaarse scheidsrechter Viktor Kassai werd verkeerd geassisteerd en zag een doelpunt van Marko Devic bij Oekraïne-Engeland over het hoofd.

Tijdens het WK voor clubteams, dat nu in Japan wordt gehouden, hebben de scheidsrechters voor het eerst de beschikking over technische hulpmiddelen. Het systeem Hawkeye werkt met zes tot acht camera’s die de baan van de bal volgen. GoalRef werkt op basis van een magnetische chip en een speciale bal.

Na de finale op 16 december zal de test worden geëvalueerd en wordt bekeken of de technologie volgend jaar bij de Confederations Cup in Brazilië wordt gebruikt. Een jaar later vindt het WK-voetbal ook in dat Zuid-Amerikaanse land plaats.