Verbijsterend principieel

Grondlegger van het CDA en bewindsman in drie kabinetten. Maar Roelof Kruisinga werd vooral bekend door zijn aftreden om de neutronenbom.

WASSENAAR - Oud-minister van Defensie en leider van de CHU Roelof Kruisinga is vrijdag op 90-jarige leeftijd in Wassenaar overleden.Het ministerie van Defensie zegt dat hij zal worden herinnerd als een "ervaren en principi‘le" minister. Dijkstra bv

Hij is vooral onthouden als een van de kortst zittende ministers uit de geschiedenis en voorin het collectieve geheugen zit de reden waarom hij op 3 maart 1978 al na 73 dagen opstapte: de neutronenbom.

Daarmee doet de geschiedenis niet helemaal recht aan Roelof Kruisinga, die vrijdag op 90-jarige leeftijd overleed. Want de Groninger, aanvankelijk keel-, neus- en oorarts, zou ook kunnen worden herinnerd als de vakbekwame staatssecretaris van Volksgezondheid in het kabinet-De Jong (1967-1971) of staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat in het kabinet-Biesheuvel (1971-1972). Maar bovenal kan hij de boeken ingaan als de laatste leider van de Christelijk-Historische Unie (CHU), een van de drie partijen waaruit in 1977 het CDA ontstond.

De CHU was een gouvernementele partij van naar conservatisme neigende, hervormde Nederlanders, met relatief veel adel. Eigenlijk was het een los verband van kiesverenigingen, wars van al te uitgesproken standpunten, en zonder partijprogramma. Afwijkend stemgedrag in de fractie kwam vaak voor, en Kruisinga was geen uitzondering.

Het was vrijwel onontkoombaar dat de CHU-leider een functie in het eerste kabinet-Van Agt (1977-1981) zou krijgen, zij het dat dit niet tot ieders genoegen was, bijvoorbeeld niet van de beoogde premier zelf. Kruisinga’s reputatie van opportunisme ging gepaard met verhalen over royaal alcoholgebruik, die tamelijk waar waren. Hij trachtte dat te compenseren door vele malen per dag zijn tanden te poetsen. Het meest pregnant werd Kruisinga geduid in een brief van de ene VVD-prominent, Van Riel, aan een ander, Wiegel: „Een draaitol in optima forma en een gevaarlijke opportunist, daarbij brandend van eerzucht.”

Daarom verbaasde het ook zo dat Kruisinga om uitgesproken principiële redenen zei op te stappen, ruim tien weken nadat hij in het kabinet-Van Agt, van CDA en VVD, tot minister van Defensie was benoemd.

In de tweede helft van de jaren 70 woedde in Nederland volop de discussie over invoering van de neutronenbom in NAVO-verband. Van dit atoomwapen werd beweerd dat het mensen vernietigde en gebouwen heel liet.

Tot ieders verrassing dan wel verbijstering bleek Kruisinga de productie van de neutronenbom niet in overeenstemming met zijn geweten te kunnen brengen. Het was tot dat moment volkomen onopgemerkt gebleven dat hij op dat punt een ruim ontwikkeld geweten had.

Als medicus, zei Kruisinga later, had hij bezwaren tegen een stralingswapen dat de menselijke vruchtbaarheid aantast. Bleef de vraag waarom hij dat niet had laten weten voordat hij minister van Defensie werd.

Na zijn aftreden was Kruisinga onder meer vicepresident van de Wereldgezondheidsorganisatie en tien jaar, tot 1991, senator voor het CDA. Daarbuiten bleek hij slim en succesvol als zakenman en belegger. In Zuid-Engeland dreef hij sinds de jaren 70 een grote melkveehouderij en kort nadat in Amsterdam in 1978 de eerst optiebeurs van Europa was opgericht, startte Kruisinga het optiehandelshuis Cross Options. Beide bedrijven staan nu onder leiding van zijn zoons Jurjen en Hugo. Volgens zakenblad Quote vergaarde de familie er een vermogen van 120 miljoen euro mee.

Kruisinga voelde zich bij het CDA steeds minder thuis. Hij had heimwee naar de CHU, zei hij tegen De Groene Amsterdammer in 2008: „Als de Unie morgen opnieuw werd opgericht, sloot ik mij meteen weer aan.”