Januskop in het Grote Merengebied

De beschuldigingen van de Verenigde Naties dat Rwanda de rebellen in buurland Congo steunt, voeden de twijfel in het Westen over president Paul Kagame. Maar wie kan op tegen de man die Rwanda streng en gedisciplineerd een nieuwe samenleving gaf na de genocide in 1994, die hij stopte – hij wél. In Oost-Afrika is hij bovendien populair.Koert Lindijer, Nairobi

RWANDA. 1994. Paul Kagame, commander of the Rwandan Patriotic Army, near the capital of Kigali. [lF][lF]Contact email: New York : photography@magnumphotos.com Paris : magnum@magnumphotos.fr London : magnum@magnumphotos.co.uk Tokyo : tokyo@magnumphotos.co.jp Contact phones: New York : +1 212 929 6000 Paris: + 33 1 53 42 50 00 London: + 44 20 7490 1771 Tokyo: + 81 3 3219 0771 Image URL: http://www.magnumphotos.com/Archive/C.aspx?VP3=ViewBox_VPage&IID=2S5RYDWS42NA&CT=Image&IT=ZoomImage01_VForm ©Gilles Peress / Magnum Photos

Hij is saai en wantrouwig, speelt fervent tennis en gaat op vakantie in Duitsland. Een organisatie voor de persvrijheid noemde hem een roofdier en een oppositiekrant vergeleek hem met Hitler. Maar hij rekent Bill Clinton, Bill Gates en Tony Blair tot zijn beste vrienden en Amerikaanse evangelisten zien in hem een Afrikaanse messias. Voor critici is de Rwandese president Paul Kagame een dictator die terecht moet staan voor het Internationaal Strafhof in Den Haag. Maar bewonderaars prijzen zijn ijzeren discipline, zijn zelfvertrouwen en eigenzinnigheid.

Wie is de echte Paul Kagame?

Geconfronteerd met een serie rapporten van de Verenigde Naties over Rwandese steun aan de rebellengroep M23 in Congo, worstelt de internationale gemeenschap met de ambivalenties van Rwanda en zijn president. Westerse landen zagen hem lang als een voorbeeld voor Afrika. Ze hadden bewondering voor de manier waarop hij Rwanda heeft opgebouwd na de genocide van 1994. Maar zijn statuur brokkelt af en de Verenigde Staten, Duitsland, Zweden, Nederland en Groot-Brittannië hebben ontwikkelingsgeld ingehouden.

In de onwezenlijke wereld van massaslachtingen in 1994 in Rwanda ontmoette ik Kagame voor het eerst. Met op de achtergrond een wilde rivier die probeerde ledematen af te rukken van lijken die verstrikt waren onder een opgeblazen brug. Kagame was zojuist van het front gekomen. Hij inspecteerde de noodbrug over de rivier en negeerde de ronddobberende handen en benen in het bruine water.

Achter zijn verlegen glimlach en studentenbrilletje school een briljante militair. De vraag die het handjevol journalisten tijdens de genocide op de lippen brandde, was of Oeganda achter het Rwandese Patriottische Front (RPF) van Kagame zat. Hij ontweek die vraag. Net als nu rond de crisis in Oost-Congo: hij laat nooit het achterste van zijn tong zien.

Die vraag kwam niet uit de lucht vallen. Kagame behoorde tot de in 1959 verdreven Tutsi’s die in Oeganda jarenlang zonnen op wraak. Hij groeide op in een vluchtelingenkamp en groeide uit tot guerrillastrijder. Hij hielp rebellenleider Yoweri Museveni de regering van Oeganda omver te werpen. In 1990 kwam hij aan het hoofd te staan van een leger van Tutsi-ballingen, dat Rwanda binnenviel.

In 1994 trokken journalisten van de ene stapel lijken naar de andere, voornamelijk in kerken. Kagame meed deze duivelse plaatsen, hij wilde zich niet laten leiden door wraakgevoelens. Zijn RPF maakte een einde aan de genocide waarbij 800.000 mensen om het leven kwamen, Tutsi’s en gematigde Hutu’s. Rwanda was na 1994 een uit het loodgeslagen, vergiftigd land dat Kagame ging leiden.

De manier waarop hij dat deed, wekte bewondering in het Westen. Kagame stelde zich tot doel een nieuwe samenleving te creëren. Hij verbood de termen ‘Hutu’ en ‘Tutsi’ en ontwikkelde een officiële versie van de gebeurtenissen in 1994. „Het was een genocide tegen de Tutsi’s, niet tegen gematigde Hutu’s”, zei Kagame tegen deze krant in 2003. „Er zijn ook Hutu’s gedood, maar dat was geen genocide.” Met een sterke staat en grote economische groei hoopt Kagame Rwanda van het vergif van 1994 te zuiveren. „We hebben ons best gedaan de Rwandezen te verzoenen. Onze politiek is correct.”

Twee miljoen Hutu’s, die in 1994 naar buurlanden waren gevlucht, werden doorgelicht en in nieuw gestichte dorpen ondergebracht. De regering werkte aan ingrijpende landhervormingen; oneerlijke landverdeling was een van de oorzaken van de genocide. Door middel van een traditioneel rechtssysteem werden in 11.000 dorpen ruim 100.000 moordenaars berecht. Om donorlanden te plezieren vinden er verkiezingen plaats. Rwanda, met hoge economische groeicijfers en weinig corruptie, groeide uit tot een donor darling.

Maar Kagame heeft ook een meedogenloze kant. Hij zag na 1994 meteen het gevaar van de naar Congo uitgeweken Hutu’s die verantwoordelijk waren voor de genocide en zonnen op wraak. Kagame en Joseph Kabila, later de president van Congo, waren betrokken bij militaire acties tegen de Hutu’s in 1996 en 1997 in Oost-Congo. Volgens het project Mapping Justice Congo van de Verenigde Naties kwamen de wraakacties van Kagames leger tot aan 2004 „neer op genocide”.

Van afstand of door directe interventie heeft Kagame altijd bemoeienis gehad met Oost-Congo, tot aan de inname van Goma vorige maand. Door de door Rwanda aangewakkerde strijd in Oost-Congo vielen meer doden dan bij de genocide. Kagames regering werd al in 2001 in een VN-rapport beschuldigd van plundering van grondstoffen in Oost-Congo. Dat zou ook nu het motief zijn voor steun aan M23.

Het Westen zag de destructieve inmenging van Rwanda in Congo lang door de vingers, maar het tij lijkt langzaam te keren. Kagame is echter een koppige man, waar hij zich graag op laat voorstaan. „Wij bieden geen excuses aan. Wij trokken Congo binnen vanwege onze veiligheidsproblemen. Als dat nodig is, doen we het opnieuw”, zei hij enkele jaren terug. Tijdens de huidige crisis in Oost-Congo hult Kagame zich in zwijgen en laat hij andere leden van zijn regering het woord voeren. Inmiddels hebben Rwandese politici zo vaak gelogen over hun rol in Congo dat niemand hen meer gelooft, ook Westerse bondgenoten niet.

Toch blijft de Rwandese regering ontkennen, met een heilig geloof in het eigen gelijk. Na de zoveelste ontkenning stapte ik naar een Rwandese minister om te vragen waarom hij tegen mij loog. „Omdat ik dacht dat je wist dat ik loog”, luidde zijn onthutsende antwoord.

De enorme hoeveelheid kritiek die Rwanda nu krijgt, laat Kagame onberoerd. Vrienden maken is niet zijn sterke kant. Zo warm hij is met familie, zo koel en berekenend is hij in zijn politieke bestaan. Hij is een asceet, ontbeert pronkzucht, raakt de drank niet aan en is indien nodig uiterst opportunistisch.

Toen George W. Bush Amerikaans president werd, bestonden er in Washington grote twijfels over Kagame. Hij haalde Amerikaanse evangelisten naar Rwanda, die in Kagame een verlosser zagen en bij geloofsgenoot Bush ten gunste van hem gingen pleiten. Is Kagame zelf ook een gelovige? „Ja en nee”, zei hij in gesprek met de Financial Times vorig jaar. „Ik moedig gelovigen aan te geloven.” De bedenkelijke rol van de katholieke kerk bij de genocide leidde tot zijn religieuze ambivalentie.

Fervente tegenstanders van Kagame hebben hem van talrijke slechte eigenschappen beschuldigd, maar niet van corruptie. En corrupt hoeft hij ook niet te zijn. Zijn RPF bouwde een zakenimperium op in Rwanda. Crystal Ventures, de investeringsarm van het RPF, is met 7.000 werknemers de grootste werkgever van Rwanda, op de overheid na. Het bedrijf heeft belangen in fabrieken, koffietenten, onroerend goed en een melkbedrijf ter waarde van mogelijk een half miljard dollar. Alleen de Ethiopische regeringspartij EPRDF, een voorbeeld voor Kagame, heeft een groter partijbedrijf. Crystal Ventures droeg miljoenen dollars bij aan de verkiezingscampagne van Kagame.

Kagame blijft door zijn discipline en economische succes populair in Oost-Afrika. Zijn bemoeienis met Congo doet vooral buiten Afrika afbreuk aan zijn naam. „Rwanda is door hem geen krankzinnig land meer”, zei een bron binnen het RPF. „Het probleem is dat hij zijn beslissingen niet op democratische wijze neemt. Wanneer breekt in Rwanda het moment aan voor meer tolerantie en vrijheid? En wie beoordeelt dat? Alleen Kagame heeft het antwoord.”