Lugansky's oeverloze pianotalent

Klassiek

Nikolai Lugansky, piano. Serie Meesterpianisten. Gehoord: 09/12 Concertgebouw Amsterdam. ****

Voor ‘old school’ pianisten als Franz Liszt of Vladimir Horowitz was een pianorecital niet alleen een muzikale maar ook een psychologische gebeurtenis. De muziek zorgde voor een intieme ontmoeting tussen publiek en artiest. In onze tijd is een ander type pianist dominant: de zichzelf wegcijferende dienaar die speelt voor de muziek alleen. Weinig belichamen dit beeld zo volkomen als Nikolai Lugansky (1972).

Voor de theatrale, publieksgerichte muziek van Franz Liszt lijkt Lugansky daarom niet de ideale vertolker. De naar de eeuwigheid smachtende muziek van Isoldes Liebestod van Wagner (in de bewerking van Liszt) klonk bij Lugansky afgewogen en smaakvol, maar bepaald niet grensverleggend. Het natuurgeweld in Liszts Vallée d’Obermann had in het geheel geen overrompelend effect.

Lugansky’s volkomen klankbeheersing, maar ook het achteloze gemak waarmee hij het moeilijkste repertoire naar zijn hand zet verraden zijn oeverloze talent.

Een staaltje van onvoorstelbare pianistiek gaf Lugansky in zijn laatste toegift, Rachmaninoffs bewerking van Mendelssohns Midzomernachtsdroom. Hier bewees Lugansky dat een razend tempo niet ten koste hoeft te gaan van de fijnste nuancering. Toen hij zijn recital met plagende, vederlichte noten besloot, kon er ook bij hem eindelijk een lachje af.

    • Bas van Bommel