Géén graaier

Co Verdaas, de gevallen staatssecretaris, stuurde maandag een mail aan zijn vrienden waarin hij uitlegde wie hij was. Want: „Het beeld dat wordt weggezet, vreet toch aan Marion en mij”. (Marion is, denk ik, zijn vriendin.) Die mail lekte uit. Dat was op uitdrukkelijk verzoek van de schrijver, want twee keer roept hij zijn vrienden op de mail te delen, „met wie dan ook”. Via zijn vriendenkring stuurde hij ons dus een persbericht. De boodschap daarvan: ja, ik declareerde verkeerd, maar nee, ik ben géén graaier.

Ik voelde grote sympathie voor Co Verdaas, zoals ik altijd diep medelijden voel met politici die weg moeten vanwege bonnetjes. Struikelen over bonnetjes is één van de meest kinderachtige der politieke exits. In Nederland ben je pas een groot politicus als je je bonnetjes op orde hebt, sterker, je mag zonder reden oorlogen beginnen, je mag buitenlanders en masse het land uit willen jonassen – mits je bonnetjes maar kloppen. Alsof Churchill en Mandela zich ook maar een seconde bezighielden met zoiets banaals als bonnetjes.

Daarom zal in ons land ook nooit een groot leider opstaan, omdat een politicus die net het vaderland heeft gered hier altijd de vraag zal krijgen: maar heb je het bonnetje nog?

Aan Co Verdaas is echter geen Mandela verloren gegaan.

In zijn mail gebruikt hij vijf maal het woord ‘frame’. Dat woordje deed zo’n drie jaar terug zijn intree in Den Haag, nadat het vijf jaar eerder een hot woordje was in Washington, en voor die tijd heette het beeldvorming. Je hebt er nu cursussen voor.

Co schrijft dat de berichtgeving sterk is beïnvloed „door het populaire frame van ‘graaien/zakkenvullen’”. En: „Ik snap natuurlijk wel hoe zo’n mediaframe werkt.” Maar hij snapt het juist niet. Regel één van framing: herhaal nooit de aantijging van je tegenstander. Zeg nooit: „Ik zat gister helemaal niet dronken achter het stuur!” Verdaas gebruikt in zijn mail één keer ‘zakkenvullen’, twee keer ‘zelfverrijking’ en drie keer ‘graaien’ – graaien, graaien, graaien. Het erge is dat hij daar niet eens van werd beticht, voordat hij die mail stuurde, hooguit van fout declareren.

„Je kunt me dom of stom of onhandig noemen”, schrijft Co. Laten we dat inderdaad maar doen. Maar géén graaier, dus, en ook geen Mandela.

    • Arjen van Veelen