Vrouw: ‘Mensen willen iets vrolijks’

Mark Smit zette een kunsthandel op in het oude gemeentehuis van Ommen. Samen met zijn vrouw Anna: ,,In een crisis willen mensen geen donkere en sombere schilderijen. Licht en levendig moet het zijn.”

Foto David Galjaard

Anna Smit-Loor (38) is mede-directeur van kunsthandel Mark Smit. Zij is verantwoordelijk voor onder meer de exposities.

„Mark en ik kregen in 2001 een relatie toen ik bij Christie’s in Amsterdam werkte, op de afdeling 20ste-eeuwse schilderijen. Nog geen jaar later vroeg Mark me om samen met hem een kunsthandel op te zetten. Vanaf de eerste dag ging de samenwerking heel goed. Mark doet het meeste aan de in- en verkoop, het klantcontact en taxaties, ik ga over de presentatie van het werk, regel de twee tot drie exposities per jaar, stel de catalogi samen en onderhoud de website. Maar elke aankoop bespreken we samen, zowel vanuit kunsthistorisch als vanuit commercieel oogpunt.

„Wat ik een sterk punt vind van een familiebedrijf is dat je zo veel samen doet. Je brengt vaak samen een schilderij naar een klant bijvoorbeeld. Dat versterkt de band, zowel met het schilderij als met de klant. Dat is belangrijk, zeker nu in de crisis. Mensen kopen minder impulsief een kunstwerk en dan is die persoonlijke band waardevol. Van de crisis hebben we weinig last. Er gaat nu wel wat meer tijd overheen voordat een klant tot aankoop besluit. Maar dat vinden we niet erg. Een goed klantenbestand, aanwas van jonge klanten en het niveau van de collectie vinden we belangrijker dan dat de omzet elk jaar groeit. Het is niet zo dat mensen nu sneller kunstwerken van de hand doen omdat ze geld nodig hebben. Schilderijen zijn vaak al generaties in de familie, die hebben wel meer crises meegemaakt. Je ziet eerder het omgekeerde: dat mensen stukken in bezit houden, wellicht in de hoop dat ze op den duur weer in waarde stijgen. De crisis beïnvloedt wel de smaak van mensen: donkere schilderijen met een somber onderwerp zijn nu niet gewild. Lichte, levendige schilderijen zijn wel in trek. Mensen willen iets waar ze vrolijk van worden.”