Vrouw met stijl zoekt stoere man

Ook ouderen surfen urenlang op internet, op zoek naar een relatie. „Ik wil niet iemand om mee samen te wonen, wel om oud mee te worden.”

Het duurde twee weken voor hij een webcam aanzette. Monique (52) was nieuwsgierig geworden naar de man met wie ze chatgesprekken voerde op een datingsite. Zijn verschijning viel niet tegen, maar erg vriendelijk keek hij niet. „Hé chagrijn”, schreef ze vrolijk in een chatbericht, „lach eens!” De man lachte gewillig. Monique (die niet met haar achternaam in de krant wil) schrok: ze telde twee tanden in zijn bovengebit en twee tanden in zijn ondergebit. Ze draaide zich om naar haar dochter, die ook in de woonkamer zat. „Hij lijkt wel een haas!” Haar dochter siste: „Mam, er zit ook geluid op die webcam.”

Dat werd dus niks.

Er was ook de man die veelbelovend leek in zijn mails – een betrokken vader met leuk werk – maar bij wie tijdens de eerste ontmoeting de zweetdruppels van zijn gezicht dropen van de zenuwen. Hij stelde zich voor met een trillerig, klam handje. Afknapper, vond Monique.

Klaar ermee.

En de man die tijdens de eerste date onafgebroken boze verhalen over zijn ex-vriendin vertelde en in zijn onverwerkte woede geen enkele interesse toonde in zijn gesprekspartner.

Zeker twintig dates heeft Monique, moeder van vier kinderen (33, 30, 24 en 23) en werkzaam in de zorg, de afgelopen acht jaar gehad. Allemaal met mannen die ze via internet ontmoette. Drie keer leidde een date tot een relatie, maar vaker tot een desillusie.

Herkenbaar verhaal voor Thecla Kocken (53), moeder van twee kinderen (23 en 22), die sinds haar 46ste op datingsites actief is. Ook zij had zo’n twintig dates die online ontstonden. Twee keer kwam daar een (korte) relatie uit voort. Kocken zoekt contact met open vizier. Onder haar eigen naam, dus niet als ‘For You Only’ of ‘Cowboy’ – enkele voorbeelden van namen die ze op het net tegenkomt. Ze noemt in haar profiel zowel haar goede als minder goede eigenschappen. Plaatst er een foto van zichzelf bij. Dat verwacht ze ook van de mannen met wie ze in contact komt. En dan alsjeblieft geen foto van een ontbloot bovenlijf.

Thecla Kocken zoekt een vlotte en stoere man (liefst met bakkenbaarden) van haar eigen leeftijd, die werkt met mensen. Monique zoekt een gezinsman met humor. Bij voorkeur met een flink postuur. En niet ouder dan 60 jaar.

Minder ontmoetingsplekken

De twintiger heeft de kroeg. De dertiger en de veertiger hebben schoolplein en werkvloer. En de vijftiger en de zestiger? Voor hen zijn er minder mogelijkheden voor spontaan contact, en daarom is internet ook voor hen een uitkomst bij het vinden van een partner. Was onlinedaten in het begin vooral iets voor twintigers, dertigers en veertigers, nu heeft de oudere generatie het medium ‘ontdekt’. De groep vijftigplussers zonder relatie groeit, en blijft volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) de komende veertig jaar groeien. De groep alleenwonende singles is het grootst onder mensen tussen de 45 en 65 jaar. Kunstenaar John Beemsterboer (62), vader van twee kinderen (32 en 28), zoekt een vrouw met affiniteit met beeldende kunst, die eerlijk is, ook tegen zichzelf. Leeftijd maakt niet uit, liefde voor de natuur wel.

Beemsterboer schreef zich de afgelopen zeven jaar zo nu en dan in op datingsites. Vier keer leidde mail-, telefoon- en sms-contact tot een afspraakje. Ook hij date eerlijk – dat verwacht hij tenslotte ook van een vrouw. Het was bijvoorbeeld best vreemd toen hij een date had met een vrouw van 57 en zij opbiechtte dat ze eigenlijk 73 was. Ze loog over haar leeftijd omdat ze anders „al die ouwe kerels” achter zich aan kreeg, vertelde ze hem.

Voor vijftigplussers is internetdaten niet meer dan een modern jasje om de vroegere contactadvertenties in de krant, zegt hoogleraar sociologie Theo van Tilburg, verbonden aan de Vrije Universiteit. „Dat waren pagina’s vol. Voornamelijk gericht op mensen van middelbare leeftijd.” Vijftigplussers hebben minder ontmoetingsplekken om een partner tegen te komen, zegt hij. „Ze schamen zich er niet voor op zoek te zijn, maar hebben ook geen zin om naar de kroeg te gaan als een zielige zoekende alleenstaande. En in hun sociale omgeving bevinden zich bovendien vaak weinig andere singles.” John Meuffels, oprichter en eigenaar van datingsite 50plusmatch: „Naarmate je ouder wordt, neemt het sociale contact af. Sociale structuren liggen steeds meer vast. Je woont waar je woont. Zit bij die bridgeclub. Dan is internet een heel geschikte plek om nieuwe contacten op te doen.”

John Beemsterboer is geen kroegtijger, zegt hij, en zijn vrienden zijn gesetteld. Zijn werk als beeldend kunstenaar speelt zich af in zijn atelier, op een enkel bezoek aan een tentoonstelling na. Ook Monique is geen uitgaanstype. „Ik heb mijn gezin en de Albert Heijn. Maar daar lopen de mannen niet rond met een stickertje waarop staat dat ze vrijgezel zijn.” Thecla Kocken komt wél in de kroeg en heeft een baan als docent op een ROC. Maar het is toch anders dan vroeger, zegt ze, want als ze uitgaat is dat om bij te praten met vriendinnen. „Ik kijk minder om me heen.” Bovendien hebben veel van haar vrienden een partner en spreken ze vaak thuis of in een restaurant af. En, ook niet onbelangrijk, als twintiger en dertiger sjanste ze, lonkte ze, daagde ze uit. „Ik ben niet gezapig geworden, maar wel minder speels, en serieuzer. Mijn interesses zijn veranderd.”

Dat precies is het verschil tussen vijftigplussers en jongere generaties, zegt John Meuffels. „De vijftigplusser neemt minder risico. Heeft het een en ander meegemaakt. Is kritischer. Een vijftigplusser wil een partner voor de rest van zijn of haar leven.” En daar zijn ze heel serieus en vastberaden in. Ze hebben volgens Meuffels meer geduld dan een dertiger. „Een vijftigplusser heeft zijn leven prima op de rit. Daar mag iemand bij, maar het mag niet ten koste gaan van zijn prettige bestaan.” Voordeel is dat de kinderen vaak al volwassen of op z’n minst zelfstandige pubers zijn. „Ze kiezen voor zichzelf: nu zijn zíj aan de beurt.”

Thecla Kocken herkent dat. „Ik zoek een aanvulling, geen invulling. Iemand om een weekend mee weg te gaan, om mee te slapen. Niet om mee samen te wonen, maar wel om oud mee te worden.” Ze ontmoet soms mannen op datingsites die een jaar gescheiden zijn na 25 jaar huwelijk. „Die mannen willen gewoon warmte in hun huis, iemand die voor ze kookt. ‘Alleen is ook maar alleen’, schrijven ze dan. Ik knap daar echt op af.”

John Beemsterboer vermaakt zich heel goed in zijn eentje. Geniet ervan om in vakanties in een oude bus door Europa te trekken. Heeft nooit het gevoel gehad dat hij een nieuwe partner móést vinden. Maar als hij lekker voor zichzelf kookt, of zich ’s avonds een goede whisky inschenkt, wil hij dat best met iemand delen. Dus schoof hij, na twee eerdere korte actieve perioden op een datingsite, toch weer achter zijn computer. Als je jonger bent, denkt hij, stel je minder hoge eisen aan een partner. „Je duikt overal in en hebt nog geen nare ervaringen, zoals een partner die vreemdgaat.” Met de jaren is hij argwanender en kritischer geworden. Wil snel duidelijkheid van de ander.

„Het verschil met vroeger is de rugzak”, zegt ook Monique. „En die komt tijdens elke eerste date ter sprake. Ik vind het bijvoorbeeld moeilijk als een man zegt dat hij na zijn scheiding het contact met zijn kinderen heeft verloren. Dat maakt me meteen sceptisch.”

Stroomversnelling

En er is nog iets, zegt Beemsterboer: „Als je ouder bent, leef je in een stroomversnelling. Je hebt minder tijd; nu ben ik nog fit, maar ik weet niet hoe ik me over vijf jaar voel. Ik heb geen tijd meer om jaren samen met een partner naar gemeenschappelijke interesses te zoeken.”

Op een datingsite voor vijftigplussers vond Beemsterboer wat hij zocht. Haar foto was wat onduidelijk, maar haar pose vond hij mooi. En toen ze elkaar na wat heen en weer mailen aan de telefoon spraken, bleek ze een plezierige stem te hebben. Ze spraken af, bij hem thuis, en het klikte. Ze zijn nu een half jaar samen. Liever was hij haar op straat tegengekomen, of in een galerie. Dan had hij haar meteen gezien, haar loop, haar uitstraling. „Met al dat mailen en bellen dat aan een eerste afspraak voorafgaat, ben je zo een maand verder. En dan weet je nog niet of het klikt.” Maar ja, zij woont in Noord-Holland, hij in Drenthe. Zij heeft weinig affiniteit met beeldende kunst, hij slijt hele dagen in zijn atelier. Kleine kans dat ze elkaar op een andere manier hadden ontmoet. Het kán dus wel, zegt Beemsterboer, een partner vinden op een datingsite.

Thecla Kocken is minder optimistisch. Laatst had ze weer een weekend rondgekeken op internet, en dat was leuk. Maar de resultaten van internetdaten zijn haar te vaak tegengevallen. Daarom heeft ze onlangs speeddaten uitgeprobeerd. Dan zie je meteen de ogen, de tanden, het loopje. Maar eigenlijk zat daar ook niks tussen. Eén man zag er wel aardig uit, maar hij bleek een piepstem te hebben. Het liefst, zegt Kocken, zou ze gewoon iemand in de supermarkt tegenkomen.

Ook Monique heeft een stap teruggezet. Het was heel leuk, zegt ze, de spanning, het avontuur, het plezier van ontdekken. „Een datingsite is een winkeltje, je kunt er de hele avond shoppen.” Foto’s bekijken, de verhaaltjes lezen. „Laatst had ik in twee dagen 158 verzoeken van mannen die met me wilden afspreken. Maar hoe kan dat nou? Ze kennen me helemaal niet.”

Het plezier sloeg om in onrust. „Alles draaide om de computer. Ik was blij als ik klaar was met werken, want dan kon ik kijken wie er allemaal weer gereageerd hadden.” Die onrust, de teleurstellende ontmoetingen én het feit dat ze – toch dankzij internet – misschien nu wel die ene leuke man gevonden heeft, bracht haar ertoe zich af te melden. „Al weet ik niet zeker of ik niet terugga als het met deze man op niets uitloopt.”

    • Anne Dohmen