Schudden speelt treffende types

Cabaret

We vieren het maar, door Schudden. Gezien: 6/12 in De Griffioen, Amstelveen. Tournee t/m 6/6. Inl. hekwerk.nl ****

Al drie keer werd het duo Schudden genomineerd voor de Poelifinario, de grootste cabaretprijs van het land. En al drie keer wonnen Emiel de Jong en Noël van Santen die net niet. Steeds vond de jury dat een ander toch nog iets beter was. Maar veelzeggend zijn die nominaties wel – de opmerkelijke Schudden-stijl, waarin fysieke en verbale slapstick zo goed samengaan, maakt hun voorstellingen meestal bezienswaardig. Zo ook We vieren het maar, hun nieuwste.

De locatie is ditmaal een café, waar De Jong en Van Santen om te beginnen het openingsuur voorbereiden met een paar beproefde mimegrappen. Daarna ontrolt zich een strak gemonteerde reeks scènetjes – soms ultrakort, soms iets langer – waarin we de wederwaardigheden van een groot aantal verschillende personages volgen.

Een greep: twee kasteleins, een pas gescheiden paar dat ruziet over een weekend weg met de kinderen, een vader en een zoon in conflict over de grafsteen voor moeder, twee bevriende macho’s, een Spaanse kok die ritmisch de groenten hakt, een inbreker die alle mogelijkheden van het triplexachtige decortje benut, nog zo wat.

Treffende slices of life, allemaal gespeeld door hetzelfde tweetal, zonder verkledingen (althans: niet meer dan sporadisch een hoedje op of een sjaaltje om) en zonder opzichtige stemverdraaiingen (hooguit af en toe iets te vet namaak-Amsterdams). Voorbeeld: één man heeft van de dokter het slechte nieuws gehoord dat hij met een soort tennisbal in zijn hoofd rondloopt. Waarop de ander zegt: „Maar jij hebt helemaal niks met sport!”

En van dit alles hebben de mannen van Schudden, samen met hun vaste regisseur Titus Tiel Groenestege, dus weer een doldraaiende mallemolen gemaakt, die weliswaar vooral op de lach mikt, maar soms ook een beetje weemoed toelaat.

Een nominatie zou weer op zijn plaats zijn.