Handenarbeid in dienst van de literatuur

Een alternatieve uitgeverij in Argentinië kreeg vanmiddag in het Koninklijk Paleis in Amsterdam de Grote Prins Claus Prijs uitgereikt. Een tweede laureaat is de controversiële Mexicaanse beeldend kunstenaar Teresa Margolles.

Uitgeverij Eloísa Cartonera in Buenos Aires maakt boeken met handgeschilderde kartonnen omslagen. Armen die leven van oud papier, leveren het karton. Foto’s Eloísa Cartonera

Zingend en snijdend is Alejandro Miranda in de weer met een flinke stapel karton. Happiness is a warm gun van The Beatles klinkt terwijl Miranda met een stanleymes identieke rechthoekige vormen maakt van kartonnen dozen. De stukken dienen als kaft voor de handgemaakte boeken van gerecycled materiaal die deze alternatieve uitgeverij in Buenos Aires vervaardigt.

De 34-jarige Miranda is een van de tien werknemers van de Argentijnse uitgeverscoöperatie Eloísa Cartonera. Omdat het al 24 uur Hollands hard regent en de Argentijnse hoofdstad deels onder water staat, is hij het enige personeelslid dat vanmiddag is komen opdagen. „Handenarbeid in dienst van de literatuur is prettig werk’’, vertelt Miranda. Veel ruimte voor meer arbeiders is er trouwens niet. De werkplaats, op honderd meter van het stadion van voetbalclub Boca Juniors, is vrijwel volledig gevuld met machines, werktafels, karton, potten lijm en stapels boeken.

Vandaag nemen twee van zijn collega’s in Amsterdam de hoogste prijs in ontvangst die het Prins Claus Fonds jaarlijks uitreikt voor uitmuntende prestaties op het gebied van cultuur en ontwikkeling. „Eloísa Cartonera is een prachtig voorbeeld van hoe mensen in een crisissituatie overleven door creativiteit, innovatie en zelfredzaamheid”, zegt de directeur van het fonds, Christa Meindersma. De uitgeverij wordt volgens het juryrapport onderscheiden „voor het lanceren van een duurzaam model voor kleinschalige, ambachtelijke cultuurproductie dat ingaat tegen het neoliberale paradigma.”

Miranda, onbewogen: „Het is een belangrijke prijs: erkenning van ons werk. Het stimuleert dat het belang van onze arbeid in Europa wordt herkend.”

De uitgeverij werd opgericht in 2003, toen Argentinië een ongekende financiële en sociale crisis doormaakte. De nationale munt werd gedevalueerd en spaarrekeningen geblokkeerd. De snelst stijgende beroepsgroep was die van de zogeheten cartoneros, ‘kartonmensen’ die leven van de verkoop van oud papier. Hele gezinnen trokken ’s nachts met winkelwagentjes over straat op zoek naar bruikbare rommel.

Eloísa Cartonera biedt de papierverzamelaars een iets hogere prijs voor ongeschonden karton dan ze elders zouden krijgen. Elk stuk karton wordt met de hand beschilderd. Daarmee ontstaan unieke kaften. „Boeken van een opmerkelijk esthetisch en literair gehalte”, volgens het Prins Claus Fonds. Zowel gevestigde als ook opkomende Latijns-Amerikaanse auteurs hebben aan Eloísa Cartonera romans, korte verhalen, toneelstukken en gedichten geschonken. Zo zijn er, tien jaar na oprichting, al 200 titel verschenen.

Best verkochte boeken zijn werken van de Argentijnen César Aira, Ricardo Zelarayán, Tómas Eloy Martínez en Ricardo Daniel Piña. Ook het boek van Gabriel Casas, over het Nederlands voetbalelftal, is een bestseller. Orlando el holandés, heet het, maar het wordt ook wel verkocht onder de titel Cruyff. „Het Oranje totaalvoetbal (la naranja mecánica) is het beste dat het voetbal in de wereld ooit is overkomen”, zegt Miranda. „Het was hemels. Trainer Rinus Michels verdient het door het Vaticaan heilig verklaard te worden.’’

De boeken van Eloísa Cartonera kosten rond de 2 euro. Die lage prijs veroorzaakt een democratisering van de literatuur, zegt het Prins Claus Fonds. „Door traditionele uitgevers veronachtzaamde lezers worden bereikt en het boek wordt omgevormd van een onbereikbaar object tot een breed toegankelijke bron van genoegen, kennis en zelfontplooiing.’’ Miranda zegt dat hij een enkele kartonverzamelaar kent die aan het lezen is geslagen. Maar dat zijn toch uitzonderingen, geeft hij toe.

De economische crisis is in Argentinië inmiddels achter de rug. „Na jaren van militaire dictatuur, orthodox neoliberaal bewind en corruptie was de sociale ongelijkheid enorm. Dat is dankzij het bewind van de Kirchners in tien jaar veranderd. Er is nu ten minste sprake van stabiliteit’’, zegt Miranda. Cartoneros blijven overigens bestaan. „Vuilnis is altijd goede handel geweest. Er is in dit land geen hergebruik van restmateriaal.”

Het initiatief heeft navolging gekregen in andere Latijns-Amerikaanse landen als Peru, Bolivia, Brazilië, Mexico en Paraguay. Eloísa Cartonera is overigens nogal overvallen door de prijs van 100.000 euro. Het is de eerste keer dat de coöperatie een prijs krijgt. Een bestemming voor het geld is er nog niet. Wellicht wordt het voor een deel gebruikt voor de aanschaf van nieuwe machines. Ook komt het prijzengeld van pas voor de inrichting van een nieuw pand in een buitenwijk van Buenos Aires.

Alejandro Miranda blijft laconiek. „Het geld is niet belangrijk. Het gaat in het leven om geluk, liefde en solidariteit. Het is belangrijk een goed mens te zijn.’’