Lichamen op Dutchbat-compound in Srebrenica geïdentificeerd

Ban Ki-moon (r) en zijn echtgenote Yoo Soon-taek woonden afgelopen zomen een herdenkingsdienst bij, gehouden bij een monument in Potocari, bij Srebrenica. Foto ANP/

De vijf lichamen die in augustus zijn opgegraven op de voormalige compound van Dutchbat in het Bosnische Srebrenica, zijn geïdentificeerd. Dat meldt de hulporganisatie IKV Pax Christi vanavond.

Het Bosnische Instituut voor Vermiste Personen heeft vastgesteld dat het gaat om de 75-jarige Behara Djelilovic, zoals al werd vermoed. Van de overige lichamen was de identiteit niet bekend. Het blijkt nu te gaan om de 19-jarige Hajra Mulalic, de 57-jarige Hedib Dizdarevic en de 75-jarige Daut Mustafic.

Het vijfde slachtoffer is een baby. Het meisje overleed kort na haar geboorte in juli 1995. Zij is het jongste slachtoffer van de genocide in Srebrenica.

Zoektocht duurde jaren

De vijf lichamen werden deze zomer gevonden. Het was bekend dat hun graf bestond, maar niet waar het zich bevond. Voormalige Dutchbatters hebben zich jarenlang ingezet om het te vinden. De zoektocht werd bemoeilijkt doordat het ministerie van Defensie aanvankelijk geen informatie wilde vrijgeven.

De slachtoffers zijn inwoners van de moslimenclave Srebrenica die in de zomer van 1995 hun toevlucht hadden gezocht op de basis van de Nederlandse blauwhelmen. Enkelen van hen overleden voor de val van Srebrenica, door oorzaken als uitputting en gebrek aan water en medicijnen.

De Nederlandse blauwhelmen, die tot taak hadden Srebrenica te beschermen, weken uiteindelijk voor de Bosnisch-Servische troepen. Die vermoordden vervolgens ongeveer achtduizend moslimmannen en -jongens uit Srebrenica.

De lichamen zullen waarschijnlijk op 11 juli volgend jaar worden herbegraven op de begraafplaats in Potocari nabij Srebrenica.