Met Van Rompuy wandelt Europa alsmaar verder

De plannen van Herman Van Rompuy liggen gevoelig. Hij wil een aparte begroting voor de eurozone. En de regels moeten strenger.

De toekomst van Europa is een loper die wordt uitgerold terwijl je eroverheen wandelt. Dat beeld rijst dat op uit de 15 pagina’s tekst die Europees president Herman Van Rompuy heeft geschreven, ter voorbereiding van de Europese top van regeringsleiders, aanstaande donderdag en vrijdag in Brussel.

Van Rompuy heeft de regie voor Europa’s toekomst in handen genomen, met eurogroepvoorzitter Juncker, centrale bankpresident Draghi en Europese Commissievoorzitter Barroso als co-auteurs. Hij schetst hoe het verder moet, als eurolanden de crisis met sterke euro én welvaartsstaten te boven willen komen.

Politici in de eurozone pakken het initiatief terug, na jaren achter de financiële markten te hebben aangehobbeld. Maar sommige eurolanden, zoals Nederland, zullen even moeten slikken. Want de ‘vier presidenten’ willen dat regeringsleiders al in maart volgend jaar een draaiboek klaar hebben voor directe herkapitalisatie van noodlijdende banken door het euronoodfonds ESM. Dat zal in Duitsland moeilijk vallen.

Ook willen zij snel een Europees systeem opzetten om bankfaillissementen te voorkomen of ordelijk af te wikkelen. Dit ‘resolutiesysteem’ moet worden betaald door banken die onder Europees toezicht vallen, en kan straks eventueel een kredietlijn van het noodfonds ESM krijgen. Dit moet voorkomen dat banken in één euroland opnieuw de hele eurozone kunnen destabiliseren.

Verder stelt het rapport een aparte schatkist voor de eurozone voor, een „verzekering” om landen te helpen hevige economische schokken te verwerken en hervormingen door te voeren. Zo’n eurobegroting, die losstaat van de EU-begroting, moet op den duur worden beheerd door een Europees ministerie van Financiën.

De kiem van de eurobegroting – fiscal capacity genoemd om niet te veel leiders in de gordijnen te jagen –- zat al in een eerder rapport van Van Rompuy. Premier Rutte was niet enthousiast, maar kon een „verkenning” niet tegenhouden. „Alle muntunies hebben een centrale begrotingscapaciteit”, stelt het rapport.

Veel debatten en harde, nachtelijke onderhandelingen zullen volgen. „Zuidelijke landen worden zo hard door de crisis geraakt”, vertelt een betrokkene, „dat ze bereid zijn op elke stippellijn een handtekening te zetten. En noordelijke landen staan op de rem.”

Het rapport maakt duidelijk dat de eurozone nog lang niet in veilig water verkeert. Er zijn stappen gezet die vijf jaar geleden ondenkbaar waren: zeggenschap over elkaars begrotingen, een permanent noodfonds, het Europees bankentoezicht dat nog in opbouw is.

Maar eigenlijk heeft een munt een staat nodig. Die staat proberen de presidenten nu, althans beperkt, op te tuigen. De strenge regels die eurolanden voor begrotingsdiscipline hebben opgesteld, op straffe van sancties, zijn niet genoeg. Er is ook ‘solidariteit’ nodig. Dit woord gebruikt Van Rompuy voor het eerst, expliciet in zijn rapport.

Zelfs de Duitse bondskanselier Merkel begint het woord in de mond te nemen. Zij is ook degene die een eurobegroting propageert, om zwakke landen gericht te helpen bij economische hervormingen. Volgens het rapport kan er van deze solidariteit alleen sprake zijn als landen zich verder aan de regels te houden. En niet alleen begrotingsregels: financiële hulp aan zwakke lidstaten, die tijdelijk moet zijn, moet worden gekoppeld aan contracten tussen die lidstaten en Europese instellingen over sociaal-economisch beleid.

Nu al komen er allerlei rapporten uit met aanbevelingen voor eurolanden – over de arbeidsmarkt, huizenbubbels of zelfs (zoals Nederland overkwam) over te veel files. Hiermee gebeurt weinig. De vier presidenten willen regeringen nu per contract laten beloven dat ze er wél iets mee doen. Als ze die contracten naleven, kan de deur eventueel open voor financiële steun. Van de eurobegroting kunnen bijvoorbeeld trainingen worden gefinancierd voor een beroepsgroep die in een land sterker ontwikkeld moet worden.

Als dit proces niet voortijdig op nationale weerzin of taboes strandt, zal een volgend rapport van Van Rompuy hier ongetwijfeld meer over bevatten. Ook over democratische controle over een eurobegroting of resolutie-autoriteit, door nationale parlementen en het Europees Parlement, is het rapport nog niet concreet. Maar zo werkt Van Rompuy: steeds krijgen regeringsleiders, terwijl ze over de loper wandelen, beknopt te horen wat er nog komt. Terwijl de loper langzaam wordt uitgerold, wandelen zij alsmaar verder.