Monti: zo is het zinloos

De Italiaanse premier Monti wil aftreden nu Berlusconi hem niet meer steunt. Deze crisis voedt de angst voor nieuwe onrust in de eurozone.

Redacteur Europa

Nadat Silvio Berlusconi vorige week zijn steun aan het bezuinigingsbeleid heeft ingetrokken en zaterdag aankondigde dat hij toch opnieuw kandidaat wil zijn bij de verkiezingen, heeft premier Monti nog diezelfde avond gezegd dat op deze manier verder regeren geen zin heeft. Hij wil aftreden zodra de begroting is goedgekeurd, nog voor Kerst.

De sluimerende spanningen op rechts hebben hiermee geleid tot grote politieke onzekerheid. Italië gaat een paar weken eerder stemmen dan verwacht, mogelijk al in februari. De begroting staat niet ter discussie. Maar er is nauwelijks nog tijd voor de lang bepleite wijziging van de kieswet. Ook de parlementaire goedkeuring van een aantal besluiten die het kabinet per decreet had genomen, en die onderdeel zijn van de hervormingsplannen, is onzeker geworden.

„Maandagmorgen zullen de markten hun oordeel geven over deze nieuwe uitbarsting van Berlusconi, en dat zal zeker niet positief zijn”, waarschuwde Enrico Letta, vicevoorzitter van de linkse Democratische Partij. Berlusconi was een jaar geleden tot aftreden gedwongen als premier toen de financiële markten hun vertrouwen in hem opzegden.

Het kamp van Berlusconi heeft aanvankelijk de bezuinigings- en hervormingsplannen van Monti op hoofdlijnen gesteund. Omdat links hetzelfde deed, ging de financiële storm rond Italië liggen. Het verschil met de rente die Duitsland moet betalen op zijn staatsschuld daalde. Monti kreeg in het buitenland veel krediet. Maar in eigen land groeide de kritiek. Links verweet de premier dat zijn kabinet van technocraten te weinig oog heeft voor sociale problemen, en dat ook van de schaarse beloofde maatregelen op dit gebied weinig terecht is gekomen.

Berlusconi ging verder. Hij begon steeds meer de hoofdlijnen van Monti’s beleid in twijfel te trekken. De premier zou buigen voor Merkel en het land in een neerwaartse spiraal van recessies hebben gebracht. Berlusconi zette zelfs vraagtekens bij het lidmaatschap van de eurozone.

Intussen groeide de onrust in eigen kring. Veel mensen raadden de 76-jarige Berlusconi, tegen wie nog een proces loopt wegens betaalde seks met minderjarige meisjes, terugkeer in de politiek af. Een aantal van hen, onder wie Angelino Alfano, in naam partijleider, stuurde aan op voorverkiezingen. Die zouden vernieuwing binnen de partij moeten brengen.

Berlusconi besloot anders. Begin deze maand zette hij definitief een streep door het idee van voorverkiezingen. Donderdag, twee dagen nadat de spread even onder de 300 procentpunten was gedoken, gaf hij de parlementariërs van zijn partij Volk van de Vrijheid (PDL) opdracht zich van stemming te onthouden bij twee decreten waarbij het kabinet het vertrouwen had gevraagd. Alfano zei een dag later dat de PDL zich niet meer herkent in het beleid van Monti.

„Ik was diep verontwaardigd”, zei Monti gisteren in krant Corriere della Sera. „Bij mij is de overtuiging gerijpt dat we zo niet verder kunnen gaan.” Hij had al aangekondigd, na twee uur overleg met president Napolitano, dat zijn aftreden „onherroepelijk” is. Een aantal kleinere centrumpartijen wil in de verkiezingscampagne steun vragen voor een nieuw kabinet-Monti. Zelf houdt Monti zich daarover nog op de vlakte.

De peilingen geven Berlusconi vrijwel geen kans terug te komen als premier. Zijn partij, die waarschijnlijk van naam verandert, komt met 15 procent in de peilingen duidelijk achter de favoriete Democratische Partij en achter de populistische, anti-Europese beweging van komiek Beppe Grillo. Maar de mediamagnaat kan nog steeds zijn commerciële tv-zenders inzetten. Hij hoopt genoeg macht te krijgen om wetswijzigingen die nadelig zijn voor zijn bedrijf en voor hem persoonlijk (er loopt nog een aantal rechtszaken) in een nieuw parlement te kunnen blokkeren.

Berlusconi had zaterdag een einde gemaakt aan de onzekerheid over zijn plannen. Tegen journalisten op Milanello, het trainingscentrum van zijn club AC Milan, zei hij: „Ik doe mee om te winnen. Iedereen zei dat daarvoor iemand nodig is die zich heeft bewezen als leider. Het is niet zo dat we daar niet naar hebben gezocht. Maar zo iemand is er niet.” Hij voegde daaraan toe: „Ik doe dit uit verantwoordelijkheidsgevoel.”

Zijn critici zien dat anders. Vrijdag, na de stemming in het parlement, schreef commentator Massimo Giannini van La Repubblica: „Opnieuw is hij bereid het gemeenschappelijke goed op te offeren op het altaar van zijn privébelangen en Russische roulette te spelen met Italië.”

    • Marc Leijendekker