Wetenschap©, voor al uw gesponsorde melk

Door het ‘topsectorenbeleid’ laten wetenschappers hun oren hangen naar bedrijven, stelt Daniël Lakens. Is die ‘gezonde’ melk wel echt zo gezond?

Het topsectorenbeleid van de overheid, waarin wetenschappers moeten samenwerken met het bedrijfsleven, heeft als reëel risico dat universiteiten dadelijk van belastinggeld onderzoek doen voor de marketingafdelingen van multinationals.

Ik was onlangs bij een matchmakingsbijeenkomst van de topsector ‘Food, Cognition, and Behavior’. Binnen het topsectorenbeleid dat de Nederlandse overheid voert, is er 110 miljoen euro beschikbaar voor samenwerking tussen wetenschappers en bedrijven. Dit is een nobel streven, omdat de wetenschap in een ideale situatie zo meer nut kan hebben voor het dagelijks leven van Nederlanders, wier belastinggeld aan wetenschappers betaald worden.

De praktijk is helaas niet in het voordeel van de Nederlandse belastingbetaler. Wetenschappers kunnen geld aanvragen voor beurzen die binnen een topsector vallen, zoals de subsidie voor onderzoek naar hoe voedsel cognitieve prestaties kan verbeteren, of hoe mensen ertoe gezet kunnen worden om gezonder en duurzamer voedsel te kopen.

In zo’n project komt de helft van het geld voor onderzoek van het Nederlands instituut voor wetenschappelijk onderzoek, en de helft wordt bijgepast door het bedrijfsleven. Op deze matchmakingsbijeenkomst kunnen bedrijven en wetenschappers met gedeelde interesses elkaar vinden om samen onderzoek te doen.

Zo was er een meneer van een kauwgomfabrikant. Wetenschappers vertelden over recente studies die ze uitgevoerd hadden, waarbij ze onderzochten hoe kauwgom kauwen in een supermarkt kan helpen om de verleiding van lekkere producten te weerstaan – heel gezond, en goed voor de verkoop van de kauwgomfabrikant.

Na afloop van de bijeenkomst zag ik de kauwgommeneer zijn jas aantrekken. Ik zei hoe goed die onderzoekers waren, en dat hij echt met ze moest samenwerken. De man zei dat hij het onderzoek heel leuk vond, maar dat zijn bedrijf ook die ongezonde snacks maakte die mensen in een opwelling kopen. We keken elkaar even aan, groetten elkaar vriendelijk, en gingen ieder ons eigen weg.

Het is logisch dat de meeste R&D-afdelingen bij voedselbedrijven zich bezighouden met vragen die bijna volledig bepaald worden door de marketing afdeling – bedrijven moeten immers geld verdienen – maar het betekent wel dat het niet in het voordeel van de Nederlander is als bedrijven mogen bepalen welk onderzoek er gedaan wordt.

Op de matchmakingsbijeenkomst waren honderd wetenschappers, en misschien vijf bedrijven die geld konden matchen. Binnen het proces van vraag en aanbod in zo’n matchmakingsproces hebben de bedrijven alle macht. Ze kunnen dus volledig bepalen welk onderzoek ze financieren. Er is altijd wel een wetenschapper die geld moet binnenhalen om een vaste aanstelling te krijgen en die bereid is om elk onderzoek uit te voeren dat de marketingafdeling van een bedrijf voorschrijft.

Zo is er een reëel risico dat er nieuwe melk op de markt komt die anderhalf keer zo duur is als gewone melk, en waarvan een enkele studie op zeer toevallige wijze een eerste voorlopige indicatie heeft opgeleverd dat mensen zich er misschien subjectief iets energieker door voelen. Dat is pas melk die duur betaald wordt.

Dr. Daniël Lakens is assistant professor in applied cognitive psychology aan de School of Innovation Sciences aan de Eindhoven University of Technology.

    • Daniël Lakens