Al zijn vuur zit in die stinkbaby

Wekelijks doet Japke-d. Bouma verslag van haar ontmoetingen met allerlei typen collega’s. Deze week: de jonge vader. Over seks, tequila en tepelkloven.

Nooit, maar dan ook nooit heb je hem erover gehoord. Bij jezelf kwam het ook niet op om het met hem over kinderen te hebben. Waarom zou je ook? Je had het met hem altijd over tequila, kroegen en seks. En over het werk natuurlijk, incidenteel.

Maar sinds de geboorte is alles anders. Hij is vader nu. En het gaat nergens anders meer over.

Hij is kapot, zegt hij, maar hij huilde van geluk, afgelopen nacht. Dit is het mooiste wat hem ooit overkomen is. Over nachtvoedingen, hoe moeilijk de tepelkloven zijn voor zijn vrouw. Of je nog babyspullen over hebt. Met hoeveel maanden ze het eerste vaste voedsel ook al weer krijgen. Dat ze echt toe zijn aan de Kerst, dan gaan ze lekker van elkaar genieten, als gezinnetje.

Dit is de jonge vader.

Als hij ’s ochtends opstart, krijst zijn bureaublad je aan. Die met het bloedende babyhoofd en de totaalruptuur waaruit het net is ontstegen. Wat een oerkracht het was, zo puur om mee te maken, wijst hij, terwijl jij kokhalzend je ongemak staat weg te slikken.

Je wilt het niet met hem over kinderen hebben. Wel met je vrouwelijke collega’s natuurlijk. Maar niet met hém. Je wilt dat geluk niet, als jij er geen deel aan hebt. Maar je moet het accepteren.

Dat hij nooit meer mee gaat bieren. Dat hij nooit meer op die ene manier naar je lacht. Dat hij geen Ron Brandsteder-imitaties meer doet waarvan jij altijd in je broek piest van het lachen. Dat hij ’s ochtends pas om half tien binnenkomt en om half vier alweer weggaat. Dat hij er niet meer is op vrijdag – papadag, godbetert. Dat hij niet meer op kantoor is op Tweede Kerstdag. Dat hij je whatsapps alleen nog maar beantwoordt met een babyfoto. Dat hij tijdens de vergadering altijd indommelt.

Zijn vuur is weg. Het zit allemaal in die stinkbaby. Je wilt het niet, maar je moet wachten.

Wachten tot hij terug is. Wachten tot zijn liefde weer af en toe omslaat in frustratie. Je kán er op wachten tot het gebeurt.

Pas dan ben jij weer.